Piemonte: een dubbeltje op zijn kant

Tweede stop in onze Italiëreis dit jaar was Piemonte. Voor ons onbekend, maar we waren klaar voor de ontdekking van een nieuwe Italiaanse regio. Het werd een moeilijke week, maar uiteindelijk vielen we toch (min of meer) voor de nieuwe ontdekking.

We namen een valse start. Er vloeiden wat traantjes toen we uit Toscane vertrokken en sommige gezinsleden waren misschien liever daar gebleven. We reden ook een klein beetje verloren toen we bijna ter plekke waren en het is niet evident om op je stappen terug te keren als je op een eenrichtingsbaan midden in de wijnvelden heuvelopwaarts strandt. Hoewel de echtgenoot een uitstekende chauffeur is, knijp ik toch mijn ogen dicht als je je wagen moet keren waar er eigenlijk niet echt veel plaats is. En dan blijken de “heuveltjes” in Piemonte toch écht wel serieuze heuvels te zijn, die nogal abrupt aan het einde van de weg eindigen.

Ook ons hotelletje was even wennen. Een typisch Italiaans familiehotelletje (lees: met vast tapijt en ouderwets behangpapier), midden in een residentiële woonwijk. Het enige zwembad in de omtrek, dat vooral in het weekend overspoeld werd door Italiaanse dorpelingen die ook verkoeling zochten. De eerste twee dagen bleek het er “uitzonderlijk” heet voor de tijd van het jaar, wat vooral ’s nachts te merken was: geen airco, geen vliegenraam. De Italiaanse muggen genoten met volle teugen van de Belgische hapjes: de echtgenoot en de oudste bleken erg in de smaak te vallen. Het raam sluiten was wegens de hitte geen optie en dus hadden we een paar onrustige nachten.

Het uitzonderlijk hete weer werd na een paar dagen gevolgd door onweer. Ja, ook in Piemonte kennen ze dat typische zomerfenomeen. En een onweertje in Piemonte is niet te onderschatten: eerst trekken alle wolken samen en kleurt het hele dal donker, waarna het klettert, bliksemt en dondert en ontzettend intens durft te regenen. Maar het is kort en krachtig: het trekt ook snel terug open. Ik was wel ontzettend blij dat we niet op dat moment onze heuvel aan het op- of afrijden waren, want het water stroomt dan letterlijk de berg af.

Tenslotte zijn wij geen wijnkenners en laat dat nu één van de belangrijkste troeven van Piemonte zijn: de uitstekende wijnen (o.a. de Barolo). Eigenlijk ga je naar Piemonte om in elk dorp een “castello” te bezoeken, de plaatselijke wijn te degusteren en de juiste flessen mee naar huis te nemen. Wij drinken wel eens graag een wijntje, maar daar stopt het ook. Laat staan dat we 55 euro of meer zouden betalen voor iets wat wij niet volledig naar waarde kunnen schatten.

Maar het kwam allemaal goed. De eigenares van ons hotelletje was een fantastisch lieve dame, die echt wel voor het hotelvak geboren was. Ze deed niets liever dan haar gasten in de watten leggen. Bovendien had ze een uitstekende kok: het ontbijt en het Italiaanse avondmaal waren echt om duimen en vingers bij af te likken. Het was er ook zeer rustig, op het weekend na dan. Zo hadden we op dinsdagmorgen het zwembad helemaal voor ons alleen. Wisten wij toen veel dat het binnen het uur zou betrekken én hevig onweren ;-). Gelukkig brachten de buitjes ook minder heet weer met zich mee, en minder zwoele nachten. Minder nachtelijke muggenaanvallen, zodat we ook terug aan slapen toe kwamen.

Ook cultureel bleek Piemonte over fijne troeven te beschikken. Alba was écht wel een ontdekking. Een fantastisch leuk, aangenaam, klein stadje bij op onze favoriete Italiaanse stedenlijst. Asti vonden wij dan weer net iets minder uitnodigend. Piemonte is veel minder op toeristen gericht dan Toscane. Dat heeft een aantal nadelen (de Italiaanse siësta tussen 12u30 en 15u30 valt naar Belgische normen nogal slecht, zeker als ook het avondmaal op zijn Italiaans ten vroegste om 19u30 geserveerd wordt – honger!), maar zeker ook zijn voordelen. De steden in Piemonte zijn relatief rustig te bezoeken. Al helpt het natuurlijk wel als je besluit een stad te bezoeken op één van de heetste dagen van het jaar midden in de siësta, de warmste uren van de dag. En wij ons maar afvragen wat er aan de hand was, waar in godsnaam al dat volk verstopt zat. De Italianen zullen ons zot verklaard hebben dat we ons toen buiten waagden.

