Leren loslaten…

Onze dochters groeien op. Ze worden met de dag zelfstandiger. Ze vragen en nemen hun verantwoordelijkheid, ze vragen en nemen hun vrijheid. Het is waar je als ouders altijd naar gestreefd hebt, maar het komt toch vroeger dan je dacht. Een groot stuk van je opvoeding was er op gericht om hen klaar te maken voor die dag, maar ergens heb ik het gevoel dat we in dat hele proces vergeten zijn om onszelf ook voor te bereiden op die dag. Die hoe langer hoe sneller op ons afkomt. En terwijl de dochters stilaan naar dat moment toegroeien, weet ik niet of de mama er ook al klaar voor is. Als ik dat ooit al zal zijn.

Begin vorige week ging de oudste met haar klas op avontuurlijke tweedaagse. Op het programma: een hoogteparcours, rappel, speleologie, een nachtspel. De bedoeling: je grenzen verleggen en een hechte klasgroep smeden. Terwijl zij genoot én haar grenzen glansrijk wist te verleggen, was het hier in huis toch maar stilletjes. Het blijft vreemd om te gaan slapen met een leeg bed in huis. Het is een gemis aan tafel als er eentje ontbreekt. Zij kwam terug met geweldige verhalen, ze had volop genoten van de uitdaging, de sfeer en de vriendinnen en ik was alleen maar blij dat ons gezinnetje terug compleet was.

Vrijdagavond had de jongste een klein ongelukje met haar fiets. Op weg naar huis was ze meer bezig met alle zakken aan haar stuur dan met de weg en de rest van het verkeer. En dus was er een kleine botsing en een val. Gelukkig zonder al te veel erg. Met wat blauwe plekken, schrammen en krassen. Ook de oudste had in één van haar eerste fietsmaanden zo’n ongelukje beleefd. Het hoort erbij: ze leren met vallen en opstaan en het is aan ons om hen daarvoor de ruimte te geven. Ook al doet het pijn en wil je niets liever dan hen beschermen. We kunnen onze meisjes niet onder een glazen stolpje houden. En dus stuurden we hen maandagmorgen opnieuw met de fiets naar school, we drukten hen nog eens op het hart om voorzichtig te zijn, maar we lieten hen ook gaan.

En terwijl ik mijn dochters zie opgroeien, overvalt me een gevoel van melancholie. Ik zie hen volwassen worden, ik zie hen nadenken, keuzes maken, zorg dragen voor elkaar (en voor ons). Ik zie hen om vrijheid vragen en die ook verdienen. En dus proberen we hen ruimte te gunnen, al gaat het soms niet zo snel als zij het zouden willen. En terwijl in de stad waar ik werk het studentenjaar stilaan terug op gang komt, besef ik dat we er niet zo ver meer af zitten. Dat ik binnen amper 3 jaar mijn dochter ook help haar kot in te richten (als ze me er nog bij wil natuurlijk) en haar op zondagavond afzet om haar voor een week te moeten missen. Binnen 6 jaar zijn onze beide vogeltjes uitgevlogen.

Een zee van ruimte komt dan weer voor ons vrij, voor mezelf en voor ons tweetjes (terwijl we er nu soms voor moeten strijden om “ons” in te plannen). En toch schrikt me dat ook af: het zal die eerste weken vooral héél leeg en stil zijn in huis. Dat zal wel de paradox van het ouderschap zijn zeker: terwijl je “moet” zorgen, uitkijken naar tijd voor jezelf, maar als het moment daar is, vooral de “zorg”-periode missen. Gelukkig hebben we nog 3 jaar om het opgroeien onder de knie te krijgen. Al zal vooral de mama de drie jaar nodig hebben om te wennen, de dochters zijn daar vandaag al klaar voor (denken ze)…

Dalai Lama Quotes On Life picture-The very purpose of our life is to seek happiness

Dalai Lama Quotes On Life picture-The very purpose of our life is to seek happiness

Terug naar school

Ik weet het. Nog 2,5 week vakantie voor de boeg en dus wil je nog niks horen over school en de bijhorende terugkeer. Ik was ook zo. Maar wij zitten hier dit jaar met een meisje dat de overgang maakt van het lager onderwijs naar de middelbare school. En daar horen toch wat voorbereidingen bij. En ettelijke strooptochten om haar van de nodige uitrusting te voorzien.

Zo gingen we een paar weken geleden al met haar op zoek naar de perfecte fiets. Onze meisjes fietsen immers naar school. Ondanks het feit dat ze even goed met de papa zouden kunnen meerijden, geven zij er de voorkeur aan om te fietsen. Gezond en ontspannend na een dagje op de schoolbanken. Na hun halfuurtje fietsen is de eerste spanning van de dag volledig verdwenen en kunnen ze met volle moed aan hun schoolwerk beginnen. Gelukkig blijft papa de noodoplossing op regenachtige dagen. Als het ’s morgens regent, stappen ze met veel plezier in de auto. Maar als ze ’s morgens met de fiets vertrokken zijn, keren ze ’s avonds met de fiets ook terug. Tenzij het stortregent natuurlijk.

De jongste had nog geen “grote” fiets, maar dat is intussen opgelost. Grappig dat haar “grote” fiets trouwens meteen groter is dan die van de zus op die leeftijd. En dat hij meteen ook de huidige fiets van de mama overtreft ;-). Ze is er blij mee en heel fier op. Maar we zullen toch nog een paar keer flink mogen oefenen voor we haar met een gerust hart in het verkeer loslaten. Alhoewel, een gerust hart… Ik herinner me nog toen de oudste aan haar middelbare school-carrière begon dat ik telkens opgelucht was als ik het 9 uur had zien worden. Dan was ze zeker zonder ongelukken op school gearriveerd… Hetzelfde ’s avonds. Als het half vijf was en ik geen telefoontje gekregen had, was ik gerust. Weer een dag voorbij… En je went eraan natuurlijk, maar die eerste 3 maanden keek ik toch telkens opnieuw op de klok en slaakte ik even een zucht van opluchting.

