Een maand bloggen – on a roll

blogcijfersExact een maand geleden, op 14 februari (Vastenavond) begonnen we aan onze 40 dagen bloggen-challenge. Exact een maand later kan ik maar liefst 28 blogs voorleggen. Dit is nummer 29/40. Tot op heden verloopt de uitdaging bijzonder vlot: voor het eerst in de geschiedenis van mijn blog heb ik een maand lang elke dag geblogd. Er is nog geen dag voorbijgegaan zonder dat ik iets op papier gezet heb. En dat zonder strak plan of doorgedreven voorbereiding.

Toen ik eraan begon, had ik wel de bedoeling om zo lang mogelijk door te gaan zonder skipdagen in te zetten. Om – in tegenstelling tot vorig jaar – mijn pasbeurten enkel te gebruiken als ik er echt niet toe zou komen te bloggen. Maar tot nu toe is er elke avond wel een moment geweest om iets te schrijven. Het zijn zeker niet altijd de meest grootse berichten en af en toe zet ik ook wel eens een tag of een stokje in als ik even zonder inspiratie zit, maar dat vind ik eigenlijk best OK.

Word je dat niet beu, elke avond aan de bak moeten? Op dit moment niet, neen. Integendeel, het is écht wel een ogenblik van ontspanning en de blogs vloeien er momenteel zonder al te veel moeite zo uit. Ik heb de voorbije 4 weken nog geen moment gehad dat ik zonder ideeën voor de computer ging zitten om ‘m dan een paar uur later moedeloos en zonder resultaat opnieuw dicht te klappen.

Bovendien ben ik er afgelopen weekend voor het eerst in geslaagd om voor de komende week een hele blogplanning op papier te zetten. Op zaterdag wist ik al wat ik op welke dag van de week zou schrijven en/of publiceren. Ook wist ik dat er deze week momenten zouden zijn dat ik niet zou kunnen bloggen en toch ben ik erin geslaagd om op voorhand te werken, een blogbericht in te plannen en te laten publiceren op een vooraf ingegeven datum en tijdstip. Dat deed ik eerder nog maar 1 (één!) keer. Er worden hier dus serieuze bloggrenzen verlegd.

Tegen het einde van deze uitdaging ben ik gewoon een strak georganiseerde blogster geworden die nog aan het bujo’en gaat, vaste planningen opstelt, ideeën noteert in één of andere app op haar gsm en vooruit werkt 😉. (Hahaha, not!) Maar, al heb ik op dit moment de 40 dagen nog niet gehaald (nog 11 blogs te schrijven), ik vind voor mezelf dat ik de ingebeelde medaille wel al verdien. Met deze erbij 29 op een rij, een planning op papier én vooruit werken. Dat vroeg om een bloemetje, gelukkig hadden we er al schone in huis 😉.

20180314_133028[1]

14 op 14 #40 dagen bloggen

40dagenbloggenTwee weken ver zijn we intussen in de 40 dagen bloggen-challenge en voorlopig loopt alles vlot. We haalden tot op heden 14 op 14, hebben nog geen pasbeurt moeten inzetten en er begint zo stilaan structuur in te komen. Uiteraard leert een mens van zijn fouten. Zo wist ik dit jaar wel van in den beginne dat ik 40 tekstjes zou moeten schrijven. Ik probeer mijn pasbeurten dan ook te reserveren voor de dagen dat ik ze écht zal nodig hebben. Vorig jaar had ik na 14 dagen immers al 3 pasdagen ingezet en moesten er nog 26 blogjes volgen. Een kleine misrekening die ervoor zorgde dat ik op het einde onverwacht – wegens niet ingecalculeerd – naar een rijtje van 20 na elkaar moest. Wat dankzij de Paasvakantie en bijhorend verlof uiteindelijk wel lukte, maar het was best pittig.

Een paar tussentijdse conclusies:

  • Ik blog meestal vanuit de inspiratie van het moment. Maar in deze blogmarathon is het wel handig om een aantal vaste rubriekjes achter de hand te hebben. Dat we op donderdag rond “ouderzonden” kunnen bloggen, is een welgekomen rustpunt, net als de “Vijf op vrijdag” die ik vorige week weer invoerde. Dat maakt dat er twee dagen minder zijn waarover ik moet nadenken en dat geeft rust.
  • De leukste blogdagen zijn degene waarop ik ’s morgens een inval krijg. Dan zit ik meestal een hele dag op dat ene onderwerp te kauwen. Maar dan zit de tekst wel klaar in mijn hoofd tegen het moment dat ik achter de computer kruip. En dan gaat het schrijven verbazend vlot. Als ik nog geen onderwerp heb tegen het moment dat ik de laptop open klap, kan ik wel eens langdurig naar een leeg scherm zitten staren vooraleer de inspiratie komt.
  • De planning steekt nog altijd volledig in mijn hoofd. Enkel en alleen in mijn hoofd. Niks op papier, niks neergeschreven. Al heb ik voor de periode die nu komt, wel een zekere structuur uitgedacht. Ooit komt er een moment dat ik écht tijd maak om dit allemaal neer te schrijven op papier.
  • Vooruitwerken lukt nog steeds niet. Op eens een eenzame uitzondering na. Een paar teksten achter de hand hebben, zou nochtans wel rust geven in deze hectische blogperiode. Maar ook hier geldt dat je dan eerst een aantal uur moet vrijmaken om deze teksten vooraf te schrijven en die momenten ontbreken.
  • Er wordt momenteel ontzettend veel geblogd, in het kader van deze 40 dagen bloggen-challenge. En dat brengt inspiratie én zet aan tot actie. Het is trouwens fijn om rond te neuzen, nieuwe ontdekkingen te doen en af en toe eens een tag of een blogstokje te gaan lenen.
  • Grappig, maar net als vorig jaar moet ik ook nu weer constateren dat ik absoluut niet zonder inspiratie val. Integendeel. Hoe meer ik blog, hoe meer onderwerpen opduiken. Soms brengt het ene het andere mee en af en toe raak ik geïnspireerd door een blogcollega.