De laatste 2 dagen genoten we ’s morgens van uitzonderlijk helder weer, waardoor we de Alpen in de verte perfect konden zien liggen vanuit onze hotelkamer. En dan blijkt die heuvelachtige omgeving in het niet te vallen tegen de machtige bergketen erachter. Dan lijkt het hele dal met de vele heuvels ineens uit te vlakken. Maar wat een natuurpracht! Het was écht om stil van te worden.

We hebben in Piemonte genoten van de rust met ons viertjes, van de prachtige omgeving en van de natuurelementen. Onze dochters vatten het op het einde van onze tweede week goed samen: “Fijn dat we dit gedaan hebben, maar een terugkeer hoeft niet meteen.” Al hadden we toen nog 3 dagen Turijn voor de boeg…

Piemonte 2016

Advertentie

Toscane: de geliefde bekende.

Onze eerste week vakantie in Italië brachten we door in Toscane, intussen al voor de vijfde keer. We kennen de streek, we kennen onze agriturismo, we kennen de eigenaar, we kennen zelfs de stadjes in de omgeving. En toch verveelt het niet. Toch is het telkens opnieuw de eerste bestemming die de kinderen opperen wanneer we over onze vakantieplannen beginnen te praten.

Het is er mooi weer. In de vijf jaar dat we er logeerden hebben we er anderhalve dag minder weer gehad. Het heeft er ooit eens een nacht en een voormiddag gestormd. Dat was de avond van de halve finale tussen Nederland en Argentinië op het WK 2014 in Brazilië en de echtgenoot was samen met onze Noorse vriend de heuvel op geklommen om de match te gaan bekijken. Het werd een lange match, want het draaide uit op verlengingen en strafschoppen en eigenlijk bleek er die avond ook niet veel te zien, vertelde de echtgenoot achteraf. Het onweer dat we in de verte hoorden rommelen, kon niet op het einde van de match wachten. En dus moesten de echtgenoot en de Noorse vriend de heuvel af in hels weer. Een zanderige steile heuvel verandert na een regenbui in een gladde, glibberige modderpoel. Een halfuurtje na de match stond er dan ook een modderduivel voor de deur van ons appartementje. Door en door nat en verschrikkelijk vuil. De volgende morgen was het grijs, viel er nog wat regen en was het vooral héél erg winderig. Geen zwembadweertje dus. De enige mindere dagen in de 8 weken die we er al doorbrachten.

Je ontmoet er fijne mensen. Ergens terugkeren waar je al geweest bent, zorgt ervoor dat je weleens mensen opnieuw tegenkomt die er een jaar eerder ook al waren. Dat kan meevallen, dat kan tegenvallen, maar in ons geval was het een fikse meevaller. Toen we er het eerste jaar logeerden, ontmoette de jongste een Noors meisje, waar ze een hele week mee doorbracht. Ook tussen beide ouderparen klikte het. Intussen brachten we al voor de vierde keer tijd samen door in Toscane en het blijft telkens opnieuw een fijn weerzien. Voor ons hoort het intussen bij Toscane: Noorse ontmoetingen. Ook de oudste vond dit jaar aansluiting bij een internationaal groepje jongeren. Er werd lang gebabbeld, er werd genoten van elkaars gezelschap. Maar er is ook een keerzijde: het maakt het moeilijker om te vertrekken. Dit jaar vertrokken wij als eersten. Zij zouden nog een weekje blijven. En dan is het moeilijk om de knop om te draaien, zeker als het fijne dagen waren. Dan vloeien er wel eens traantjes bij de dames des huizes.

