Loslaten…

Situatie één. Sinds een tijdje blijven de dochters af en toe een avondje of dag alleen thuis als hun oudjes nog eens een stapje in de wereld zetten. Dat liep de allereerste keer niet helemaal van een leien dakje, er sneuvelde in een popcorn-experiment al een kookpot, maar onze meisjes worden er hoe langer hoe beter in. Terwijl hun ouders een dagje cultuur opsnoven in Waterloo en een fijne dag met vrienden hadden, fabriceerden de dames hun eigen lunch en diner (en bleek de keuken nog intact). Meer nog, bij wijze van verrassing hadden onze meiden het huis opgeruimd en de was gesorteerd. Het was een aangename thuiskomst en een klein steekje in mama’s moederhart, “want ze worden nu toch écht wel groot”.

Situatie twee. Onze oudste is aan haar laatste middelbaar bezig. Een speciaal jaar. Er komt een afscheid en er volgt een nieuw begin. Er is een heel studiekeuze-traject, met ook open lesdagen in de herfstvakantie. Onze oudste had twee dagen universiteitslessen gepland. Op dag één mocht mama haar nog vergezellen (soms denk ik dat ze dat vooral doet om mij een plezier te doen 😉) en was het allemaal toch nog spannend. “Waar moet ik dan gaan zitten? Wat moet ik daar dan juist doen?” Ik mocht met haar mee tot aan het lesgebouw, maar verder zou ze het wel alleen uitzoeken, wegens “gênant”. Maar ik zag haar van buiten wel in haar eentje de trap opgaan. “Mijn” trap, waar ik 27 jaar geleden dezelfde les volgde. Dat is zo’n raar gevoel: het was “mijn” ding, maar nu neemt zij het over. Twee uur later stond ik haar vol ongeduld op te wachten en “was het allemaal best meegevallen”. Had zelfs één van de eerstejaars haar iets over de les gevraagd en was zij vooral blij dat ze niet gezien hadden dat ook zij een groentje uit het middelbaar was.

Dag twee van de open lesdagen vertrok ze met vriendinnen en redde ze zich in haar eentje. Ze sprak met eerstejaars, zocht en vond haar weg. We zagen haar op die twee dagen letterlijk weer een stap zetten, weer wat groeien.

Situatie drie. Toen onze oudste 17 werd, ging ze meteen aan de slag voor haar theoretisch rijbewijs. Ze studeerde, oefende en slaagde. Ze besloot om ook ineens door te zetten zodat ze nog voor haar studies haar rijbewijs op zak kan hebben. De eerste rijlessen werden gepland en dus leerde haar papa haar al starten, stoppen en schakelen. Dat deed ze best goed, oordeelde de papa. En zo ging ze deze avond voor het eerst de rijweg op, met een instructeur. En reed ze voor het eerst “70, mama, in vierde”!

Het gaat plots allemaal zo snel. De mama staat erbij, kijkt ernaar, moedigt aan en laat los. Met pijn in het hart. Met de herinneringen in het achterhoofd aan dat kleine baby’tje dat ons voor het eerst ouders maakte. Is dat al 17 jaar geleden? Het is nog maar 17 jaar geleden! En ja hoor, we zien héél goed dat onze “kleine” meid opgroeit, volwassen wordt, verantwoordelijk is. We hebben er vertrouwen in dat ze aankan wat er op haar pad komt. Ze is krachtig, ze is vinnig en ze is er zo aan toe, aan die volgende stappen in haar ontwikkeling. Misschien heeft ze af en toe nog eens een zetje nodig, maar dan zijn wij haar trouwste supporters.

Alleen kan de mama diep vanbinnen niet altijd volgen. Mag het voor haar eigenlijk nog lang hetzelfde blijven en wil ze haar meisjes liefst nog héél lang thuis houden. Maar dan voelt ze de tijd door haar vingers glippen. Want dat loslaten voelt soms alsof heel je hart eruit gerukt wordt. Bovendien valt de mama dan ook nog eens grandioos door de mand als ze dat voor haar dochters probeert te verstoppen. Gelukkig weten de dochters al sinds het afscheid voor de bos- of boerderijklassen dat mama op zo’n momenten wel eens “overdreven sentimenteel” kan zijn. Toen ze eigenlijk zelfs wat teleurgesteld waren als mama haar tranen wist binnen te houden tot de bus ook daadwerkelijk de straat was uitgereden…

 

 

Loslaten: theorie vs praktijk (4)

Meteen na het afronden van de laatste #ouderzondenpost, wist ik dat ik verder nog iets rond “opvoeding” en “ouderschap” wou brengen. Het moeilijkste aan opvoeden vind ik – achteraf gezien – het verschil tussen de theorie en de praktijk. Tussen hetgeen je je voorneemt te doen voor je kinderen hebt en hetgeen je effectief doet van zodra je mama bent.