14 dagen achter de rug, nog 26 te gaan (+ 6 pasdagen). Voorlopig zie ik het nog helemaal zitten en gaan we voluit voor de uitdaging. Benieuwd hoe ver we raken, maar 1/3 is al achter de rug en we’re still going strong 😉. Op naar de volgende 14…

Ouderzonden #4 – Invidia

Een nieuwe bloguitdaging, ditmaal in het leven geroepen door Romina en Annelore. Dit jaar bloggen wij allen samen over de zeven hoofdzonden, toegepast op het ouderschap.  #ouderzonden, met andere woorden. De vierde uitdaging draait rond:

#4 Invidia (nijd – jaloezie – afgunst) Wat zou je direct overnemen van een andere ouder mocht je kunnen?

Dit vond ik absoluut geen moeilijke uitdaging. Hier lag het antwoord voor mij voor de hand. Als ik iets mag kiezen om over te nemen van andere ouders, dan zou het hun strakke organisatie zijn. Niet dat ik écht ontevreden ben over hoe het bij ons loopt en niet dat het hier absolute chaos is, integendeel. Maar af en toe loopt er wel eens iets in het honderd. Zonder dramatische gevolgen, maar het bezorgt me stress en het blijft een hoop gedoe om een dergelijke vergetelheid recht te zetten of op te lossen.

Wat liep/loopt er dan wel eens mis? Af en toe verliezen we iets uit het oog. Zo hebben we ooit eens een verjaardagsfeestje gemist. De zwemles van de kinderen vergeten was dan weer vaste prik. Tot onze verdediging moet ik er wel aan toevoegen dat de zwemles eens om de drie weken was en dat ze dan af en toe nog uitgesteld werd ook, wat het dus eigenlijk zo goed als onmogelijk maakte om die data in je hoofd te steken. Ook turnzakken hadden we meer niet dan wel bij en het gebeurde meer dan eens dat we op school arriveerden en dan de klasgenootjes van onze dochters met laarzen, fietsen,… zagen en wij niet op de hoogte waren. Maar ook de naai-, dans- of tennisles hebben we al eens per ongeluk en zonder te verwittigen overgeslagen. Eén enkele keer stond ik zelfs op school toen de kinderen een pedagogische studiedag hadden…

Wat hebben we in de loop der jaren al geprobeerd om er toch enigszins een systeem in te krijgen? We hebben een kalender hangen in de keuken en daar proberen we alle afspraken op te noteren. (Wat intussen vrij consequent gebeurt door mezelf en de echtgenoot, bij de dochters vallen we nog regelmatig uit de lucht met hun last minute-afspraken.) We hebben een Google-agenda waarin ik in het begin van het jaar alle belangrijke schooldata noteer en familieafspraken plaats. Ik nodig dan verder de betrokken familieleden uit, zodat iedereen een kwartier op voorhand toch een melding krijgt dat er iets te gebeuren staat (al moet je je gsm dan uiteraard wel in de buurt hebben én horen 😉!)…

Intussen werkt dat systeem min of meer naar behoren, het gebeurt nog maar zelden/af en toe dat we een afspraak missen, maar het vergt wel nog altijd veel energie. Ik ben immers de beheerder van de agenda: ik plaats er de afspraken in, ik verstuur de uitnodigingen, ik ben degene die de agenda meestal in het hoofd heeft zitten en dus de andere leden herinnert aan hun afspraken. Maar als mijn geheugen dan vol zit (omwille van professionele deadlines of andere beslommeringen) of als ik niet of later dan gewoonlijk thuis ben, dan loopt het nog steeds wel eens mis.

Wat zou ik in het ideale geval nog willen verbeteren? Ik zou het graag verder zien gaan dan alleen agendabeheer. Werken met een weekmenu en daar boodschappen- en takenlijstjes aan koppelen zodat we op dat vlak tijd kunnen winnen, zou fijn zijn. Daarnaast zou ik ook voor mijn blog eindelijk eens willen gaan plannen en vooruit werken. Maar om de één of andere reden hebben we daar geen ruimte voor. Om tijd te winnen, moet je eerst tijd uittrekken om je organisatie op poten te zetten. Maar net die momenten ontbreken omdat we te veel energie steken in het gewoon draaiende houden.