Het bekende geeft rust. Weten waar je terecht komt, weten hoe ver je moet rijden, waar de winkels zijn, welke stadjes je opnieuw wil bezoeken, waar je lekker kan eten voor een eerlijke prijs, dat geeft mij rust. Ik heb soms echt wel last van reisstress: de lange rit, het pakken, hoe zal het er zijn: is het (min of meer) proper, zal er gezelschap zijn voor de kinderen, is het er rustig genoeg om goed te kunnen slapen? De avond voor we voor het eerst alleen met ons gezinnetje naar het buitenland zouden trekken, stelden ook onze dochters de vraag “of het allemaal wel zou meevallen en of ze wel andere vriendjes zouden ontmoeten”. Hier weten we zeker dat er andere kinderen zullen zijn, dat de communicatie na een paar dagen toch op gang komt en dat het allemaal wel losloopt. Voor mij is de vakantie dan ook geslaagd als ik mijn meisjes zie genieten. Als ze contact leggen, als ik hen hoor praten en spelen. Als ze ’s avonds niet lang genoeg buiten kunnen blijven “want de anderen zijn daar ook nog”. Als ik hun ogen zie blinken na alweer een geweldige dag. Als een uitstapje niet per sé hoeft, “want de rest blijft vandaag ook hier en we hadden afgesproken”…

De feestjes zijn zalig én lekker. 3 keer per week organiseert de eigenaar een feestje in het hoofdhuis, waar alle gasten welkom zijn. “Welcome party, pizza party en pasta party”. Het eten is eenvoudig, maar overheerlijk. Bovendien wordt er gedanst, gezongen, of samen naar het EK voetbal gekeken. Het is een geweldige ijsbreker, zeker als blijkt dat je voor én na de feestjes allemaal samen diezelfde heuvel moet beklimmen of afdalen. De beste manier om in contact te komen, om kennis te maken of om bij te praten. Voor een mama is er niks mooiers dan de dochters voor of achter haar zien of horen tateren.

Ze spreken er Italiaans. Ik weet dat bovenstaande dingen ook elders te vinden zijn, in Frankrijk, Spanje, Griekenland, Portugal of een eilandje in de Middellandse Zee. Maar hier komt de Italianist in mij 2 weken aan zijn trekken. Italiaans horen, pogingen doen om het te spreken, ik geniet ervan. Het hoort bij vakantie. Engelse antwoorden krijgen omdat ook zij hun vreemde taal willen oefenen en omdat ze blijkbaar héél erg duidelijk horen dat je toerist bent, nemen we er dan maar bij.

Voor ons is Toscane rust en genieten. Al 5 jaar lang. Al wordt het nu misschien wel tijd dat we een ander stukje wereld zien. De echtgenoot heeft het soms wel wat gehad met de Italiaanse chaos, het domani-principe (morgen is er nog een dag), het verkeer, de heuvels (het draaien en keren, de concentratie), altijd weer pizza en pasta of ijsjes. Misschien wordt het nu echt wel tijd om onze Noorse vrienden in eigen land een bezoekje te brengen ;-).

Toscane 2016

Een beetje Italië in België

We zijn terug in het land. Onze jaarlijkse vakantie zit er jammer genoeg op. 2 weken Italië en we hebben met volle teugen genoten. Van het weer, het lekkere eten, de ijsjes, het zwembad, de uitstapjes, het gezelschap en van elkaar. Een verslag, onze hoogtepunten en mindere belevenissen, de vakantieversies van mijn “Stommiteiten”,… volgen zeker nog de komende weken.

Maar wat een terugkeer! Voor één keer kwamen we niet in een temperatuurshock terecht, maar kregen we bij onze thuiskomst Italiaanse temperaturen. Kwestie van de overgang dit keer wel verteerbaar te maken. Dat was de voorbije jaren wel eens anders, met als triest dieptepunt die keer dat we in Turkije vakantie vierden, er vertrokken met bijna 40 graden en een dagje later ontwaakten bij een Belgisch grijze 12 graden.

IMG_6970Bovendien hebben wij hier wel meer trucjes om het vakantiegevoel nog even te laten doorleven. Vakantiesouvenirs hadden we dit jaar niet meer bij. De kinderen hebben geen Italiaans T-shirt of zilveren oorhangertjes gekozen op één of ander marktje of bij één of ander stadsbezoek. Een T-shirt dat ze in eerste instantie met veel enthousiasme aan iedereen showen, maar dat na de zomervakantie vrij snel ergens in een hoekje van hun kleerkast terecht komt om nooit meer op te duiken. Te veel vakantiesfeer, niet geschikt voor op school en een jaar later blijken ze er helemaal uitgegroeid. Als dat fantastische T-shirt al de Belgische after-reis-was overleeft, want ook dat is niet altijd een zekerheid.