Loslaten vind ik misschien wel het moeilijkste begrip in het hele opvoeden. Volgens de theorie laat je je kinderen beetje bij beetje los, als ze er klaar voor zijn. Maar hoe weet je dat in godsnaam “dat ze er klaar voor zijn”? En hoe doe je dat “beetje bij beetje”? Hoe hou je daar een evenwicht in? Hoe word je langs de ene kant geen “helikoptermama” en gun je hen dus voldoende vrijheid, maar geef je hen tegelijkertijd voldoende steun en omkadering?

Het loslaten was in de opvoeding van mijn kinderen misschien wel het moeilijkste vraagstuk. Ik heb dat zeker niet altijd gedaan “als ze er klaar voor waren”, want ze hebben dat loslaten voor een stuk ook opgeëist. In hun ogen waren zij er altijd eerder klaar voor dan ze dat in mijn ogen waren. Soms hadden zij het bij het rechte eind en hadden ze gelijk om dat stukje zelfstandigheid eerder te vragen dan wij dachten te geven. Maar soms lieten we hen los en bleken ze er toch nog niet helemaal klaar voor te zijn. En was de tussenkomst van mama en papa toch nog gewenst.

Wat onze dochters “loslaten” noemen, is in onze ogen vaak “behoeden voor”. En ja hoor, natuurlijk weet ik dat ik hen de kans moet geven om hun eigen fouten te maken en daaruit te leren, maar dat is zo verdomd moeilijk als je weet dat die fouten hen ook hartzeer (zullen) opleveren. Soms raken je kinderen verzeild in pijnlijke/harde situaties en moet je hen toch de kans geven om zelf te strijden, om zelf oplossingen te bedenken, ook al schreeuwt je hele hart dat je moet tussenkomen, dat je hen moet behoeden voor de pijn en het verdriet. Soms wil je het hen gewoon gemakkelijker maken en doe je snel maar even iets in hun plaats, terwijl zij het recht opeisen om te mogen leren.

Als ouders zaten wij hierin ook niet altijd op dezelfde lijn. Soms vond de papa dat mama overdreef en steunde hij de kinderen in hun terechte vraag naar wat meer zelfstandigheid of vrijheid. Andere keren was het dan weer de mama die geloofde dat ze best al klaar waren voor de volgende stap. Hoewel alle opvoedboeken aanraden dat je als ouders aan eenzelfde zeel dient te trekken naar je kinderen toe, was het in deze af en toe een must dat we niet op dezelfde lijn zaten en dat we elkaar daarin konden bijsturen.

Het moeilijkste in deze is voor mij denk ik dat je als mama moet ophouden met het baby’tje, de  peuter, de kleuter enzovoort te blijven zien in de opgroeiende dames. Ze zijn je altijd een stapje voor. Net als jij dacht gewend te zijn aan de lagere school, blijken ze ineens al in het middelbaar te zitten. Zetten zij fikse stappen vooruit terwijl jij je best doet om bij te benen. Af en toe stormt het dan wel eens.

En hoewel het vertrouwen in de loop der jaren uiteraard gegroeid is in onze dochters en hoewel we best wel zien dat ze op de drempel van hun volwassenheid staan, weet ik nu al dat het moment dat ze het huis uitgaan en zelfstandig worden, voor mij altijd te vroeg zal komen. En zullen zij – zoals ze nu ook al wel eens durven te doen – verzuchten dat het moet gedaan zijn met mama’s bemoeienis, terwijl de mama enkel en alleen “wat goede raad” wil geven. Tegelijkertijd zal de mama ook moeten accepteren dat het aan hen is om hun eigen keuzes te maken en mama’s goede raad eventueel links te laten liggen.

Laat ons zeggen dat het een groeiproces is en blijft, en dat de dochters altijd net een stapje voor zijn. Zucht.