Tot de dag dat het effectief even misging. Dat ze met hun stuur in elkaar haakten en met twee tegen de grond gegaan waren. Dat ze de papa gebeld hadden, die hen was komen oppikken. Maar dat er op wat blauwe plekken na gelukkig niet veel aan de hand was. Dat de fiets voor het eerst getekend was, zij ook een beetje, maar dat de ongerustheid daarna wel wegebde. Ze waren uiteindelijk toch voorzichtig en ze reageerden bijzonder volwassen. Daarna hoefde de mama niet meer elke morgen en elke avond op de klok te kijken… Al zal de ongerustheid met de tweede fietsster in huis toch weer even toenemen.

Tweede onderdeel van de noodzakelijke schooluitrusting voor het middelbaar is de gsm. En de bijhorende vrijheid op het internet. Ook dat vraagt even oefening en wat strenge regels van de mama en de papa. Uiteindelijk hebben we haar laten starten met de oude gsm van de zus. Dat ding heeft al één en ander meegemaakt, is ook niet meer het snelste toestel dat je op de markt kan vinden, maar onze jongste was er blij mee. Typisch voor het tweede kind uit het gezin, bij ons toch. Ze blijft geweldig gelukkig als er weer wat spullen van de oudste haar kant opkomen. Als ze genoeg geoefend heeft (en als de eerste ongelukjes en valpartijen verteerd zijn) mag ze tegen Kerstmis of zo wel haar eigen telefoon uitzoeken. Tegen dan weten wij ook of ze voldoende zorg kan dragen voor haar spullen.

Laatste noodzakelijke onderdeel van haar uitrusting waren de nodige schoolspullen. Na 6 jaar lager onderwijs was ze wel toe aan een nieuwe, grotere boekentas. Ons uitbundig meisje koos dezelfde rugzak als haar oudere zus, maar opteerde voor een neutraal donkerblauw kleurtje. Nadat we ook de nodige pennen, brooddozen en kaftpapier uitgekozen hadden, waren we voorlopig weer gesteld. Grappig trouwens hoe vooral de pennen hier elk jaar wel massaal verdwijnen. Brooddozen ook trouwens.

Toen we thuiskwamen, bleken net haar boeken geleverd. Zij vond het geweldig, wou meteen lijstjes maken met spullen die ze nog nodig zou hebben voor het begin van haar schooljaar. Ze is zo klaar voor haar nieuwe start. De oudere zus moest glimlachen bij zoveel enthousiast vertoon van haar “kleine” zus, maar wil vooral nog genieten van de rest van de vakantie. En de mama? Die zal de komende weken nog nodig hebben om te wennen aan een nieuwe middelbare scholier in huis. Ze worden toch veel te snel groot…

IMG_7016

Piemonte: een dubbeltje op zijn kant

Tweede stop in onze Italiëreis dit jaar was Piemonte. Voor ons onbekend, maar we waren klaar voor de ontdekking van een nieuwe Italiaanse regio. Het werd een moeilijke week, maar uiteindelijk vielen we toch (min of meer) voor de nieuwe ontdekking.

We namen een valse start. Er vloeiden wat traantjes toen we uit Toscane vertrokken en sommige gezinsleden waren misschien liever daar gebleven. We reden ook een klein beetje verloren toen we bijna ter plekke waren en het is niet evident om op je stappen terug te keren als je op een eenrichtingsbaan midden in de wijnvelden heuvelopwaarts strandt. Hoewel de echtgenoot een uitstekende chauffeur is, knijp ik toch mijn ogen dicht als je je wagen moet keren waar er eigenlijk niet echt veel plaats is. En dan blijken de “heuveltjes” in Piemonte toch écht wel serieuze heuvels te zijn, die nogal abrupt aan het einde van de weg eindigen.

Ook ons hotelletje was even wennen. Een typisch Italiaans familiehotelletje (lees: met vast tapijt en ouderwets behangpapier), midden in een residentiële woonwijk. Het enige zwembad in de omtrek, dat vooral in het weekend overspoeld werd door Italiaanse dorpelingen die ook verkoeling zochten. De eerste twee dagen bleek het er “uitzonderlijk” heet voor de tijd van het jaar, wat vooral ’s nachts te merken was: geen airco, geen vliegenraam. De Italiaanse muggen genoten met volle teugen van de Belgische hapjes: de echtgenoot en de oudste bleken erg in de smaak te vallen. Het raam sluiten was wegens de hitte geen optie en dus hadden we een paar onrustige nachten.

Het uitzonderlijk hete weer werd na een paar dagen gevolgd door onweer. Ja, ook in Piemonte kennen ze dat typische zomerfenomeen. En een onweertje in Piemonte is niet te onderschatten: eerst trekken alle wolken samen en kleurt het hele dal donker, waarna het klettert, bliksemt en dondert en ontzettend intens durft te regenen. Maar het is kort en krachtig: het trekt ook snel terug open. Ik was wel ontzettend blij dat we niet op dat moment onze heuvel aan het op- of afrijden waren, want het water stroomt dan letterlijk de berg af.