Of de oorringetjes, die “gespaard” worden voor de speciale gelegenheden, maar waar na één lange, intense feestavond toch van blijkt dat onze dochters er allergisch op reageren. En de hangertjes dus toch geen “echt zilver” blijken te zijn, ook al was de verkoper op het marktje héél erg zeker van zijn stuk. Of die helemaal verkleurd blijken te zijn na een douchebeurt, waarop we samen beslissen dat groen uitgeslagen oorbellen misschien toch niet de meest ideale keuze zijn voor meisjes met een heel gevoelige huid.

Dit jaar brachten we uit onze agriturismo wel zelfgemaakte wijn, olijfolie en pasta mee. Zodat we ook de komende weken af en toe nog eens Italië op ons bord kunnen brengen. Of van een mooie zomeravond genieten met een heerlijk glaasje witte wijn. Al mag de pasta van de echtgenoot en de dochters nog wel even in de kast blijven. Na 2 weken Italiaans eten hebben mijn huisgenoten hier even behoefte aan normale Belgische kost. Wat ik wel begrijp, maar ergens ook jammer vind.

Toen we lang geleden, in het vijfde middelbaar, op Romereis gingen, bleek ik al de enige te zijn die het absoluut niet erg vond dat er bij terugkeer een lasagne op het menu stond. Daar waar de jaargenoten al dagen aan het fantaseren waren over de gerechten die ze in België wilden eten, genoot ik intens van al dat Italiaans heerlijks en mocht dat voor mij gerust nog even blijven duren. Ik had ook absoluut geen nood aan het McDonald’s-uitstapje in Rome waar iedereen naar aftelde. Maar volgende week zijn we al 10 dagen terug thuis, dan wordt het  dringend tijd om nog eens wat Italiaans op ons menu te zetten. Toch?

Ook ontbijten doe ik momenteel nog altijd op zijn Italiaans. Vorig jaar ontdekte ik de ontbijtgranen van “Gran Cereale”. Al bij ons eerste Coop-bezoekje bleek dat ze dit jaar hun gamma zelfs nog uitgebreid hebben, met een chocoladeversie. Zalig! En dus sloeg ik meteen een voorraadje in, sleurden we dat mee de Alpen over en kan ik me ’s morgens nog even in Italië wanen als ik in onze veranda geniet van de Belgische zomer. Jammer genoeg zijn die dingen maar beperkt houdbaar en dus zal ik binnen een paar weken weer moeten overschakelen naar het Belgisch brood of de Amerikaanse graanvarianten.

Maar tegen dan is het “dolce far niente-gevoel” allicht ook al uit mijn systeem en word ik weer helemaal in de Belgische hectiek gezogen. Ook al nemen we ons elk jaar voor om toch een beetje Italiaanse rust te behouden, om toch wat meer te genieten, om onze pauzeknop van op vakantie ook tijdens het jaar wat meer te activeren. En ach, misschien duren mooie liedjes niet lang, maar we doen toch weer een poging. De wijn staat hier al koud ;-).

Het EK was…

Na een maand zit de voetbalgekte er jammer genoeg/gelukkig misschien (schrappen wat niet past) op. Portugal kroonde zich zondag tot Europees kampioen. Cristiano Ronaldo moest al na 25 minuten in tranen het veld verlaten door een blessure, maar was toch als een kind zo blij toen hij de beker in de lucht kon steken. Nadat alles gespeeld is, is het tijd voor een terugblik. Het EK was:

Teleurstellend. Te weinig écht goede matchen. Te veel verdedigend ingestelde ploegen die op de counter speculeerden en op het kansje dat toch zou komen. Exponent daarvan de nieuwe Europese kampioen Portugal, dat van zijn 7 matchen amper eentje winnend kon afsluiten na 90 minuten. Ik had op thuisland Frankrijk gegokt als eindwinnaar, maar het mocht niet zijn. Het werd het tornooi waarin de aanvallend ingestelde ploegen bang werden of het deksel op de neus kregen.