Dalai Lama Quotes On Life picture-The very purpose of our life is to seek happiness

Dalai Lama Quotes On Life picture-The very purpose of our life is to seek happiness

Dansen op een slappe koord…

Hoe zou het nog met de “worklife balance” zijn geweest in 2017? Nadat we in 2016 besloten een stapje terug te zetten en opnieuw 4/5de te gaan werken, was het een tijdlang zoeken naar een nieuw evenwicht. Het blijft één van de zwaarste opgaven in een mensenleven om de eisen van het professionele bestaan te verzoenen met het gezinsleven. Er zijn perioden dat je het gevoel hebt alles perfect onder controle te hebben, erin te slagen alle balletjes in te lucht te houden, maar op andere momenten loop je gewoon achter de feiten aan. Dan lukt de combinatie weer net wat minder en moet je voorrang geven aan het ene of het andere.

Laat ons zeggen dat we in 2017 over het algemeen meestal een goed gevoel hadden. Mijn perfectionistische zelve zou daaraan toevoegen “de ene week was al meer voor verbetering vatbaar dan de andere”. Maar globaal gezien was er lucht en waren er weken dat ik alle to do’s van het lijstje in mijn hoofd kon schrappen. (Waarop ik er dan meestal nog een paar items aan toevoegde, kwestie van het toch maar spannend te houden.) Het is – met onze twee tienerdochters – ook al makkelijker om alles geregeld te krijgen dan toen onze dames nog peuters of kleuters waren en we regelmatig met kinderziektes en andere onvoorziene omstandigheden af te rekenen hadden. Onze meiden helpen al eens een handje en kunnen zichzelf ook al best redden. En dat brengt rust.

Toch waren er ook dit jaar weer momenten dat het tempo de hoogte in moest: de examenperiode van de echtgenoot is altijd weer naar adem happen en ook bij mij waren er drukke tijden. Het is een fijn gevoel als je weet dat het best lukt om dat tandje bij te steken. En dus hou ik een optimistisch gevoel over aan 2017. Maar misschien verschilde dit jaar niet eens zo gek veel van de voorbije jaren. Misschien heb ik vooral de waardevolle lessen die ik de voorbije jaren leerde in de praktijk gebracht…

Leer relativeren! De moeilijkste les voor een perfectionist als ik. Het is ok als er na het weekend nog een mand strijk overblijft. Het is ok als ik er de voorkeur aan geef om eerst een boek te lezen vooraleer ik aan mijn huishouden begin. Het is ok om uit te slapen in het weekend als we daar nood aan hebben. Het is ok om frietjes te gaan halen als we eens geen zin hebben om gezond te koken. Het is ok om de rommel in een kamer weg te steken en de deur toe te trekken zodat we onze opruimwoede een tijdlang kunnen negeren. Maar het is even goed ok om te denken dat ik mijn uurtje leesplezier moet “verdienen” door eerst orde op zaken te zetten in mijn huishouden.

Luister naar je lijf! Je bent niet moe van de ene dag op de andere: je lijf zal je op zijn eigen unieke manier verwittigen als je tegen je grenzen aan het botsen bent. Mijn lijf heeft een hele variatie aan boodschappen, gaande van ontstekingen (nog vrij onschuldig) tot zware migraine-aanvallen. En ja hoor, er speelde dit jaar wel eens een schouder op en ik moest hier en daar wel eens een migrainepil nemen, maar het viel al bij al wel mee dit jaar. Het helpt als je tijdig rust neemt (en dus regelmatig bijslaapt in het weekend) en naar je lichaam probeert te luisteren. Het helpt als je de voortekenen van een migraineaanval ernstig neemt en je voorzorgen neemt. Lukt dat altijd? Uiteraard niet, want tussen “weten” en “doen” ligt ook nog een hele weg, maar is bewustzijn niet de eerste stap?

Onderga! Voor alle momenten dat het toch niet lukt om te combineren zoals jij dat liefst zou doen, of zoals je het in je hoofd had, onderga! Go with the flow! Hou je gevoel voor humor, lach er samen mee, ventileer indien nodig en tel af naar momenten dat er weer net dat beetje extra ruimte is. Het helpt niet om je te verzetten, om je kwaad te maken of om je op te jagen in de dingen die je toch niet kan veranderen. Onderga. Er zijn altijd betere tijden op komst. Soms duurt dat wel even, en dan kan je maar beter het beste maken van datgene waar je nu door moet. (Ik moet toegeven dat dit ook een moeilijke is voor mij 😉.)

vintageSoms is het genoeg dat je je best doet. Dat je probeert. Soms met succes, sommige dagen wil het maar niet lukken. Maar ook die dagen gaan voorbij. Zei de 44-jarige perfectioniste die zich de laatste jaren keihard inzet om het glas halfvol te zien en daar nu toch al regelmatig eens in slaagt. En zichzelf belooft om in 2018 even hard haar stinkende best te doen om er af en toe in te slagen 😉. Is dat geen realistisch voornemen?