En dus blijft het elke keer weer bij goede intenties. Allicht ook omdat het uiteindelijk ook gewoon draait. Soms eens met een kinkje in de kabel, maar voor het overgrote deel kabbelt onze gezinsorganisatie hier gewoon verder. En als wij daar mee kunnen leven en daar niet al te veel hinder van ondervinden, zal de nood allicht niet zo hoog zijn. Maar telkens ik een organisatieblog lees of getuigenissen van hoe een degelijke planning of bijvoorbeeld een bullet journal een verschil maakt of onmisbaar is voor het huishouden van.., dan blijf ik denken: “Daar moeten we dringend ook eens werk van maken. Morgen beginnen we eraan. Volgende week. Of tijdens mijn week verlof…”

Ooit komt het ervan. Denk/hoop ik 😉…

 

De jacht op kerstcadeautjes…

christmas shopping

(www.someecards.com)

Je hebt mensen in allerlei soorten en maten. Zo zijn er die al in augustus ideeën hebben voor de kerstcadeautjes en dan al beginnen te verzamelen. Mensen die allicht eind september al volledig klaar zijn met het hele kerstgedoe en stilaan al plannen kunnen beginnen te maken voor de volgende editie. Ik heb daar ongelooflijk veel bewondering voor, maar ik ben dus niet zo. Pas nadat de Sint uit het land is, denk ik voor het eerst aan Kerstmis. Vaag, want in mijn ogen hebben op we dat moment nog zeeën van tijd om aan de kerstcadeautjes te beginnen. Bovendien plan ik altijd een weekje verlof voor de kerstvakantie en dat is het ideale moment om te shoppen. Zo zit het toch in mijn hoofd.

En dus trokken we gisteren met ons drietjes naar Wijnegem. Kwestie van een kerstoutfit te scoren en misschien toch ook wat kerstcadeautjes te vinden. Het was heel gezellig, maar we kwamen wel met lege handen thuis. En dat had ik eigenlijk kunnen weten.

  • Ik heb een hekel aan de drukte. Het begon allemaal al met het “gevecht om de parkeerplek”. Het is daar in Wijnegem zo’n warboel, zeker als je niet beneden kunt parkeren, maar het dak op moet. Maar gelukkig was er nog wel een plekje vrij en konden we ons in het winkelgewoel storten. Het werd wel snel duidelijk dat “cadeautjes shoppen” misschien toch niet zo’n sterk idee was geweest. Zowel in de Rituals als in de Flying Tiger stonden rijen van minstens 20 personen aan te schuiven. Ook in de Panos waren er 40 wachtenden voor ons.
  • Geduld is niet mijn sterkste kant. Hoewel het eigenlijk allemaal best goed vooruit ging, hebben we de wachtrijen gelaten voor wat ze waren. Geen Rituals, geen Flying Tiger, geen Panos en ook geen winkelbon voor Wijnegem. Niet dat we dat van plan waren, maar dat zal je dus al zeker niet onder onze kerstboom vinden dit jaar.
  • Ik heb een hekel aan rommel. Kleren shoppen kan aangenaam verlopen als je een overzicht krijgt van hetgeen een winkel te bieden heeft. Met onze tienerdochters komen we regelmatig in de Zara (de kleinere maten zijn er perfect voor meisjes die de overgang maken van kind naar vrouw), maar ordelijk is het er enkel vlak na opening. Een jeansbroek vinden is er een onmogelijke opgave van zodra er een klant is gepasseerd. Alles ligt er door elkaar, wat ooit een ordelijke stapel van éénzelfde soort broek was, is tegen de middag een kluwen van allemaal verschillende broeken door elkaar en de maat en de soort waar jij je zinnen op hebt gezet is altijd onvindbaar. Zucht.
  • Het “schoonste” in de mens komt boven in zo’n shopwalhala. Mensen die ruzie maken voor die ene broek in een bepaalde maat. Je staat te kijken naar een mooie trui, zoekt naar de maat en iemand komt die onbeschaamd voor je neus weghalen. Je staat aan de kassa aan te schuiven en altijd zijn er wel die de wachtenden voor hen “niet gezien hadden”. Het zou de periode van vrede op aarde moeten zijn, maar van zodra een mens een voet over de drempel van een winkel zet, is het blijkbaar gedaan met alle “goede wil”.

Dat het misschien toch alweer niet zo’n ingenieus idee was, besefte ik toen we het na een dikke drie uur voor bekeken hielden. Laat ons zeggen dat de buit mager was en we eigenlijk alledrie met hoofdpijn buiten kwamen. En dus zullen we – ook naar jaarlijkse gewoonte – onze kerstshopping toch maar weer in “ons” Heist-op-den-Berg doen.

En misschien moeten we volgend jaar in augustus toch al eens aan de cadeautjes beginnen denken. Alhoewel ik vrees dat ik ze dan zo goed verstop dat ze in december onvindbaar blijken en we last minute alsnog voor reservecadeautjes moeten gaan shoppen 😉! Misschien moeten we ons er gewoon bij neerleggen dat we te oud zijn om nog te veranderen en gewoon “go with the flow”. (Maar dan liever niet in Wijnegem, de week voor de kerstvakantie…)

Herfstelijke nestdrang…

Nu de temperaturen een duikje genomen hebben, het weer overwegend grijs is en we regelmatig buien over ons heen krijgen, kunnen we er niet langer omheen: de herfst is in het land. Ik sta hier niet bepaald te juichen. Zeker de eerste regendagen durf ik me wel eens te wentelen in heimwee naar warmte en zon. Maar gelukkig past een mens zich aan en al snel blijken er toch ook weer wat voordelen bij het nieuwe seizoen te horen.