Er zat meer in. Als we naar het tornooi van onze Rode Duivels kijken, dan kunnen we niet anders dan concluderen dat er meer in zat. De tabel lag volledig open en ergens blijf ik geloven dat wij het tegen Portugal wel zouden gekund hebben als we tenminste van Wales hadden kunnen winnen. Maar in mijn oorspronkelijk dialect zeggen we “as(se) ligt op nen hogen berg”. Als… dan, misschien,… Het werd niet ons tornooi. Eén uitstekende match (tegen Hongarije), een goede match (tegen Ierland), een middelmatige match tegen Zweden en een zwakke match tegen Italië.

Tegen Wales had het nochtans gekund, we hebben de kansen gehad, maar de bal viel niet. En achterin waren we in de match van de waarheid zeer kwetsbaar. En dan wil ik niet met de vinger wijzen naar de jonge invallers. Eigenlijk was het last minute uitvallen van Vertonghen al een teken aan de wand. Echte tornooiploegen hebben geen zware blessures in “hun” tornooi. Of een gele schorsing van een bepalende speler op hét moment van de waarheid. We zijn soms niet slim genoeg, te braaf. Ik miste te vaak ook de grinta, de over-mijn-lijk-mentaliteit die sommige ploegen wel hebben. Misschien moeten we een voorbeeld nemen aan het opladen van de Italianen, die uit volle borst hun volkslied meebrullen (vals of niet) en bij de uitschakeling hun tranen niet meer kunnen bedwingen. Bij ons klinkt het dan “dat er ergere dingen zijn in het leven”. Dat klopt uiteraard, maar zo’n kans zullen we niet snel opnieuw krijgen.

Is het de schuld van de trainer? Natuurlijk niet, al hadden sommige zaken écht wel beter gekund. We vonden geen antwoord op het stugge, verdedigende spel van de Italianen en van de Welshmen. En dat hadden we eerder ook al maar moeizaam gevonden in de laatste voorbereidende oefenmatchen. Misschien werd er niet scherp genoeg getraind, misschien hadden er duidelijke tactische keuzes gemaakt moeten worden door de trainer. Misschien verwacht Wilmots wel te veel van zijn spelers, misschien overschat hij hen wel. Blijkbaar zijn ze niet in staat op het veld oplossingen te vinden als het niet loopt zoals ze zouden willen.

Is het op met Wilmots? Dat denk ik wel. Er wordt momenteel te veel uit de biecht geklapt en na twee kwartfinales is het wel mooi geweest. Laat een andere trainer het nu maar eens met deze selectie proberen. En voor mij mag het een trainer zijn die stevig traint, houdt van discipline en duidelijke tactische keuzes maakt. En als hij dan alstublieft wil kiezen voor de ploeg die startte tegen Ierland, want met Dembele als controlerende middenvelder voetbalde België als ploeg een stuk sterker en kreeg Witsel de kans om uit te blinken. Het middenveld is dan duidelijk balvaster en geniet mijn voorkeur.

Euro 2016 was geen versie die lang zal blijven nazinderen. Te veel saai en verdedigend voetbal, te weinig sportieve nagelbijters. Eerlijk, we hebben de Nederlanders gemist. Is het niet voor hun vrank en vrij voetbal, dan wel voor de extrasportieve verhalen, de ruzietjes, het gedoe binnen de kern. Het was allemaal zo braafjes… Gelukkig was er nog Ijsland, met hun “Viking haka”, en kleurden de supporters keer op keer het tornooi waar hun helden dat jammer genoeg te vaak vergaten. Met telkens opnieuw fantastisch sportieve gebaren. De Belgische erehaag in het station van Rijsel voor de Welshe fans was een knap hoogtepunt. Of het schitterende gebaar van het Portugese jongetje voor de ontroostbare Franse fan

Gelukkig is er de Tour om het voetbalgemis te verzachten. Al ligt ook de Ronde van Frankrijk mogelijk al in een beslissende plooi en heeft Chris Froome een nieuwe zege, zijn derde, al binnen. En binnenkort mogen we ons opmaken voor de Olympische Spelen waar de Belgian Tornados, Thomas Van Der Plaetsen en Philip Milanov mogelijk opnieuw Belgische sportgeschiedenis zullen schrijven. Dat hopen we toch!