Tenslotte zijn wij geen wijnkenners en laat dat nu één van de belangrijkste troeven van Piemonte zijn: de uitstekende wijnen (o.a. de Barolo). Eigenlijk ga je naar Piemonte om in elk dorp een “castello” te bezoeken, de plaatselijke wijn te degusteren en de juiste flessen mee naar huis te nemen. Wij drinken wel eens graag een wijntje, maar daar stopt het ook. Laat staan dat we 55 euro of meer zouden betalen voor iets wat wij niet volledig naar waarde kunnen schatten.

Maar het kwam allemaal goed. De eigenares van ons hotelletje was een fantastisch lieve dame, die echt wel voor het hotelvak geboren was. Ze deed niets liever dan haar gasten in de watten leggen. Bovendien had ze een uitstekende kok: het ontbijt en het Italiaanse avondmaal waren echt om duimen en vingers bij af te likken. Het was er ook zeer rustig, op het weekend na dan. Zo hadden we op dinsdagmorgen het zwembad helemaal voor ons alleen. Wisten wij toen veel dat het binnen het uur zou betrekken én hevig onweren ;-). Gelukkig brachten de buitjes ook minder heet weer met zich mee, en minder zwoele nachten. Minder nachtelijke muggenaanvallen, zodat we ook terug aan slapen toe kwamen.

Ook cultureel bleek Piemonte over fijne troeven te beschikken. Alba was écht wel een ontdekking. Een fantastisch leuk, aangenaam, klein stadje bij op onze favoriete Italiaanse stedenlijst. Asti vonden wij dan weer net iets minder uitnodigend. Piemonte is veel minder op toeristen gericht dan Toscane. Dat heeft een aantal nadelen (de Italiaanse siësta tussen 12u30 en 15u30 valt naar Belgische normen nogal slecht, zeker als ook het avondmaal op zijn Italiaans ten vroegste om 19u30 geserveerd wordt – honger!), maar zeker ook zijn voordelen. De steden in Piemonte zijn relatief rustig te bezoeken. Al helpt het natuurlijk wel als je besluit een stad te bezoeken op één van de heetste dagen van het jaar midden in de siësta, de warmste uren van de dag. En wij ons maar afvragen wat er aan de hand was, waar in godsnaam al dat volk verstopt zat. De Italianen zullen ons zot verklaard hebben dat we ons toen buiten waagden.

De laatste 2 dagen genoten we ’s morgens van uitzonderlijk helder weer, waardoor we de Alpen in de verte perfect konden zien liggen vanuit onze hotelkamer. En dan blijkt die heuvelachtige omgeving in het niet te vallen tegen de machtige bergketen erachter. Dan lijkt het hele dal met de vele heuvels ineens uit te vlakken. Maar wat een natuurpracht! Het was écht om stil van te worden.

We hebben in Piemonte genoten van de rust met ons viertjes, van de prachtige omgeving en van de natuurelementen. Onze dochters vatten het op het einde van onze tweede week goed samen: “Fijn dat we dit gedaan hebben, maar een terugkeer hoeft niet meteen.” Al hadden we toen nog 3 dagen Turijn voor de boeg…

Piemonte 2016

Toscane: de geliefde bekende.

Onze eerste week vakantie in Italië brachten we door in Toscane, intussen al voor de vijfde keer. We kennen de streek, we kennen onze agriturismo, we kennen de eigenaar, we kennen zelfs de stadjes in de omgeving. En toch verveelt het niet. Toch is het telkens opnieuw de eerste bestemming die de kinderen opperen wanneer we over onze vakantieplannen beginnen te praten.

Het is er mooi weer. In de vijf jaar dat we er logeerden hebben we er anderhalve dag minder weer gehad. Het heeft er ooit eens een nacht en een voormiddag gestormd. Dat was de avond van de halve finale tussen Nederland en Argentinië op het WK 2014 in Brazilië en de echtgenoot was samen met onze Noorse vriend de heuvel op geklommen om de match te gaan bekijken. Het werd een lange match, want het draaide uit op verlengingen en strafschoppen en eigenlijk bleek er die avond ook niet veel te zien, vertelde de echtgenoot achteraf. Het onweer dat we in de verte hoorden rommelen, kon niet op het einde van de match wachten. En dus moesten de echtgenoot en de Noorse vriend de heuvel af in hels weer. Een zanderige steile heuvel verandert na een regenbui in een gladde, glibberige modderpoel. Een halfuurtje na de match stond er dan ook een modderduivel voor de deur van ons appartementje. Door en door nat en verschrikkelijk vuil. De volgende morgen was het grijs, viel er nog wat regen en was het vooral héél erg winderig. Geen zwembadweertje dus. De enige mindere dagen in de 8 weken die we er al doorbrachten.

Je ontmoet er fijne mensen. Ergens terugkeren waar je al geweest bent, zorgt ervoor dat je weleens mensen opnieuw tegenkomt die er een jaar eerder ook al waren. Dat kan meevallen, dat kan tegenvallen, maar in ons geval was het een fikse meevaller. Toen we er het eerste jaar logeerden, ontmoette de jongste een Noors meisje, waar ze een hele week mee doorbracht. Ook tussen beide ouderparen klikte het. Intussen brachten we al voor de vierde keer tijd samen door in Toscane en het blijft telkens opnieuw een fijn weerzien. Voor ons hoort het intussen bij Toscane: Noorse ontmoetingen. Ook de oudste vond dit jaar aansluiting bij een internationaal groepje jongeren. Er werd lang gebabbeld, er werd genoten van elkaars gezelschap. Maar er is ook een keerzijde: het maakt het moeilijker om te vertrekken. Dit jaar vertrokken wij als eersten. Zij zouden nog een weekje blijven. En dan is het moeilijk om de knop om te draaien, zeker als het fijne dagen waren. Dan vloeien er wel eens traantjes bij de dames des huizes.