  • We mogen weer onze winterkleren uit de kast halen. Kijk, het enthousiasme in de lente wanneer de zomerspulletjes voor het eerst weer gedragen worden, wanneer je voor het eerst een jurkje of rokje kan dragen met blote benen, is altijd groter. Maar het blijft wel leuk om na het zomerseizoen weer eens andere kleren te kunnen kiezen. Om in je garderobe weer stukken te ontdekken waarvan je het bestaan bijna vergeten was. Om voor het eerst terug een sjaal te kunnen dragen. Om mezelf te kunnen inpakken in mijn rode wintermantel en te genieten van de warmte.
  • Weg met de sandalen, leve de laarsjes! Het is fijn om sierlijke, vrouwelijke, meestal hoge sandalen en pumps te dragen, maar dat gaat ook vaak gepaard met een slippertje hier of een valpartijtje daar. De combinatie van hoge schoenen, flexibele enkelgewrichten, een stevig tempo en een aangeboren onhandigheid durft in de zomer al eens tot gênante situaties leiden. En dus ben ik telkens ook weer blij als de laarzen uit de kast mogen. De laatste jaren geef ik de voorkeur aan stoere boots. Die toch ook hoog zijn. En waar we de afgelopen 2 weken toch ook al 2 keer mee gestruikeld zijn. Maar het is de stoere gedachte die telt!
  • Witloof met ham en kaas! Een hele zomer geniet ik van pasta, van slaatjes, van barbecue. Van uitgebreid tafelen met een glaasje wijn erbij zonder urenlang in de hete keuken te moeten staan. Van zodra het weer omslaat, krijg ik net zin in uitgebreid koken. En dan mag er gerust ook weer wat stevigere kost op het menu. Dan kan ik ’s morgens slechtgezind worden van het grijze regenweer, tot ik nadenk over wat we zullen koken en ik me ineens realiseer dat het seizoen van het witloof weer begonnen is. En dat smaakt nooit beter dan de allereerste keer na het lange zomerseizoen. Gisteravond dus. En vandaag, om er meteen goed in te vliegen 😉.
  • Het ijsjesseizoen is voorbij, maar het bakseizoen is begonnen. Cake, koekjes! Het kriebelt echt om de oven weer aan te steken en het huis te laten geuren naar vers gebak. Alleen nog eens een uurtje tijd vinden (of maken).
  • Van zodra het grijs wordt, de temperatuur een duik neemt en de regen met bakken uit de lucht valt, heb ik de neiging om te nestelen: kaarsjes aan, een tv-dekentje erbij en lekker languit in de zetel tijd maken voor het nieuwe tv-seizoen. Maar het valt dit jaar wel een beetje tegen: buiten Prison Break is er momenteel niet geweldig veel te zien. Dan toch maar Netflix? Laat ons zeggen dat we hier voor het eerst een opening maken om de vooruitgang in onze tv-wereld binnen te brengen. Onze dochters juichen al bij voorbaat, maar we zijn er nog niet 😉.
  • We mogen de kachel al eens aansteken. Elk jaar kijk ik uit naar de allereerste keer houtvuur. Dan ga ik ervoor staan tot mijn kaken rozig zijn van de warmte. Daarna treedt er jammer genoeg weer gewenning op.

img_7358September is elk jaar opnieuw druk. Na twee vakantiemaanden gaat het tempo de hoogte in. Er komt zoveel tegelijkertijd op ons af, er valt zoveel te doen. Het is wennen, het is aanpassen, het is een nieuw ritme zoeken. Maar na een paar weken verloopt er al eens een dag rimpelloos. Af en toe hebben we zelfs een gevoel van controle. Dat ook prompt weer voorbij gaat 😉. Maar op die schaarse momenten van rust kan het vele moois dat de herfst toch ook te bieden heeft, mij écht wel gelukkig maken.

Tot alles hier weer in het honderd loopt, het buiten stormt en ik al luidop begin af te tellen naar (lees: zagen om) de eerstvolgende zonnige, hete zomerdag…

Aanval van opruimwoede

Soms heb je zo van die dagen. Je begint aan je dagelijkse routine met de normale taken voor de boeg, maar je raakt geïnspireerd of afgeleid, hoe je het ook wil noemen. Op het einde van de dag heb je redelijk wat werk verzet, maar is je to do-lijstje nog volledig intact. Ik heb regelmatig zo’n dagen. Ik zou mezelf zeker niet het meest georganiseerde huishoudelijke type noemen, maar ik kan wel veel werk verzetten. Al doe ik misschien niet altijd de meest nuttige zaken op de meest logische momenten.