As we speak #Duivels juni

Een “As we speak” is een blogpost waarin je vertelt over je huidige bezigheden. Kleine zaken die je gelukkig, gek of gefrustreerd maken, maar die geen hele blogpost waard zijn. Een verzameling kleine feitjes dus waarin je even halt houdt bij het leven “zoals het is”. Een poging tot een terugkerend rubriekje, geïnspireerd door Lilith van Tales from the Crib.

Voetbal. Het is EK voetbal oftewel Euro 2016 in Frankrijk. De Rode Duivels doen mee, verloren hun eerste match van Italië, speelden niet geweldig geïnspireerd en mogen straks proberen beter te doen tegen Ierland. Wij kijken, leven, lezen en ademen voetbal momenteel. Ik volg zo goed als alle matchen en kijk zeker de avondmatchen live. Vaak valt het tegen, want de écht goede matchen waren tot op heden op één hand te tellen. Maar gisteravond heb ik misschien wel de toekomstige Europese kampioen gezien. De oude, die misschien wel weer de nieuwe wordt. Wat is Spanje toch sterk, een perfect geoliede machine. Tiki taka, het bestaat nog steeds. Ik dacht dat ze oud waren, op hun retour, maar dat viel me gisteravond toch wel even tegen. Schitterende match, zowel op het veld als ernaast. Want de Turken waren niet zo geweldig en daar hadden ook hun fans moeite mee en dus begonnen ze sterspeler Arda Turan uit te fluiten. Waarop de Spaanse supporters het voor hem opnamen en voor hem zongen. Kippenvelmomentje en een perfect tegengewicht voor al het supportersgeweld van de afgelopen weken.

IMG_6392Supporteren. Ja, we geloven er nog in en we hebben alles uit de kast gehaald om van de match van de Rode Duivels (opnieuw) een feest te maken. Onze vlag hangt buiten, de woonkamer is versierd met vlaggetjes en we hebben onze shirts al aan. Straks zullen we ook nog onze oorlogsstrepen op onze wangen schilderen. En dan gaan we er helemaal voor. Of we dat EK nu winnen of niet, of we eruit liggen of niet, ik wil straks (goed) voetbal zien. Ik wil inzet zien, vechtlust, kampgeest. De volle 90 minuten. Ik wil de spanning voelen en als het teveel wordt, ga ik wel even in de keuken zitten ;-). Maar het zelfvertrouwen is toch wat minder na de match van maandag. En dus hopen we op het beste en zullen we weer roepen en tieren voor de tv…

Slaapgebrek. Amper één week zijn we bezig en we beginnen het al te voelen. Ik heb de afgelopen week te weinig geslapen. De matchen duren tot ongeveer 23 uur en daarna bleven we (te vaak) hangen voor de nabespreking die vooral met Jan Mulder ongemeen interessant is. Maar het laat zich wel gevoelen. Zeker na de match van de Rode Duivels was de nacht veel te kort en veel te woelig. Het was lang geleden dat ik nog eens wakker lag van een voetbalmatch ;-). Gelukkig heeft de UEFA medelijden en is de match tegen Ierland wel op een deftig uur gepland voor oudjes als ik. En dus zorgen we dit weekend voor de nodige recuperatie. Het tornooi duurt immers nog 3 weken.

Studeren en werken. Het zijn drukke tijden. De oudste zit volop in de examens, net als haar jongere zus en ook de echtgenoot en ik hebben tegen de start van de schoolvakantie nog een paar deadlines. Er wordt hard gewerkt, er zijn af en toe wat avondlijke verplichtingen, het is druk. Het is aftellen tot de echtgenoot en de dochters aan hun vakantie kunnen beginnen, dan zal het ritme hier even wat omlaag gaan. Hopen we toch.

Fietsen. Ik heb het goede ritme terug te pakken. Het was een paar maanden moeizaam, met veel starten en nog een keer starten en een paar weken later opnieuw starten. Ik kreeg er de eerste maanden van dit jaar geen ritme in. Te vaak ziek geweest. Te vaak te druk, geen zin, huishoudelijke verplichtingen of andere excuses. Maar sinds een paar weken lukt het wel om minstens 3 à 4 keer per week de hometrainer op te kruipen en een uurtje te trappen. En ik heb ook een goed ritme gevonden. De eerste weken durfden vooral de avondlijke sessies moeizaam te verlopen (zowel mentaal als fysiek), maar intussen zit het goed in het koppeke en het lijf. En haal ik de kilometertjes relatief vlot. Durf ik zelfs af en toe eens een superlange sessie in te gelasten en lukt dat zonder problemen. Het is weer genieten. Ik heb de “biker’s high” weer gevonden en dat doet deugd.