Het bekende geeft rust. Weten waar je terecht komt, weten hoe ver je moet rijden, waar de winkels zijn, welke stadjes je opnieuw wil bezoeken, waar je lekker kan eten voor een eerlijke prijs, dat geeft mij rust. Ik heb soms echt wel last van reisstress: de lange rit, het pakken, hoe zal het er zijn: is het (min of meer) proper, zal er gezelschap zijn voor de kinderen, is het er rustig genoeg om goed te kunnen slapen? De avond voor we voor het eerst alleen met ons gezinnetje naar het buitenland zouden trekken, stelden ook onze dochters de vraag “of het allemaal wel zou meevallen en of ze wel andere vriendjes zouden ontmoeten”. Hier weten we zeker dat er andere kinderen zullen zijn, dat de communicatie na een paar dagen toch op gang komt en dat het allemaal wel losloopt. Voor mij is de vakantie dan ook geslaagd als ik mijn meisjes zie genieten. Als ze contact leggen, als ik hen hoor praten en spelen. Als ze ’s avonds niet lang genoeg buiten kunnen blijven “want de anderen zijn daar ook nog”. Als ik hun ogen zie blinken na alweer een geweldige dag. Als een uitstapje niet per sé hoeft, “want de rest blijft vandaag ook hier en we hadden afgesproken”…

De feestjes zijn zalig én lekker. 3 keer per week organiseert de eigenaar een feestje in het hoofdhuis, waar alle gasten welkom zijn. “Welcome party, pizza party en pasta party”. Het eten is eenvoudig, maar overheerlijk. Bovendien wordt er gedanst, gezongen, of samen naar het EK voetbal gekeken. Het is een geweldige ijsbreker, zeker als blijkt dat je voor én na de feestjes allemaal samen diezelfde heuvel moet beklimmen of afdalen. De beste manier om in contact te komen, om kennis te maken of om bij te praten. Voor een mama is er niks mooiers dan de dochters voor of achter haar zien of horen tateren.

Ze spreken er Italiaans. Ik weet dat bovenstaande dingen ook elders te vinden zijn, in Frankrijk, Spanje, Griekenland, Portugal of een eilandje in de Middellandse Zee. Maar hier komt de Italianist in mij 2 weken aan zijn trekken. Italiaans horen, pogingen doen om het te spreken, ik geniet ervan. Het hoort bij vakantie. Engelse antwoorden krijgen omdat ook zij hun vreemde taal willen oefenen en omdat ze blijkbaar héél erg duidelijk horen dat je toerist bent, nemen we er dan maar bij.

Voor ons is Toscane rust en genieten. Al 5 jaar lang. Al wordt het nu misschien wel tijd dat we een ander stukje wereld zien. De echtgenoot heeft het soms wel wat gehad met de Italiaanse chaos, het domani-principe (morgen is er nog een dag), het verkeer, de heuvels (het draaien en keren, de concentratie), altijd weer pizza en pasta of ijsjes. Misschien wordt het nu echt wel tijd om onze Noorse vrienden in eigen land een bezoekje te brengen ;-).

Toscane 2016

Een beetje Italië in België

We zijn terug in het land. Onze jaarlijkse vakantie zit er jammer genoeg op. 2 weken Italië en we hebben met volle teugen genoten. Van het weer, het lekkere eten, de ijsjes, het zwembad, de uitstapjes, het gezelschap en van elkaar. Een verslag, onze hoogtepunten en mindere belevenissen, de vakantieversies van mijn “Stommiteiten”,… volgen zeker nog de komende weken.

Maar wat een terugkeer! Voor één keer kwamen we niet in een temperatuurshock terecht, maar kregen we bij onze thuiskomst Italiaanse temperaturen. Kwestie van de overgang dit keer wel verteerbaar te maken. Dat was de voorbije jaren wel eens anders, met als triest dieptepunt die keer dat we in Turkije vakantie vierden, er vertrokken met bijna 40 graden en een dagje later ontwaakten bij een Belgisch grijze 12 graden.

IMG_6970Bovendien hebben wij hier wel meer trucjes om het vakantiegevoel nog even te laten doorleven. Vakantiesouvenirs hadden we dit jaar niet meer bij. De kinderen hebben geen Italiaans T-shirt of zilveren oorhangertjes gekozen op één of ander marktje of bij één of ander stadsbezoek. Een T-shirt dat ze in eerste instantie met veel enthousiasme aan iedereen showen, maar dat na de zomervakantie vrij snel ergens in een hoekje van hun kleerkast terecht komt om nooit meer op te duiken. Te veel vakantiesfeer, niet geschikt voor op school en een jaar later blijken ze er helemaal uitgegroeid. Als dat fantastische T-shirt al de Belgische after-reis-was overleeft, want ook dat is niet altijd een zekerheid.

Of de oorringetjes, die “gespaard” worden voor de speciale gelegenheden, maar waar na één lange, intense feestavond toch van blijkt dat onze dochters er allergisch op reageren. En de hangertjes dus toch geen “echt zilver” blijken te zijn, ook al was de verkoper op het marktje héél erg zeker van zijn stuk. Of die helemaal verkleurd blijken te zijn na een douchebeurt, waarop we samen beslissen dat groen uitgeslagen oorbellen misschien toch niet de meest ideale keuze zijn voor meisjes met een heel gevoelige huid.