Zaterdag was weer zo’n dag. Weekend, dus het moment om het huishouden op orde te krijgen en wat klusjes van het lijstje te schrappen. Keert elk weekend terug: de was en plas. Dat begint uiteraard met het verzamelen van het wasgoed. Nu hebben wij onze verzamelmanden, maar “sprokkelen” hoort er uiteraard ook altijd bij. Want op de bureaustoelen van onze dames durft zich ook wel één en ander ophopen. Ik doe dus mijn wekelijkse ronde in huis en in de badkamer erger ik me – voor de zoveelste keer die week – aan de uitpuilende wastafels. En dus gooi ik de verzamelde was op een hoopje in de gang en begin ik de wastafels op te ruimen.

Maar ook de badkamerkastjes puilen uit van de ongebruikte haar- en verzorgingsproducten. Sommigen al jaren oud, ergens verborgen in een vergeten donker hoekje. Dus ruim ik ineens ook de badkamerkasten op. Ik gooi een aantal zaken meteen weg, sorteer de vraagtekens en laat de dochters (mee) knopen doorhakken. Een paar uur later zijn de wastafels opgeruimd, hebben we opnieuw ruimte in de kasten, maar puilt de vuilbak wel uit (en bleken de meeste ongebruikte spullen JAREN over tijd te zijn).

Intussen ben ik wel vergeten de was te sorteren en een wasmachine op te zetten. Jammer op zo’n mooie zaterdag, een perfecte dag om de was te laten uitwaaien. Tot ik de badkamer inloop en opnieuw blij word van de leegte. Rommel opruimen schept bij mij telkens opnieuw ruimte in mijn hoofd. Het geeft rust. Ik kan niet koken als het aanrecht vol staat, op één of andere manier leidt dat af. Ik kan een paar keer de badkamer inlopen als de wastafels vol staan, maar dat geeft me op den duur echt een benepen gevoel. Het is alsof de rommel de ruimte in mijn hoofd nog kleiner maakt dan ze is. En dan kan ik niet denken of creatief zijn. Rommel beknot.

organize

(www.pinterest.de)

En dat opruimen? Ik word er stilaan goed in. Daar waar je bij de eerste opruimbeurten nog niet durft categoriek te zijn (blijven of weg), maar toch redelijk wat “twijfelgevallen” over houdt, lukt het hoe langer hoe beter om de categorie “twijfelgevallen” miniem te houden, of te schrappen. Eigenlijk is het simpel: als je het al die jaren nooit gebruikt hebt, zal je dat de komende weken of jaren ook niet ineens gaan doen. Weggooien dus. Of een tweede leven geven bij mensen die er wel wat aan hebben. Op een rommelmarkt bijvoorbeeld, of in de kringwinkel.

Grappig hoe een heel maatschappelijk model gericht is op het verwerven van hoe langer hoe meer spullen, maar je eigenlijk veel blijer wordt van het opruimen of het scheppen van rust. En van zodra je je écht aan het opruimen zet, blijkt er toch héél veel in de categorie “overbodig” te zitten. Veel meer dan je op het eerste gezicht zou denken. Nu er weer ruimte is in mijn badkamer (en mijn hoofd) moet ik daar misschien eens over filosoferen 😉.

Studeerdromen of nachtmerries…

Ik ben intussen al twintig jaar afgestudeerd en toch heb ik zo’n paar keer per jaar “studeerdromen”. Dan beleef ik in mijn dromen zeer levendig een aantal situaties opnieuw uit de periode dat ik moest blokken en examens afleggen. En uiteraard zijn het nooit de ideale situaties die ik opnieuw beleef, maar wel de alles-loopt-mis-examens.

Een kleine kanttekening: ik was eigenlijk best een goede student, als je puur het resultaat bekijkt. Ik heb altijd eerste zit gehaald, enkel mijn thesis leverde een extra jaar op. Maar ik was – ook toen al – niet het best georganiseerde type. En ik had het talent om veel leerstof te verwerken/te blokken in korte tijd. Jammer genoeg ga je daar héél erg op vertrouwen én voel je dus niet de noodzaak om op voorhand goed georganiseerd te studeren. Je kan je dus ook best wel eens misrekenen. Tijdens elke examenreeks was er wel minstens één “kleine” misrekening die me bijzonder veel stress opleverde. En dat zijn uiteraard de situaties die ik nu, jaren later, in mijn dromen telkens herbeleef.

Op voorhand mocht ik dan misschien niet zo’n planner zijn, tijdens het studeren zelf verliep alles strak getimed. Dan wist ik perfect hoeveel bladzijden ik per uur diende te studeren en dan rekende ik uit hoeveel uur ik nodig had om er te komen. Meteen wist ik dan ook hoeveel tijd ik nog had om te slapen. De “nacht doordoen”, probeerde ik echt niet te doen. Ook toen was ik me er al van bewust dat er tijdens je slaap iets gebeurt waardoor je hetgeen je net gestudeerd hebt, dieper verwerkt. Bovendien was ik geen nachtbraker, wel een ochtendmens (ik ken er een heel aantal die nu eens goed gaan lachen) in het studeren. Rond een uur of 11 ging ik dus slapen, om dan soms rond een uur of 3 weer op te staan en de rest van de cursus verder te studeren.