Pukkelpop 2017, haar eerste festival

Muziek speelt een belangrijke rol in ons leven. Herinneringen worden gekleurd door liedjes, we gaan graag naar concerten. Dat dat erfelijk is, was dus wel enigszins te verwachten. Of we kunnen het ook anders stellen: we moeten nu niet klagen dat onze muzikale opvoeding zijn effect niet heeft gemist. Ergens in maart kregen we dan ook de onvermijdelijke vraag: “mag ik naar een festival?”. In eerste instantie dacht de mama nog voor een jaar uitstel te zorgen door “pas als je 16 bent” te antwoorden. Beetje dom, aangezien de oudste halverwege de zomer verjaart. De mama had enkel rekening gehouden met Werchter en dat stond nog voor haar 16de verjaardag op het programma.

Maar ook snel denken heeft de oudste van geen vreemden en met “maar dan mag ik naar Pukkelpop?” had ze ons wel klem natuurlijk. We hebben er nog even over nagedacht, en al snel kwamen we tot een compromis: zij mocht een vriendin meevragen, maar ze kreeg ons er ook bij. Niet dat we “samen” naar Pukkelpop zouden gaan, ze mochten daar uiteraard hun ding doen. Maar meteen was het probleem van het vervoer ook opgelost en just in case – je weet maar nooit – waren wij dan wel in de buurt.

Al snel hadden we een dag gevonden. Geen discussie voor onze oudste: zij ging naar Bastille. Dat kwam ook mij niet slecht uit, want dat was ook de dag van Elbow, en laat die groep nu toch al een tijdje op mijn lijstje staan. Bovendien kwamen er nog een paar namen bij die ik ook wel eens wou zien. Niet dat ik tickets zou kopen speciaal voor George Ezra of London Grammar, maar nu ze toch speelden op onze Pukkelpop-dag, pikten we hun optredens ook met plezier mee.

We hadden geluk met het weer: op een enkele bui na bleef het droog. We namen afscheid bij de inkom, spraken een ontmoetingsplek af “voor erna” en deden elk ons ding. George Ezra viel mee, London Grammar viel tegen. George Ezra heeft een ongelooflijk mooie bluesstem, maar we moesten de wel héél erg jonge gillende bakvissen erbij nemen in het eerste vak. De echtgenoot en ik zorgden er meteen voor dat de gemiddelde leeftijd daar een pak de hoogte in ging. London Grammar hebben we niet uitgekeken. Ze heeft een wondermooie stem, maar het geheel was wat magertjes voor op een hoofdpodium in open lucht. In een kleinere zaal kan dit werken, maar op Pukkelpop verdronk ze.

Dat gaf ons in ieder geval tijd genoeg om een goed plekje voor Elbow te zoeken in de Marquee. En laat het Elbow-optreden nu wel een ongelooflijk hoogtepunt geweest zijn. (Wat de gemiddelde leeftijd betrof, vielen we er zeker niet uit de toon: ik denk dat alle “oude zakken” daar op dat moment verzameld stonden.) Maar het was schitterend. Zanger Guy Garvey had de hele tent mee ondanks de breekbare, gevoelige muziek. Geweldig gevoel voor humor ook en tonnen présence. Ook al is het niet meteen moeders mooiste, uitstraling heeft hij. Kippenvel, een houten vloer die daverde, de tent die luidkeels meezong, meefloot, meeklapte. Overweldigend! Zo één van die concerten waarbij de zanger “kwam, zag en overwon” of de tent compleet plat speelde. Ik heb nog dagenlang nagenoten. “Beautiful!”

Daarna pikten we nog het grootste stuk mee van het Bastille-optreden. Dat een kopie was van de show die we eerder dit jaar al in het Sportpaleis zagen. Degelijk. Al dachten onze dames daar duidelijk anders over. Ook zij hadden – vanop de eerste rijen – genoten van “hun” groep en “hun” headliner. Na ons vertrek duurde het wel geen kwartiertje vooraleer de achterbank in diepe slaap verzonk. Maar haar eerste festival was een succes. Ze heeft de smaak te pakken. Volgend jaar komt er vast en zeker weer eentje op haar zomerprogramma. En wie weet, als de programmatie goed is, gaan we misschien nog een keertje mee. Of misschien ook niet. Leren loslaten, mama 😉!