Top Gun. Jeugdsentiment delen met de dochters, het is niet altijd een goed idee. Back to the future konden ze wel smaken en ook Dirty Dancing kon er nog mee door. En dus keken we samen met hen ook naar de pilotenromantiek in Top Gun. Ik was een tiener toen ik de film (op groot scherm) zag en ik was toen toch wel héél erg onder de indruk. 30 jaar later vonden de dochter “het best wel ok”. Alleen al de soundtrack maakte dat voor mij een geweldige film en dan heb ik het niet over “You’ve lost that loving feeling”… Tja, les goûts et les couleurs…

Juni is hier bij ons voetbalmaand. Koning voetbal regeert en dat vind ik helemaal niet erg. Af en toe een beetje zot doen doet geen zeer. En het lezen en lekker eten maken we in de grote vakantie wel weer helemaal goed. Al zullen de typisch Belgisch frietkotfrietjes straks na een Belgische overwinning wel smaken. (Duimen maar!!!)

Mei was…

Ten huize Tifosa was mei een maand met twee gezichten. Goed, rustig, georganiseerd afgetrapt, maar net iets hectischer en iets minder strak geëindigd.

Rustig en druk. We waren de maand zo goed begonnen. Met een paar verlofdagen, een paar lange weekends en we hadden geen grootse plannen gemaakt. Gewoon genieten met ons viertjes. En het werkte: niet alleen waren we (even) uitgerust, de kasten waren gewisseld, de strijk was gedaan, er was opgeruimd en dat geeft meteen ook rust en ruimte in mijn hoofd. Gaan werken in de wetenschap dat je niet nog eens uren achter je strijkplank moet gaan zitten ’s avonds, maar alleen “mag” bloggen of fietsen, geeft mij rust.

Het lijkt dan alsof de weken “vertraagd” zijn, er is een zekere leegte die mogelijkheden biedt. Je “kan” alles, en tegelijkertijd “moet” er niks. Mijn creativiteit klopt dan overuren. Ik heb de meest wilde ideeën, vind oplossingen, breng structuur aan en heb legendarische discussies met de echtgenoot (over de Rode Duivels, over de actualiteit, over de maatschappelijke problemen, over de toekomst van onze kinderen,…) Het zijn vaak ook mijn meest productieve weken. Net omdat er niks “moet”, gebeurt er veel. Dingen die al eeuwen op mijn to do-lijstje stonden worden eindelijk ook eens aangepakt.

En dan klopt de realiteit weer aan je deur. Dan heb je een paar héél hectische weekends na elkaar. Je bent bijna niet thuis, je probeert de normale huishoudelijke routine wel tussendoor te doen, maar het eindigt op zondagavond meestal met volle wasmanden waarvan er vaak maar één of twee gestreken zijn. Je hebt dan ook in de week een aantal afspraken waardoor je je normale routine tussendoor probeert te plannen. Je moet kiezen tussen bloggen of fietsen of strijken. In plaats van “rust” in je hoofd, krijg je een opgejaagd gevoel, is het “drukdrukdruk” en ben je alleen maar moe. Dat probeer je in je weekends te compenseren, maar je kan niet tegelijkertijd slaap én huishoudelijk werk én quality time inhalen. Kiezen is verliezen, maar dat wil je niet en dus prop je alles vol en hol je maar door om toch zoveel mogelijk tegelijk rond te krijgen. En dan vergeet je tussenin eigenlijk in het moment te leven en te genieten van de kleine dingen.

Zon en grijs. Grappig genoeg hingen bovenstaande weken ook samen met zonnige en grijze weken. De weken dat er hier rust in huis was, waren toevallig ook de zonovergoten weken in mei. De veranda ging open, de ligzetels kwamen in de tuin, we namen er een boekje bij en stalen een paar uurtjes. We waren helemaal in Italiëstemming en zetten een stapje terug. De slippers gingen aan, (je loopt dan ook wat trager), onze dames misten enkel nog hun zwembad. Strijken is ook een pak leuker in de zon als je tegelijkertijd ook aan je kleurtje kan werken. Zorg wel voor goede zonnecrème want al na een uurtje strijken buiten kan je wel eens rood uitslagen ;-).