Maar soms verliep het studeren toch wat trager dan voorzien. Dan kreeg ik mijn geplande aantal pagina’s er niet door en moest ik dus gaan beknibbelen op mijn geplande slaaptijd. Er zijn wel een aantal examens geweest (Algemene Taalkunde, bijvoorbeeld. Niet mijn favoriete vak, trouwens) waarbij ik maar twee uurtjes overhield om te slapen. En dan raak je natuurlijk niet meteen in slaap en dan word je verschrikkelijk nerveus en slaap je niet, of amper een uurtje.

examen

(www.loesje.nl)

Het was geen fantastisch examen. Ik had wel alles gestudeerd, maar op het examen zelf was het één warboel in mijn hoofd. Bovendien was het dan nog eens een multiple choice-examen, wat sowieso al verwarrender was. Het bleek achteraf een 8 op 20 te zijn, maar aangezien ik maar één buis had, werd ik gedelibereerd. En toch is dit het vak dat mij het meest achtervolgt in mijn dromen. Telkens opnieuw voel ik de gejaagdheid van toen. Ik weet nog dat ik na een halfuur proberen in te slapen terug uit mijn bed gekomen ben om op de gang van de peda waar ik toen zat wandelingetjes te maken in een poging om te kalmeren. Als ik dit nu herbeleef in mijn dromen, word ik telkens opnieuw wakker met een bonkend hart van de spanning. Dan duurt het telkens een paar seconden vooraleer ik besef dat ik écht geen examen hoef te gaan doen, vooraleer mijn hart terug kalmeert…

De andere situaties komen iets minder vaak voor, maar hebben allemaal dezelfde uitkomst. Ik word wakker met een gevoel van desoriëntering en het duurt telkens even vooraleer ik besef dat ik geen examen moet gaan afleggen. Wat loopt er in mijn dromen nog mis? Ik heb het verkeerde vak gestudeerd, ik krijg een complete black-out, ik ben mijn boeken thuis vergeten en verlies dus ongelooflijk veel tijd met die op te gaan halen (dat was vannacht). Heb ik alles zelf meegemaakt? Niet echt, soms verbind ik in mijn dromen dingen die eigenlijk los staan van elkaar. Zo durfde ik in de periode dat ik naar Leuven moest inderdaad héél vaak zaken thuis vergeten, maar mijn cursussen waren daar nooit bij. Maar de keren dat ik zonder mijn handtas, mijn portefeuille of zonder geld in Leuven stond zijn dan weer niet op één hand te tellen.

Een keer heb ik echt een black-out gehad. Dan kreeg ik een vraag op het examen ethiek in tweede kan en wist ik precies waar het antwoord in mijn cursus stond, ik kon zelfs aangeven in welke kleur ik het titeltje gekleurd had, maar wat er precies onder de roze titel stond, daar kon ik jammer genoeg niet meer opkomen.

Studeren voor het verkeerde examen of een examen compleet “vergeten” is me gelukkig nooit zelf overkomen, maar twee vrienden uit onze vriendenkring hebben ooit ’s namiddags bij een prof gestaan terwijl ze daar eigenlijk in de voormiddag examen hadden moeten afleggen. Gelukkig was er begrip en hebben ze het examen later in de reeks opnieuw mogen afleggen.

Ik heb nochtans heel goede herinneringen aan mijn Leuvense periode: ik heb er de echtgenoot leren kennen, ik ben er mezelf meer dan eens tegengekomen en de periode heeft me – meer dan welke andere periode in mijn leven – heel erg gevormd. We keren graag terug naar Leuven voor een avondje uit, voor een trip down Memory Lane, maar heel vaak wordt zo’n avondje uit gevolgd door een nacht vol onrustige studiedromen. Het zal trouwens iets erfelijks zijn, want ook mijn vader heeft – bijna 50 jaar na de feiten – nog wel eens dergelijke dromen. En hij was wel de ideale student…

Maar ik was deze morgen bij het ontwaken vooral ongelooflijk opgelucht dat het nog altijd weekend was en dat ik niet aan Algemene Didactiek (sic) moest beginnen studeren!

#40 Dagen Bloggen: onrealistisch?

40dagenbloggenTournée Minérale is net afgelopen. 40 dagen Zonder Vlees is net begonnen. Over het eerste kunnen we kort zijn: tijdens het tweede weekend ging het twee keer mis: één mojito en één glaasje cava, en we hebben het dus niet gehaald. Ook al heb ik de rest van de maand absoluut niks gedronken, heb ik daar geen enkele moeite mee gehad en heb ik het ook niet gemist. 40 dagen Zonder Vlees vind ik een moeilijke. Ik heb heel lang getwijfeld om al dan niet mee te doen, maar we moeten daar eerlijk in zijn: 40 dagen volledig zonder vlees zou ik op dit moment nog niet halen. Minderen met vlees doe ik sowieso en ik heb me voorgenomen om binnenkort eens wat te gaan experimenteren, maar ik heb intussen wel geleerd om niet te veel hooi tegelijk op mijn vork te nemen, aangezien ik momenteel ook probeer om meer fruit te eten en opnieuw meer te gaan sporten.

Maar toen via Kathleen van De Verbeelding en Tuttefrut de uitdaging “40 dagen bloggen” passeerde, heb ik me zonder veel na te denken wel ingeschreven. Zoals dat meestal gaat, ben ik er achteraf wel beginnen over na te denken en denk ik dat het compleet onhaalbaar is, ondanks de 6 “pasdagen” die je krijgt en die je indien nodig kan inzetten. Waarvan ik er eentje trouwens al gebruikt heb op dag één.