Uit het tienerleven: kruispunt

Onze oudste zit al een aantal weken in het studiekeuze-proces op school. Deze week zal dat uiteindelijk uitmonden in een advies: dan heeft de klassenraad bekeken of de gewenste richting wel realistisch is. Bovendien wordt er ook al eens voorzichtig verder gekeken. Naar de toekomst na het middelbaar.

Het is voor hen een spannende periode, maar ook voor ons als ouders. Je probeert je kind zo goed mogelijk te begeleiden, maar tegelijkertijd ben je ook geen specialist en is het toch maar uitzoeken. Hoe bereid je je kind het beste voor op haar toekomst? Hoe zorg je ervoor dat ze haar kansen gaaf houdt? Maar tegelijkertijd probeer je ook rekening te houden met wie ze is, met haar talenten en met haar gevoel. En wat doe je als jullie hierover van mening verschillen: stuur je haar jouw richting uit of volg je haar?

Toen mijn dochters nog baby’tjes waren, kon ik me soms zo ongelooflijk machteloos voelen als ze huilden en ik geen idee had waarom ze weenden. Ik was ergens opgelucht toen ze de leeftijd bereikten dat ze zelf konden zeggen wat er aan de hand was: of ze boos waren, honger of pijn hadden, iets wilden. Onze dochters zijn intussen tieners en in veel opzichten is het een stuk makkelijker geworden. Onze taak is geëvolueerd van “zorgen voor” naar “waken over”. De meeste dingen kunnen ze zelf, ze hebben ons hoe langer hoe minder nodig. Wij steunen hen in wat ze doen, geven goede raad en zijn er op de achtergrond. We moeten hen hoe langer hoe meer loslaten en er vertrouwen in hebben dat hen dat ook zal lukken.

Maar studiekeuzes hebben wel een belangrijke impact op de mogelijkheden voor en in hun verdere leven. Als ouder wil je uiteindelijk alleen maar het beste voor je kind. Maar wat is het beste? Toen ik de leeftijd van mijn dochter had, wist ik al dat ik Frans-Italiaans wou gaan studeren. En toch heb ik in de derde graad van het middelbaar Natuurwetenschappen gevolgd. Heb ik daar spijt van gehad? Eigenlijk niet, want ik deed ook graag wiskunde en heb in het laatste jaar zelfs even getwijfeld. Had mijn latere weg er anders uit gezien als ik Latijn-Moderne Talen had gevolgd, wat eigenlijk de keuze van mijn hart was? Geen idee.

Intussen zijn we 25 jaar verder en heb ik geleerd dat er niet één juiste weg is, maar net veel verschillende manieren om een doel te bereiken. Dat je soms omwegen maakt, maar uiteindelijk toch je bestemming vindt. Dat je je talenten moet koesteren, want dat dat net hetgeen is dat je uniek maakt én dat je intrinsiek motiveert. Als je kan doen wat je graag doet en waar je goed in bent, dan ben je meestal niet geneigd om dat als een opgave te beschouwen, maar net als iets waar je energie uit haalt. En dan kijk je niet op een inspanning meer of minder.

Onze dochter zal zelf haar toekomst moeten maken. Allicht zal ze in de loop van haar leven een paar keer een verkeerde afslag nemen, of een omweg maken, of zal ze voor een minder evidente weg kiezen. Soms zal ze zelf een verkeerd pad inslaan, soms zullen de omstandigheden haar tocht blokkeren en haar dwingen op haar stappen terug te keren. Wij zullen er voor haar zijn en haar steunen, op alle mogelijke manieren. Soms zullen we haar waarschuwen, maar toch een stapje opzij zetten en haar tegen de muur laten lopen, omdat dat nu éénmaal de enige manier zal zijn waarop ze zal leren.

En dus laten we haar zoeken. Ze informeert zich, ze spreekt met de leerkrachten, ze vraagt raad, ze doet testen op internet, ze bekijkt haar opties, ze praat met ons. We zien dat ze twijfelt, afweegt, de ene dag het ene verkiest en de andere dag weer het andere. Hoe moeilijk het ook is, we proberen haar niet te sturen, we proberen haar vrij te laten. Op voorwaarde dat zij overtuigd is en er vol voor gaat. Op voorwaarde dat ze haar talenten ten volle benut. Haar hart erin legt.

