Dankjewel, juf/meester!

Het einde van het schooljaar is weer in zicht. Hier is het nog even wachten op de rapporten van onze dochters, maar toch wil ik van de gelegenheid gebruik maken om alle leerkrachten, juffen en meesters eens ferm in de bloemetjes te zetten. Ook om wat tegengewicht te bieden tegen alle klaagzangen die er de laatste weken weer over het Vlaamse onderwijs en de leerkrachten werden gehouden. Ook dat is typisch voor deze periode: het einde en het begin van het schooljaar zijn traditioneel de periodes voor een rondje onderwijs-bashen.

Als vrouw van een leerkracht, als dochter van twee leerkrachten en als mama van twee prachtige leerlingen heb ik dagelijks met het onderwijs te maken, in al zijn vormen. Het doet me telkens opnieuw weer pijn als ik de artikels en columns lees over het onderwijs en vooral de reacties eronder. Blijkbaar hebben we allemaal onze mening klaar over hoe het precies moet, over wat beter kan en willen we vooral “de leerkrachten” toch wel eens graag een pak harder zien werken. Trek je dat toch niet aan, zegt de echtgenoot dan telkens weer, maar het raakt me. Ik woon en leef samen met  één van de geviseerde leerkrachten. Ik zie hoe hij zich elke dag opnieuw met hart en ziel inzet voor zijn leerlingen. Ik zie hoe hij nooit uren telt. Ik ben erbij als hij avond na avond doorwerkt of op zondag – telkens opnieuw – verbeterwerk inhaalt of zijn lessen voorbereidt.

Ik heb bij mijn dochters vele dergelijke leerkrachten gezien. Mensen die met passie lesgeven, die leerlingen telkens opnieuw proberen te boeien voor hun vak. Die manieren vinden om hun vak (ook al gaat het om wiskunde, fysica, Frans of godsdienst) aantrekkelijk te maken voor een bende 16- of 13-jarige pubers. Die tijdens hun middagpauze de tijd nemen om leerlingen bijles te geven. Die zich inzetten voor de vele naschoolse activiteiten of buitenlandse reizen. Die de tijd nemen om naar hun leerlingen te luisteren. Die het zich aantrekken als hun leerlingen omwille van een moeilijke thuissituatie, een bittere scheiding of pestgedrag op school, niet aan studeren toekomen. Die opgelucht zijn als een leerling alsnog erin slaagt om dat ene tekort van Kerstmis recht te zetten op het einde van het jaar. Die soms moeilijke beslissingen moeten nemen, maar altijd met aandacht voor de leerling.

Natuurlijk zijn leerkrachten ook maar mensen, die wel eens fouten maken. Natuurlijk zijn er ook leerkrachten die “hun uurtjes komen doen” en in het onderwijs staan voor “het vele verlof”. (Al denk ik dat er makkelijker manieren zijn om je dagen te vullen dan elke dag weer voor een klas pubers te gaan staan, zeker als je niet al te veel tijd wenst te spenderen aan een degelijke voorbereiding – en dat het vele verlof die moeilijke confrontaties niet bepaald compenseert.) Maar dat is in elke job zo. Kijk maar eens goed rond in je bedrijf of in je fabriek: ik denk dat je zo de namen kan opnoemen van de harde werkers en van hen die er met de pet naar gooien. Of van degenen die veel praat hebben, maar er telkens opnieuw onderuit muizen als die praat ook in daden moet omgezet worden… Is dat dan een reden om bijvoorbeeld de advocaten, de bouwvakkers, de arbeiders, de bedienden of anderen als groep publiekelijk te schande te zetten?

Lesgeven vergt veel, maar je haalt er absoluut ook veel voldoening uit. Zien tot wat jouw leerlingen uiteindelijk in staat zijn, hen doorheen de jaren zien evolueren, zien groeien, dat blijft voor veel leerkrachten het mooiste extralegale voordeel van hun job. Dat is de reden waarom ze elk jaar opnieuw vol goede moed aan een nieuw schooljaar beginnen, met nieuwe leerlingen en nieuwe klassen. Om een verschil te maken. Lukt het? Niet altijd, niet elk jaar, niet in elke klas, niet bij elke leerling. Maar toch proberen ze het. In mijn ogen worden ze schromelijk ondergewaardeerd. De grootste rijkdom van ons onderwijs zijn leraars die een verschil willen maken. Als ik zie wat voor fantastische leerkrachten mijn dochters dit jaar begeleidden, dan acht ik mezelf (en vooral onze dochters) ongelooflijk gelukkig. Want in het leven van mijn dochters is er dit jaar (opnieuw) een verschil gemaakt.