Inspiratie om te bloggen zal allicht niet het probleem zijn. Niet alleen hebben we een lijstje onderwerpen gekregen om 56 dagen over te bloggen, maar eigenlijk heb ik in de 3,5 jaar dat ik blog nog nooit zonder onderwerp gezeten. Soms word je overspoeld door inspiratie en kan je in één keer 5 blogonderwerpen in een schriftje noteren. Soms moet je wat zoeken, heb je een idee, begin je aan een blog en krijgt die pas vorm tijdens het schrijven zelf. Vaak wordt het dan een heel andere blog dan je initieel in je hoofd had. Soms kan je wel eens eindeloos achter je computer op een leeg Word-doc zitten staren, begin je te typen, herschrijf je je zin, wis je die weer en schakel je uiteindelijk een uur later de computer uit zonder dat je ook maar iets deftigs op papier kreeg. Om dan de volgende ochtend ineens wel een geweldig idee te krijgen.

Mijn grootste probleem in de hele uitdaging zal allicht “tijd” worden. Hoe ga ik het in hemelsnaam combineren om tegelijkertijd te gaan werken, mijn huishouden draaiende te houden en ook nog eens dagelijks minstens een uur te schrijven? Ik ben immers niet van het vooruitziende en georganiseerde type. Ik schrijf meestal over wat er vandaag in me opkomt, over de inspiratie van het moment. Veel bloggers hebben concepten of afgewerkte bloggen klaarstaan en plannen vooruit. Dat heb ik – op een enkele uitzondering na – nog nooit gedaan. Ik zal deze keer moeten proberen om in het weekend wel vooruit te werken en op vrije momenten meerdere posts klaar te maken en reserve te houden voor dagen waarop het me niet zal lukken om te schrijven.

Dat zal voor mij allicht de grootste uitdaging worden tijdens deze 40 Dagen Bloggen-periode. Zal het me lukken om eindelijk eens wat structuur en organisatie te krijgen in deze hobby? En hoe voel ik me daarbij om iets wat ik als “speels”, “luchtig”, “vrij” ervaar toch in een soort keurslijf te steken? Hoewel ik ooit professioneel geschreven heb, heb ik dat nooit als een “beroep” of een “ambacht” ervaren en misschien is net dat hetgeen me ontbreekt. Héél erg diep weggeborgen zit immers een ideetje voor een boek. Maar het komt er eigenlijk nooit van om er tijd in te investeren, om een planning op te maken voor het opzoekwerk, voor het eigenlijke schrijven. Organisatie, structuur staat voor mij eigenlijk lijnrecht tegenover “leuk, speels, vrij”. Misschien kan ik het nuttige aan het aangename leren koppelen en ondervind ik eindelijk dat beiden elkaar versterken in plaats van elkaar tegenwerken.

Maar nu eerst 40 dagen elke dag een tekstje schrijven…

Afscheid nemen #minimalisme

Opruimen is hier (soms) de rommel verplaatsen naar die ene kamer die niet in gebruik is, in afwachting van een definitieve oplossing, en dan de deur dichttrekken zodat je er niet te vaak mee geconfronteerd wordt. Dat werkt meestal een tijdje, tot je die ene kamer (in ons geval de logeerkamer) echt wel nodig hebt. En dan moet je je toch aan een serieuze opruimactie wagen. Dat was gisterochtend bij ons het geval.

Maar het één leidt tot het ander en meestal loopt zo’n kleine opruimactie een beetje uit de hand. Want meestal is zo’n kamer het verzamelpunt van “verschillende soorten rommel”. Je hebt de spulletjes die we al aan het verzamelen zijn om ermee naar de rommelmarkt te trekken. Je hebt ook de spulletjes die we eens naar het containerpark of de kringwinkel moeten brengen, maar die we in afwachting toch uit het zicht leggen. En dan heb je de categorie twijfelgevallen. Die we eigenlijk al opgeruimd en afgeschreven hebben, maar waar we om verschillende redenen toch geen afscheid van kunnen nemen. Die eindigen meestal op zolder, waar ze jaren later nog staan te twijfelen.

Het probleem met een kleine opruimactie is dat het in mijn hoofd niet lukt om het beperkt te houden tot datgene wat ik me voorgenomen had, namelijk die ene kamer vrij maken. Zo ook gisteren. In de kamer lagen immers ook onze oude gordijnen, in afwachting van een definitieve oplossing. In eerste instantie dachten we ze naar onze zolder te verhuizen, maar dus vroeg de echtgenoot zich af of we ze niet beter in plastiek zouden inpakken. Wat ik veel gedoe vond voor iets dat we allicht nooit meer zouden gebruiken. En dus belde ik de kringwinkel met de vraag of zij ze niet konden gebruiken. Misschien wel, maar dat konden ze enkel ter plekke bepalen (afhankelijk van de kwaliteit na 10 jaren in gebruik geweest te zijn).