Helemaal zijn we er nog niet. Maar toch bijna. En dan kan je als mama enkel hopen dat ze haar weg wel zal vinden. Met omwegen, zijsprongen en alle hindernissen die erbij horen. Vol vertrouwen (maar met een klein hartje) laten we haar alweer een beetje meer los.

Een kloppend gemis

Het is de periode van de schoolreizen en ook onze oudste is op uitstap. Amper voor één nachtje, maar toch voel ik een gemis diep vanbinnen. Dat rare moederhart toch.

Natuurlijk hoort het erbij: kleine meisjes worden groot en groeien op tot zelfstandige vrouwen. Onze oudste heeft het afgelopen jaar weer een hele groei doorgemaakt. We zien dat ze uit haar puberkuren aan het groeien is, we zien dat ze op veel vlakken stilaan echt wel volwassen keuzes begint te maken. Ze staat ook weer voor een keerpunt: er dringt zich weer een studiekeuze op en er wordt zelfs al eens nagedacht over “wat na het middelbaar”. Want ze heeft nog amper 2 jaartjes voor de boeg.

Het is dus tijd dat ze zich begint los te maken, dat ze haar zelfstandigheid begint te claimen. Ze is er duidelijk klaar voor, om haar vleugels uit te slaan. Ergens is het fijn om dit te mogen meemaken, om er getuige van te mogen zijn, van die groei naar volwassenheid, van de ontbolstering van je kind.

En toch. Telkens opnieuw doet dat losmaken ook een beetje pijn. Telkens opnieuw slik ik, in stilte, een kropje weg. Alweer een beetje meer loslaten, alweer een klein stapje dichter naar zelfstandigheid. Luidkeels moedigen we haar aan, om haar eigen weg te gaan. We supporteren mee bij elke stap die ze zet, soms in stilte, soms in woord en daad en soms net iets te luid (gênant, moeder). We vangen haar op als het eens niet loopt zoals ze gehoopt of gewild had. We zijn er voor haar en dat zullen we altijd zijn.

Maar hoe langer hoe vaker zullen we dat vanop afstand moeten doen. We zullen niet lang meer op deze manier deel uitmaken van haar leven. Stilaan, stapje voor stapje is ze op weg naar haar eigen leven, waarin wij een (hopelijk) belangrijke bijrol zullen spelen, maar ook niet meer dan dat. We zullen er ons moeten bij neerleggen dat ze haar eigen keuzes zal maken en dat we het soms misschien anders gewild of gedroomd hadden, maar dat we haar haar eigen weg moeten laten gaan. Want ze kan dat.

Vanavond is er één bed in huis onbeslapen. Vanavond maakt zij herinneringen die ze de rest van haar leven zal koesteren. Daar is de mama blij om. Maar toch schrijnt het een beetje, diep vanbinnen.

Leren loslaten…

Onze dochters groeien op. Ze worden met de dag zelfstandiger. Ze vragen en nemen hun verantwoordelijkheid, ze vragen en nemen hun vrijheid. Het is waar je als ouders altijd naar gestreefd hebt, maar het komt toch vroeger dan je dacht. Een groot stuk van je opvoeding was er op gericht om hen klaar te maken voor die dag, maar ergens heb ik het gevoel dat we in dat hele proces vergeten zijn om onszelf ook voor te bereiden op die dag. Die hoe langer hoe sneller op ons afkomt. En terwijl de dochters stilaan naar dat moment toegroeien, weet ik niet of de mama er ook al klaar voor is. Als ik dat ooit al zal zijn.

Begin vorige week ging de oudste met haar klas op avontuurlijke tweedaagse. Op het programma: een hoogteparcours, rappel, speleologie, een nachtspel. De bedoeling: je grenzen verleggen en een hechte klasgroep smeden. Terwijl zij genoot én haar grenzen glansrijk wist te verleggen, was het hier in huis toch maar stilletjes. Het blijft vreemd om te gaan slapen met een leeg bed in huis. Het is een gemis aan tafel als er eentje ontbreekt. Zij kwam terug met geweldige verhalen, ze had volop genoten van de uitdaging, de sfeer en de vriendinnen en ik was alleen maar blij dat ons gezinnetje terug compleet was.