Dit jaar brachten we uit onze agriturismo wel zelfgemaakte wijn, olijfolie en pasta mee. Zodat we ook de komende weken af en toe nog eens Italië op ons bord kunnen brengen. Of van een mooie zomeravond genieten met een heerlijk glaasje witte wijn. Al mag de pasta van de echtgenoot en de dochters nog wel even in de kast blijven. Na 2 weken Italiaans eten hebben mijn huisgenoten hier even behoefte aan normale Belgische kost. Wat ik wel begrijp, maar ergens ook jammer vind.

Toen we lang geleden, in het vijfde middelbaar, op Romereis gingen, bleek ik al de enige te zijn die het absoluut niet erg vond dat er bij terugkeer een lasagne op het menu stond. Daar waar de jaargenoten al dagen aan het fantaseren waren over de gerechten die ze in België wilden eten, genoot ik intens van al dat Italiaans heerlijks en mocht dat voor mij gerust nog even blijven duren. Ik had ook absoluut geen nood aan het McDonald’s-uitstapje in Rome waar iedereen naar aftelde. Maar volgende week zijn we al 10 dagen terug thuis, dan wordt het  dringend tijd om nog eens wat Italiaans op ons menu te zetten. Toch?

Ook ontbijten doe ik momenteel nog altijd op zijn Italiaans. Vorig jaar ontdekte ik de ontbijtgranen van “Gran Cereale”. Al bij ons eerste Coop-bezoekje bleek dat ze dit jaar hun gamma zelfs nog uitgebreid hebben, met een chocoladeversie. Zalig! En dus sloeg ik meteen een voorraadje in, sleurden we dat mee de Alpen over en kan ik me ’s morgens nog even in Italië wanen als ik in onze veranda geniet van de Belgische zomer. Jammer genoeg zijn die dingen maar beperkt houdbaar en dus zal ik binnen een paar weken weer moeten overschakelen naar het Belgisch brood of de Amerikaanse graanvarianten.

Maar tegen dan is het “dolce far niente-gevoel” allicht ook al uit mijn systeem en word ik weer helemaal in de Belgische hectiek gezogen. Ook al nemen we ons elk jaar voor om toch een beetje Italiaanse rust te behouden, om toch wat meer te genieten, om onze pauzeknop van op vakantie ook tijdens het jaar wat meer te activeren. En ach, misschien duren mooie liedjes niet lang, maar we doen toch weer een poging. De wijn staat hier al koud ;-).

Einde van de lagere school

school-is-out-schoolbordHet is zover. Straks, als de schoolpoort deze middag voor twee maanden dicht gaat, sluiten wij de lagere schoolperiode af. Dinsdag kreeg de jongste haar getuigschrift, vandaag neemt ze afscheid van de jongens en meisjes waar ze 9 jaar een klas mee deelde. Ze zal het moeilijk krijgen, ons meisje, en er zullen allicht ook wat traantjes vloeien.

Het is ook niet niks, het afscheid van de lagere school. 9 jaar lang zaten ze samen in een klas. Met haar beste vriendin deelt ze al een klas sinds het eerste kleuterklasje. En nu zullen de wegen scheiden. Want een aantal kinderen zoekt nieuwe (school)oorden op en daar is onze dochter bij. Maar er zijn al afspraakjes gemaakt, ze zullen elkaar nog geregeld zien in deze lange vakantie die op hen wacht. En eigenlijk zijn ze wel toe aan iets nieuws. Het wordt straks een beetje slikken, maar toch kijken ze ook al uit naar de nieuwe school, de nieuwe klasgenootjes, de nieuwe vakken, de nieuwe leerkrachten… Het helpt dat er hier in huis een oudere zus is met vele verhalen over de nieuwe school. Of dat we al eens gingen kijken op de opendeurdag. Dat er al dansvriendinnetjes zijn die ook naar de nieuwe school zullen gaan.

Maar straks dringt het echt door: de lagere school-periode zit erop. In september wordt het een nieuwe speelplaats, met nieuwe gezichten. Voor ons wordt het na 12 jaar geen ochtendritje meer langs deze school om een kind af te zetten. Geen twee stops meer voor de echtgenoot. Het wordt wennen. 12 jaar lang stonden we elke ochtend en elke avond aan de schoolpoort. We kennen heel veel gezichten, je kwam er altijd wel een bekende tegen. Dat valt nu weg. Vanaf september hoeven we niet meer aan de schoolpoort te gaan staan, maar rijden ze zelf, met de fiets. Alweer een stapje verder in hun groei naar zelfstandigheid, alweer een beetje meer loslaten.

En dus heeft ook de mama het vandaag wel een beetje moeilijk. Afscheid nemen na 12 jaar, het is toch wat. En het gaat zo snel in dat middelbaar. Ze groeien zo snel op, ze maken zich zo snel los. Het hoort er uiteraard bij, en ik ben heel trots op mijn dochters, op wie ze aan het worden zijn, maar tegelijkertijd blijven ze in mijn ogen die piepkleine baby’tjes die wij met heel veel liefde verwelkomden in onze wereld. Wil ik hen nog altijd even hard beschermen tegen alle pijn en onrecht op hun pad, maar moet ik hoe langer hoe meer toekijken hoe ze dat zelf beginnen doen. Geef ik hen hoe langer hoe meer de touwtjes zelf in handen en sta ik ergens op de achtergrond klaar om te helpen als dat zou nodig zijn. Maar dat is hoe langer hoe minder nodig. En dat maakt me blij, maar ook een beetje triestig.

Gelukkig hebben we nog 2 maanden om ons voor te bereiden op de nieuwe realiteit. En dat zal vooral de mama hard nodig hebben…

Examens-EK: onmogelijke combinatie?