En dus laadden we de gordijnen in de wagen. Maar misschien konden we dan meteen ook wat  kinderkleertjes meenemen. Sommigen waren al 15 jaar oud en zijn intussen door de oudste, de jongste en het nichtje gedragen. Voorlopig zijn er ook geen meisjes meer in onze directe omgeving en ze houden tot we ze aan kleinkinderen konden overdragen leek ons niet zo’n sterk plan. Wij wilden onze kleertjes graag een vierde leven gunnen. En dus reden we met de gordijnen en een eerste lading kleertjes naar de kringwinkel, waar we alles zonder problemen kwijt raakten.

20161022_1301411_miniIntussen hadden we de auto een tweede keer gevuld. De oudste kleertjes zaten echter in plastieken dozen, met daarop “92-98 winter, 86 zomer,…”. De dozen mochten we houden, maar de kleertjes moesten wel de container in. En dus haalden we al onze dozen leeg. En daar had ik toch wel even moeite mee. Toen ik een rokje zag dat onze dochters beiden droegen toen ze als bruidsmeisjes de suite vormden voor het huwelijk van hun oom, moest ik echt wel even slikken. Zoveel mooie herinneringen, zoveel mooie kleertjes, ook al zijn ze allicht wat gedateerd, afgebleekt of uit de mode. En onze dochters waren er ooit zo schattig mee. Het deed even pijn om dat allemaal achter te laten.

Gelukkig was de echtgenoot erbij, “nu kan een ander kindje er nog iets aan hebben”, “we hebben toch nog de foto’s”. We hebben onze dozen leeg gemaakt, hebben alles achtergelaten en zijn vertrokken. De lege plekken op zolder zijn ingenomen door een paar dozen Playmobil. Dat houden we wel voor onze kleinkinderen (wie weet), net als de Lego, onze kinderpuzzels en -boeken. Maar de mama was de rest van de dag toch een beetje weemoedig. Haar kleintjes worden groot. Daar kon de perfect opgeruimde logeerkamer even geen verschil in maken.

Het was weer op het nippertje…

deadlinesHet was hier de laatste weken behoorlijk hectisch. Van job veranderen, de echtgenoot die strijd leverde met een paar deadlines, de oudste die als prille puber stilaan ook een eigen agenda begint te plannen,… Het was even wat pompen. En dus was ik even uit het oog verloren dat de goedheilig man volgende week al zijn opwachting zal maken.

Voor onze dochters mag de magie er intussen grotendeels af zijn, toch zetten ze nog steeds hun schoentje en blijkt de grootste kindervriend hen nooit te vergeten. Maar er zijn intussen al 3 mete- en petekindjes die wel vol verwachting uitkijken naar de komst van de Sint (en zijn cadeautjes). Al zal de jongste (dik anderhalf) allicht niet goed beseffen wat hem overkomt. Toen onze dochters zijn leeftijd hadden, hadden ze meestal meer oog voor de verpakking dan voor hetgeen er in de dozen zat. Zo kreeg de oudste ooit haar allereerste Playmobilsetje cadeau en heeft ze zich de rest van de ochtend vooral geamuseerd met de doos. Open, dicht, erin, eruit,… Geweldig vond ze dat. Het speelgoed zelf leerde ze pas later appreciëren.

Maar de vooruitgang staat voor niks. Waar we vroeger de kinderen naar oma en opa brachten “om met de Sint te gaan praten”, deed ik dit jaar mijn Sint-aankopen online. En gelukkig konden we de verlanglijstjes inwilligen. Al zal ik – ouderwetse shopper – pas gerust zijn als ik alles in mijn handen heb en alles er degelijk uit ziet. Want wie weet spelen ook de metekindjes liever met de doos… En als het tegenvalt, hebben we nog 2 zaterdagen om alsnog met de Sint te gaan praten ;-). Sowieso moeten we nog bij hem langs voor het snoepgoed.

Soms wou ik dat we beter georganiseerd waren. Als ik hoor en lees dat vele mama’s al weken klaar zijn met hun Sint-aankopen, dan vraag ik me vaak af hoe iedereen dat doet. Ik kan ook oprecht bewondering koesteren voor mensen die al in augustus bezig zijn met hun kerstcadeautjes. Hoe ik me ook in bochten draai, de kerstcadeautjes worden hier meestal pas de laatste week voor de kerstvakantie uitgezocht en dat zal dit jaar allicht niet anders zijn, ondanks alle goede voornemens. Het is niet dat we zitten te niksen. Integendeel, onze avonden en weekends zijn meer dan goed gevuld. Volgende week beginnen de examens alweer en dan wordt het ontzettend druk voor de echtgenoot en de dochters. Gelukkig is er dit jaar nog zo goed als een hele week kerstvakantie voor we aan de feestdis gaan zitten. We hebben dus nog zeeën van tijd…

“Ach menneke”, zei mijn meter vroeger, “ge hebt er van alle soorten nodig”.  Dat ze me toen troostte omdat ik in volle puberteit mijn beklag deed over mijn gebrek aan groeipotentieel, dat vegen we nu even onder de mat. Er zijn er nu eenmaal die wat strakker georganiseerd zijn dan anderen en ik denk dat het op mijn bijna 42ste tijd wordt om te erkennen dat ik altijd wel met deadlines zal flirten. Al heb ik het wel maar één keer zo bont gemaakt dat ik de avond voor Pasen nog snelsnel naar de nachtwinkel moest om eieren… Iemand moet het spannend maken, toch?