Vrijdagavond had de jongste een klein ongelukje met haar fiets. Op weg naar huis was ze meer bezig met alle zakken aan haar stuur dan met de weg en de rest van het verkeer. En dus was er een kleine botsing en een val. Gelukkig zonder al te veel erg. Met wat blauwe plekken, schrammen en krassen. Ook de oudste had in één van haar eerste fietsmaanden zo’n ongelukje beleefd. Het hoort erbij: ze leren met vallen en opstaan en het is aan ons om hen daarvoor de ruimte te geven. Ook al doet het pijn en wil je niets liever dan hen beschermen. We kunnen onze meisjes niet onder een glazen stolpje houden. En dus stuurden we hen maandagmorgen opnieuw met de fiets naar school, we drukten hen nog eens op het hart om voorzichtig te zijn, maar we lieten hen ook gaan.

En terwijl ik mijn dochters zie opgroeien, overvalt me een gevoel van melancholie. Ik zie hen volwassen worden, ik zie hen nadenken, keuzes maken, zorg dragen voor elkaar (en voor ons). Ik zie hen om vrijheid vragen en die ook verdienen. En dus proberen we hen ruimte te gunnen, al gaat het soms niet zo snel als zij het zouden willen. En terwijl in de stad waar ik werk het studentenjaar stilaan terug op gang komt, besef ik dat we er niet zo ver meer af zitten. Dat ik binnen amper 3 jaar mijn dochter ook help haar kot in te richten (als ze me er nog bij wil natuurlijk) en haar op zondagavond afzet om haar voor een week te moeten missen. Binnen 6 jaar zijn onze beide vogeltjes uitgevlogen.

Een zee van ruimte komt dan weer voor ons vrij, voor mezelf en voor ons tweetjes (terwijl we er nu soms voor moeten strijden om “ons” in te plannen). En toch schrikt me dat ook af: het zal die eerste weken vooral héél leeg en stil zijn in huis. Dat zal wel de paradox van het ouderschap zijn zeker: terwijl je “moet” zorgen, uitkijken naar tijd voor jezelf, maar als het moment daar is, vooral de “zorg”-periode missen. Gelukkig hebben we nog 3 jaar om het opgroeien onder de knie te krijgen. Al zal vooral de mama de drie jaar nodig hebben om te wennen, de dochters zijn daar vandaag al klaar voor (denken ze)…

Dalai Lama Quotes On Life picture-The very purpose of our life is to seek happiness

Dalai Lama Quotes On Life picture-The very purpose of our life is to seek happiness

Een nieuw begin

Net als in zovele Vlaamse gezinnen is ook bij ons vanmorgen weer de schooldrukte gestart. Het wordt hier routine, met een leraar-echtgenoot en de oudste die al aan haar vierde middelbaar toe is. Voor de jongste was het toch wel spannend: zij start in het eerste middelbaar, op een nieuwe school.

Tot nog toe viel het allemaal mee. Er vloeiden traantjes bij het afscheid, lang geleden in juni, maar die leken al lang vergeten. De schoolvoorbereidingen verliepen ook zonder problemen: we kochten een “grote” fiets, een nieuwe boekentas, extra schoolspulletjes en dat vond ze allemaal leuk. De laatste twee weken gingen we ook intensief oefenen en reden we regelmatig van en naar school. Zonder problemen.

Maar gisteren was er toch even een paniekmomentje. Na een fijne dag met de hartsvriendin uit het lager besefte ze ineens dat het “voor echt” was. Dat de bekende lagere school, met de jarenlange klasgenootjes, de vertrouwde meesters en juffen achter de rug was. Dat ze in een nieuwe school zou starten en dat ze het alleen zou moeten doen, zonder het hartsvriendinnetje aan haar zijde. En toen doken de zenuwen op en vloeiden er even traantjes. Wat uiteraard ook voor een ferme krop in de keel bij de mama zorgde. Die weent sowieso makkelijk mee, zeker als het over de dochters gaat.

Maar vanmorgen ging het van een leien dakje. Ja, ze was op tijd op, maar ze had een goede nacht achter de rug. De fietsrit naar school verliep bijzonder vlot (het tempo lag ook heel erg hoog, misschien had ze er toch wat nood aan om de zenuwen uit het lijf te fietsen). We arriveerden aan de school en ik vroeg of ik haar nog wel een knuffel mocht geven, nu ze naar het eerste middelbaar gaat. “Natuurlijk, mama!”. We knuffelden en ik liet haar gaan. Nog even keek ik haar na, hoe ze door de schoolpoort stapte.