De examenstress hangt weer in huis. De oudste begint er dinsdag aan, met wiskunde, en heeft er dus al een blokweekend opzitten. De jongste rondt haar lagere school af met een examenreeks vanaf donderdag en de leraar-echtgenoot zit al weken van ’s morgens tot ’s avonds te werken om alles rond te krijgen: de laatste taken en toetsen verbeteren, zijn examens opstellen, examens afnemen, verbeteren en delibereren. Zeker de periode vlak voor de examens van start gaan, hangt er veel zenuwachtigheid in huis. Van zodra we in de examenperiode zelf zitten, keert er een zekere rust terug. Dan vervallen we al snel in een vaste routine, zeker voor de oudste en de echtgenoot, die halve dagen naar school moeten en halve dagen thuis zitten werken.

IMG_6391Maar dit jaar is het ook EK voetbal. Wat alles nog een beetje meer compliceert. Want wij zijn hier allemaal voetballiefhebbers en fans van de Rode Duivels. De Belgische Euro 2016-matchen staan al maanden in mijn agenda genoteerd. Om zeker te zijn dat ik die dagen geen andere afspraken plan en ruim op tijd thuis ben om de matchen te kunnen zien. Enfin ja, zien. In hoeverre ik echt zal kijken, weet ik nog niet. Ik leef immers (te) hard mee, maak mezelf ook regelmatig wijs dat ik ongeluk breng en dat ik dus beter in de keuken zit en niet kijk. Het is hier in huis trouwens al geweten dat de doelpunten van de Rode Duivels meestal vallen op momenten dat ik even niet voor het scherm zit. Ik kan dus misschien mijn zitje in de keuken al reserveren.

Maar de combinatie EK-examens is gewoon zwaar. Ook al leven onze dochters mee, toch zullen ze de eerste ronde-matchen allicht moeten missen. De meeste matchen zijn gewoon te laat en we willen toch op zijn minst dat ze uitgeslapen zijn voor hun examens. En dus hopen we maar dat de Rode Duivels de eerste ronde overleven, dan krijgen onze meisjes misschien ook nog een match “live” te zien. En ondanks de hele euforie en de halve finale- of finale-dromen hier in België zal het al een prestatie zijn als we de eerste ronde overleven in onze groep.

De eerste 3 matchen van een groot tornooi vallen met zekerheid in de examens. Als je dan geluk had dat er eens geen examen viel na een match, kon je wel eens twee uurtjes voetbal beleven. Maar je miste zeker één of meerdere matchen. En tegen dat je dan wel vrij was, lagen de Rode Duivels er uit, of gingen ze eruit. Heel erg frustrerend! Zo herinner ik me nog héél goed het WK 1986 in Mexico, met matchen om middernacht en om 2 uur ’s nachts. Ik was toen (bijna) 13 en zal in het tweede middelbaar gezeten hebben. Uiteraard mocht ik niet opblijven om de matchen te zien.

Maar toch leefde ik mee en dus vroeg ik telkens opnieuw aan mijn vader of hij na de match wou komen zeggen wat ze gedaan hadden. Wat hij niet écht van plan geweest zal zijn, maar om één of andere reden hoorde ik hem telkens de trap op komen en kon ik even mijn kamer uit om te vragen hoe het geweest was. Waarna ik met een gerust hart verder kon slapen. De eerste match die ik wel mocht zien, was de halve finale tegen Argentinië. En toen verloren we. Er was ook nog een troosting op zaterdagnamiddag, maar dat bleek de match teveel en ook toen gingen we onderuit. Erg pijnlijk: het beste tornooi ooit van de Rode Duivels, maar de enige matchen die ik mocht/kon zien, verloren we.

Intussen zijn we 30 jaar later, hebben we zelf kinderen die ook meeleven en gunnen we hen van harte hun matchen en hun topmomenten, maar willen we als ouders tegelijkertijd ook dat ze uitgeslapen aan hun examens beginnen. Dus sturen we hen op tijd naar bed en moeten ze de matchen missen, net als de mama vroeger. En vinden ze dat allicht even irritant als de mama vroeger. We zullen dus maar duimen dat de Rode Duivels doen wat ze beloven. Want als ze de halve finale of de finale halen, dan hebben onze dames nog heel wat matchen te goed. Dan kunnen ze zich uitleven met de schmink en de vlaggen die hier al klaar liggen.

Maar eerst winnen van Italië. Ik zal alvast in de keuken gaan zitten, kwestie van zeker geen ongeluk te brengen ;-).

Vermist en gevonden

De voorbije 48 uur waren niet meteen de beste uit ons leven. Dinsdag maakte ons hondje Indie van een kiertje in de voordeur gebruik om er vandoor te gaan. Wij waren allemaal al de deur uit, maar onze poetsvrouw was hard aan het werk in ons huis. Tot Indie dus het huis uit stormde, op zoek naar avontuur. Paniek!

Het was Indies tweede vlucht en het was allicht ook geen toeval. Wat we niet wisten toen we Indie kochten was dat ze “een Tsjechisch paspoort” had. Dat ze dus het slachtoffer was van wat An Lemmens telkens opnieuw de broodfokkers noemt. Op de website waar we Indie vonden, stond duidelijk “eigen kweek”. Maar blijkbaar is het voldoende om één ras zelf te kweken om daarmee uit te pakken. En je krijgt de verrassing pas te horen als je je pup al gekozen hebt: “ze heeft een Tsjechisch paspoort, dat vindt u toch niet erg?”.