En daarom wil ik een grote dankjewel zeggen aan alle leerkrachten en aan die van de dochters in het bijzonder. Geniet van jullie welverdiende vakantie, het is jullie van harte gegund!

Lerares voor even

Een van mijn kinderdromen was om voor een klas te gaan staan. Ik ben opgegroeid in een lerarengezin en met mijn studies (Romaanse Talen) lag het misschien wel voor de hand. Maar op één of andere manier is het er nooit van gekomen. Na mijn studies rolde ik immers de sportjournalistiek in. Wat overigens ook een jeugddroom was, maar eentje die ik als puber afdeed als onrealistisch.

Toen het sportverhaal stopte, heb ik er een tijdje aan gedacht om in het onderwijs te stappen. Ik was op mijn 36ste terug gaan studeren om mijn SLO (Specifieke Leraren Opleiding) alsnog te halen en heb het hele programma voor Frans doorlopen: de theoretische vakken, de luisterstages en de eigenlijke stages. Het was toen een heel avontuur: de lessen gaan volgen samen met véél jongere studenten, terwijl ik probeerde om werk, gezin en studies te verzoenen. Toch was het ook een fijne ervaring en heb ik er veel uit geleerd.

Maar toen het moment daar was om ook daadwerkelijk in het onderwijs te stappen, heb ik het niet gedaan. De onzekerheid van het interimbestaan zag ik op mijn 38ste niet meer zitten en dat hoort jammer genoeg onafscheidelijk bij het lerarenbestaan. Ik zocht en vond een alternatief en ben daar heel gelukkig mee.

Maar soms steekt het verlangen nog wel eens de kop op. Als de echtgenoot vol enthousiasme thuiskomt van een geslaagde les, een interessante uitstap of zelfs een zware maar ook fijne Italiëreis, dan kriebelt het nog altijd wel wat. Bovendien mocht ik in mijn huidige job af en toe ook nog eens in het Frans werken en dan denk je telkens opnieuw: “ik deed dat toch graag” en “ik mis mijn talen toch nog altijd een beetje”. En dus reageer je enthousiast op een Facebook-oproep waarin gelegenheidsleerkrachten gezocht worden voor een paar lessen Italiaans voor een lessenmarathon. Denk je achteraf weer dat je misschien toch beter even had nagedacht – story of my life 😉 – en word je toch wel een beetje zenuwachtig een uurtje voor je voor de klas verwacht wordt.

Maar het viel allemaal best mee, al schrik je telkens toch weer hoe inspannend het is om een bende 18-jarigen een uurtje (proberen) te boeien. Na amper 2 uurtjes was ik uitgeteld. Het resulteert elke keer weer in tonnen respect voor diegenen die dit dag in dag uit moeten doen. Ook als je een moeilijke dag hebt, moet je daar weer met enthousiasme een vak staan te “verkopen”, en probeer je iedereen mee te krijgen, ook de leerlingen die jouw vak niet leuk vinden, of er geen aanleg voor hebben. Dan kom ik thuis van mijn 2 uurtjes, plof ik in de zetel neer, terwijl de echtgenoot achter zijn bureau taken zit te verbeteren en de lessen van de volgende dag voorbereidt.

werk-waar-je-van-houdHet was ongelooflijk leuk om even te mogen inspringen, om even te mogen proeven van het lesgeven, maar toch concludeer ik na afloop (met een zucht van opluchting) dat ik het toch maar aan de specialisten laat om dit dagelijks te doen. We zullen een andere manier zoeken om nog eens met mijn Frans of Italiaans bezig te zijn. Een reisje plannen, misschien 😉 ?