Ze draaide zich nog even om, zwaaide, zette haar mooiste glimlach op en stapte de speelplaats op. En de mama keek toe, ontroerd, en fietste maar snel terug naar huis. Waar ik een hele dag in spanning zal afwachten tot ik haar terug mag ophalen. Tot ik haar verhalen kan horen over die eerste dag. Maar toen ik haar zag vertrekken met die smile tot achter haar oren, dacht ik: “het komt allemaal wel goed”.

Mijn groot kleintje. Alweer een beetje meer loslaten…

schooljaar

De vogeltjes verlaten het nest…

Deze week zitten de dochters met oma en opa aan zee. Intussen al voor de tiende keer. Het is een traditie geworden waar ze naar uitkijken. En ondanks de 14 jaren van de oudste antwoordt ze nog elke keer volmondig “ja” op de vraag of ze volgend jaar wel opnieuw mee willen. Bovendien zijn ze daar niet alleen. Ook een zus en een broer van oma gaan met hun kleinkinderen mee, zodat ze met een hele bende zijn. Zo leren ze mijn tak ook wat beter kennen 😉 Al is het de dochters toch vooral om hun grootouders te doen. Stiekem genieten ze er met volle teugen van om oma en opa eens een paar dagen voor hen alleen te hebben…

De eerste jaren profiteerden wij van de afwezigheid van onze dochters om wat klusjes in huis te doen. Zo hebben we in een paar jaar tijd het hele huis geschilderd (kamer per kamer). Wat een pak handiger was zonder onze twee madammekes in de buurt. En toch was het soms serieus doorwerken. Zo herinner ik me een jaar dat we de avond voor hun terugkomst tot een gat in de nacht stonden te schilderen, om het toch maar af te krijgen…

Het is ook wel een paar keer gebeurd dat we de kinderen vroeger konden gaan ophalen omdat één van beide meisjes hoge koorts maakte. De jongste zat dan met een keel- of oorontsteking en had de gewoonte om véél koorts te maken, zelfs bij een simpel virusje. Hadden we op voorhand ook onze huisdokter al gebeld zodat we meteen op controle konden. Een dag en een beetje antibiotica later bleek het ergste leed wel al geleden. En concludeerden wij dat het thuis toch nog altijd “het best” was 😉

Opvallend ook hoe solidair de oudste op zo’n moment met haar jongere zusje was. Had ze op voorhand tegen oma en opa gezegd dat haar jongere zusje met mama en papa mee mocht, maar dat zij écht wel aan zee bleef, dan was daar op het moment dat we arriveerden nog weinig van te merken. Had ze in een wip haar knuffeltje en dekentje vast om ook mee naar huis te gaan…

Maar intussen ligt die periode al even achter ons. Vinden onze dames een weekje zee gewoon genieten. Ze weten waar ze terecht komen: het eten is er lekker, het is meestal ook wel minstens een paar dagen stralend weer. Oma en opa nemen ook voldoende materiaal mee om zich op het strand te kunnen uitleven met de bouw van de grootste forten die uiteraard zo lang weerstand bieden aan de oprukkende zee dat ze hun bouwsels uiteindelijk moeten achterlaten zonder ooit de volledige teloorgang mee te maken. Er wordt gewandeld, er worden dingen bezocht, de oudste leest veel en pruttelt wat tegen over het véél te vroege ontbijt. De jongste leerde er ooit olijven eten, de oudste kwam terug met een voorliefde voor kiwi’s. Er wordt gebabbeld en veel gelachen.

Bij ons is het toch al een paar jaar geleden dat we nog grootse werken planden of onze dagen vulden met taken die anders toch maar bleven liggen. Bijslapen hoeft ook niet per se want onze meisjes zijn zeer goede slapers. Wel profiteren wij er deze week van om eens rustig met ons tweetjes te gaan eten (zonder babysit) of om samen wat te doen. Dat ik net deze week late shiften heb, komt eigenlijk goed uit: nu hoeven ze me ’s avonds niet te missen…

En toch, als we gaan slapen, zijn hun bedden wel erg leeg. En nadat ze gebeld hebben en vrolijk en dolenthousiast hun verhalen over hun dag verteld hebben, moet de mama haar gemis toch even wegslikken. Stiekem ben ik toch blij als het vrijdag is en we hen terug kunnen ophalen. Dat ik hen kan knuffelen en “live” hun verhalen te horen krijg. Want ook al groeien ze op, worden ze zelfstandig en zie je hen voor je ogen volwassen worden, het blijven toch mijn kindjes.

loslatenTja, dat loslaten, laat het ons een “work in progress” noemen. En soms lukt het al wat beter dan op andere dagen 😉