Nochtans hadden we al wat ervaring. Indie is ons tweede hondje. Ze kwam in huis nadat “ons Pepper” op 11-jarige leeftijd aan de gevolgen van ouderdomskanker overleed. Wat we in de loop der jaren vooral merkten, was dat Indie heel erg afstand hield, ook ten opzichte van mensen die ze eigenlijk zou moeten kennen: mijn ouders, de buurman, onze vrienden, onze poetsvrouwen. Ze bleef blaffen, ze bleef grommen en ze bleef letterlijk afstand houden. Ze heeft nooit agressief gereageerd, ze is eigenlijk heel lief, maar ze houdt afstand. Daarnaast hebben we het vermoeden dat ze niet goed ruikt en/of niet altijd even goed hoort. Of wil luisteren, dat kan ook. Ze is allicht veel te vroeg weggehaald bij de mama en ze heeft vermoedelijk een zwaar transport meegemaakt. Na ons Pepper, een opvallend aanhankelijk en trouw hondje, was het toch wel even wennen.

Een paar jaar geleden ontsnapte ze al eens op Oudejaarsavond. Maar ze zat buiten, toen heel vroeg op de avond in de buurt vroege vuurpijlen werden afgeschoten. Een dag later vonden we haar dankzij een alerte buurvrouw gelukkig terug. We spoorden het gaatje in onze afsluiting op en lieten haar voortaan binnen zitten als we even niet thuis waren. We weten het aan de knallen en stopten het ver weg in onze herinneringen.

Tot ze gisteren dus opnieuw de plaat poetste. Onhoudbaar, zonder om te kijken naar onze poetsvrouw of de buurman, die nog probeerden haar tegen te houden en terug naar huis te jagen. De rest van de dag werd er gezocht: eerst door mijn schoonouders, na school ook door de echtgenoot en de dochters. Ik contacteerde de politie en plaatselijke asielen, zocht online en spamde de nieuwe media-kanalen om het berichtje zo veel mogelijk te verspreiden. Maar het haalde weinig uit. Ze bleef onvindbaar.

En dan sta je op en ga je de keuken in zonder begroet te worden met gekwispel. Zie je haar lege mand en merk je buiten dat het bordje eten dat je optimistisch toch buiten gezet had niet aangeraakt werd. Besef je dat de tijd begint te dringen. Zie je traantjes bij de dochters en probeer je je zelf ook met een ferme krop in de keel sterk te houden. “Dat we de moed niet opgeven, dat we vertrouwen moeten hebben in ons hondje (of haar honger)”, maar word je zelf stilaan toch ook pessimistischer over de goede afloop. Begin je te vrezen dat je toch nooit twee keer dat geluk zal hebben. Telkens en telkens opnieuw speur je de grote baan af met de daver op het lijf. Dat je haar zal vinden langs de kant van de weg. Doe je nog maar eens een toertje, stilaan tegen beter weten in.

20160525_181420En dan rinkelt opeens de telefoon. De buurjongen riep tijdens het eten ineens: “ik zie Indie”. De buurvrouw die zonder te controleren haar telefoon neemt en belt. De oudste die de telefoon beantwoordt, meteen alles laat vallen en samen met de papa en de jongste naar buiten stormt. Ons Indie die doodgemoedereerd komt aanwandelen. Vuil en vies, zwart, volledig onder het slijk. De oudste die mij dan met een klein stemmetje belt terwijl ik met de trein naar huis spoor. Een pak dat van je hart valt.

Thuiskomen, de dochters zien lachen en genieten van de zotte badkuren van ons hondje. Zo immens opgelucht dat we weer compleet zijn…

Kleine momenten van geluk

Onze dochters hebben dansoptreden dit weekend. Zaterdagavond en zondagavond geven ze allebei het beste van zichzelf. Dit jaar zijn ze zelfs “jubilarissen” binnen de dansschool, al telt hun 5 jaar dienst nog niet om hen in de bloemetjes te zetten op het podium. Die eer is enkel voor de jubilarissen met 15 en 20 jaar op de teller weggelegd.

Zenuwachtig zijn onze meiden eigenlijk niet. De zenuwen horen eigenlijk meer bij de laatste hectische weken repetitie, als de laatste hand gelegd wordt aan de dansjes. Maar deze week, bij de eerste oefensessies in de zaal en op het podium (met de juiste kledij en attributen) is het alsof alles in de plooi valt. Loopt alles perfect? Natuurlijk niet, dat mag ook niet: de generale repetitie moet ook gewoon volledig fout lopen voor een goede première, maar onze meisjes hadden er zin in.

Zaterdag moeten ze er al héél vroeg zijn. De show wordt in de namiddag nog eens helemaal doorlopen. In het begin van hun danscarrière was dat zwaar. Meestal waren onze meisjes dan al moe tegen de start van hun eigenlijke optreden, maar nu vinden ze een namiddag bij de dansvriendinnetjes gewoon leuk. Er wordt héél veel getetterd, gegiecheld, gelachen en gesnoept achter de schermen. Tot het beginuur nadert en het wel echt wordt. Dan krijgen een aantal meisjes echt plankenkoorts.

Onze dames dus niet. De jongste kalmeert haar dansvriendinnetjes en heeft zelf helemaal geen last van zenuwen. Zij liep 5 minuten voor het optreden (dat hun groepje mocht openen) nog boekjes te verkopen (en veel praat te verkondigen). De oudste was al een week aan het aftellen. Zij had namelijk twee vriendinnetjes uitgenodigd om te komen supporteren en met zijn drieën keken ze daar héél hard naar uit. (En naar het logeerpartijtje achteraf).

En dan ga je de zaal in, gaan de lichten uit en komen de kinderen op het podium voor een wervelende show van zo’n drie uur. Op voorhand hebben we samen aangeduid wanneer onze meisjes het podium op mogen en tellen we af naar hun dansjes. Tijdens hun optreden hebben we enkel en alleen oog voor onze dochters. Zijn we blij als alles goed lukt, genieten we van hun stralende gezichten (ook al mochten ze allebei NIET lachen tijdens één van hun 4 dansen en hadden ze ons daarvoor op voorhand goed verwittigd dat ze écht wel serieus moesten blijven) en hun flexibele lijven tijdens de hiphop en vinden we hen uiteraard de allergrootste danstalenten die we in ons leven ooit gezien hebben.

trotsEn toch is het voorbij voor je er erg in hebt. Komen ze na afloop vol gebabbel en gelach uit de kleedkamers, vertellen ze exact wat er misliep en waar ze toch wel een foutje gemaakt hadden (dat wij natuurlijk niet opgemerkt hadden). Kruipt de jongste in haar bed, legt ze haar hoofd op haar kussen en valt ze doodmoe meteen in slaap. De oudste had nog wat tijd nodig om met de vriendinnetjes na te kaarten, maar na een uurtje was het daar ook ineens stil in de kamer.

En nu is het luierzondag. Worden de batterijtjes weer opgeladen. We slapen uit, er wordt “gehangen” en film gekeken. De meisjes doen het even kalm aan, want straks wacht het tweede optreden. Dan zullen ze nog een keertje alles geven en gaan wij nog éénmaal genieten van hun magie en stralende gezichten. En noteren we de data van het volgende optreden al in onze agenda, dan kunnen we beginnen aftellen…

Aprilse grillen…

April was een koude maand met twee gezichten. Telkens opnieuw slingerend van het ene uiterste in het andere. Een maand waarin we ziek waren en een feestje vierden. Een maand waarin goed nieuws uitmondde in stommiteiten. Een maand met hoogtes en laagtes.

Het was alweer een drukke maand. Elk weekend stond er minstens één activiteit op het programma. Leuk allemaal. We vierden de vierde geboortedag van het petekindje, de tweede verjaardag van het metekindje, er was de communie van de jongste, de opendeurdag bij de echtgenoot op school, we woonden een theatervoorstelling bij en eindigden met een lentefeest in de familie. De avondafspraken heb ik dan ook zoveel mogelijk trachten te beperken. Het huishouden schoot er deze maand zo al regelmatig bij in. Ik zit nog altijd met een strijkachterstand en ondanks hulp van oma raak ik maar niet bijgebeend. Al heb ik op dat vlak grootse plannen voor het lange weekend. Tegen zondag hoop ik eindelijk nog eens met lege manden een werkweek te kunnen ingaan.

IMG_6355Lang geleden trouwens dat april nog zo koud was. Normaal gezien wissel ik de zomer- en winterkleren telkens in de Paasvakantie. Met een sjaal erbij is het dan meestal wel te doen om na Pasen de zomerkleren – in laagjes – uit de kast te halen. Dit jaar heb ik tot vandaag (2 mei) mijn winterjas en winterkleren gedragen wegens afgrijselijke kou. Vorige week had ik zelfs spijt dat ik mijn handschoenen niet bij had. (En ja, ik ben een koukleum. Onder de 20 graden blijven mijn handen en voeten in ijsklompen veranderen en nestel ik mij ’s avonds liefst met een deken tot boven de oren in de zetel.)

Maar nu we dit lange weekend voor even de warmste plek in Europa zullen zijn, wordt het tijd voor de grote wissel. De jongste heeft morgen een facultatieve verlofdag, wat geweldig goed uitkomt. Dan kan zij meteen ook passen en kunnen we weer kleren sorteren. De oudste kan dan donderdag volgen. Kunnen we meteen ook een inventaris maken van de kledij die de dochters voor de zomer nog nodig zullen hebben. Maakt de mama een lijstje van “noodzakelijke” aankopen, terwijl de dochters hun “gewenste” aankopen oplijsten. Vreemd genoeg blijkt dat meer niet dan wel overeen te komen ;-).

Intussen blijven de dochters maar groeien. Vorige week had de jongste een paar nieuwe schoenen nodig. Het blijft vreemd om te constateren dat we hier intussen met zijn drieën dezelfde maat delen. Bovendien heb ik nog maar 5 cm over op de kleinste, die maar blijft doorschieten. Nog een jaartje misschien en dan zal ik officieel de kleinste in huis zijn. De oudste zit intussen met de regelmaat van de klok in mijn kleerkast. Ze vist er basisstukken uit (zo durft ze wel eens ongevraagd een zwart vestje te lenen) en heeft haar zinnen gezet op één van mijn zomerjurkjes. Waar ze – dat moet ik toegeven – ook wel fantastisch mooi mee staat. Maar ikzelf ben/was er ook niet mis mee, volgens de verder uiterst objectieve echtgenoot.

Gelukkig is ze niet over alle jurken even enthousiast. Sommige kledingstukken vindt ze best ok “voor een vrouw van mijn leeftijd”. Of dat nu een compliment was of niet, daar ben ik eigenlijk nog niet uit. Ik durf/wil het eerlijk gezegd ook niet vragen…

Enfin, wij zijn hier allemaal blij dat de aprilse grillen (even) voorbij zijn en dat we een paar rustige, warme dagen in het vooruitzicht hebben. We plannen terrasjes, een barbecue, ijsjes, een uitstapje en veel rust. We vinden dat we voorlopig wel genoeg stommiteiten gehad hebben. En tussendoor gingen we ook nog eens het huishouden bijwerken. Allicht zullen er keuzes gemaakt moeten worden. Rigoureus. Dat wordt weer een strijkachterstand begin volgende week ;-).