Maar het weer sloeg om en de drukte sloop opnieuw ons leven binnen. En met het grijze weer valt dat voor mij ook wat moeilijker te verteren. Van zodra de zon schijnt, leef ik op, heb ik meer energie en pak ik meer dingen aan. Maar als we ’s morgens de rol optrekken en het regent of het is grijs, dan wordt er hier al eens flink gezucht. It’s all in the mind…

Juni brengt ook niet onmiddellijk beterschap. Volgende week beginnen de examens voor de dochters en bij de echtgenoot is het momenteel de klok rond werken. Verbeteren, examens opstellen, examens afnemen, punten uittellen, delibereren en nog verschillende naschoolse verplichtingen: het wordt nog een drukke maand. Maar het is mijn eerste maand met vrije woensdagen en dus kan ik inspringen. Kan ik de dochters al eens opvangen na een examen en extra in de watten leggen. Kan ik het de echtgenoot al eens wat makkelijker maken door voor twee dagen te koken.

Duivelsgekte_miniToch is juni ook een fijne maand. Want na de drukte komt de decompressie voor de echtgenoot en onze meisjes. En hier in de streek hebben ze de braderij en bijhorende kermis perfect na de examens getimed. Vrijdag begint ook het EK voetbal en naar ’t schijnt worden de Rode Duivels Europees kampioen. Hét excuus om alle rode kledij weer boven te halen, onze vlag uit te hangen en roodgeelzwart geschminkt rond te lopen. Geen betere manier trouwens om alle spanningen van je te laten afglijden dan 2 uur te roepen en te tieren tegen die 11 mannen op tv ;-). Of geen betere manier om veel strijk gedaan te krijgen als je van de spanning niet durft te kijken en dan maar besluit je huishoudelijke taken aan te pakken ;-).

En we leven op hoop: er is goed weer op komst. Toch?

Onverhoopt nieuws uit het Noorden

De voorbije jaren vierden wij telkens vakantie in “la dolce Italia”. Op aansturen van de vrouwen des huizes en die hadden daar alledrie zo hun eigen redenen voor. De zon, het lekkere eten, de schone landschappen, de gezellige steden, de Italiaanse taal, de ontspannen manier van leven, gelati, schoenen… om er maar een paar te noemen. Voor de jongste was de belangrijkste reden echter haar Noorse vriendinnetje dat ze er een paar jaar geleden had leren kennen.

5 jaar geleden gingen wij voor het eerst naar Toscane. We kwamen er terecht in één van de vele agriturismi die de streek rijk is en onze dames beleefden er 2 fantastische weken. We hadden er ongelooflijk veel geluk met onze collega-vakantiegangers: een hele troep kinderen van ongeveer dezelfde leeftijd en het klikte. Ze vormden een gezellig groepje met Vlamingen, Nederlanders, Noren, Zweden,…  Ze zetten samen het zwembad op stelten, ’s avonds speelden ze tot in de late uurtjes verstoppertje. Tot wij, de grote spelbrekers, hen binnenriepen. Het was altijd te vroeg en het kon de volgende dag niet snel genoeg gaan om de vriendjes terug op te zoeken.

Na de eerste week vertrokken er een aantal gezinnen, maar een Noorse familie bleef net als wij de volle 2 weken. Het klikte tussen de meisjes, en vooral tussen onze jongste en hun oudste. Al hadden ze soms nog vertaalhulp van de papa’s nodig bij hun onderlinge communicatie, toch speelden ze een hele week samen. Afscheid nemen was dan ook zwaar. En dus wisselden we adressen en Facebook-gegevens uit en stuurden we een nieuwjaarskaartje.

De volgende zomer bleven wij thuis. Zij keerden terug, dat zagen we op Facebook. Het was heel erg verleidelijk en een zomer later trokken ook wij opnieuw naar Italië. De avond voor ons vertrek sprak de jongste de hoop uit om haar vriendinnetje terug te vinden, maar wij zetten haar met beide voetjes terug op de grond. Dat die kans toch héél erg klein was, maar dat ze zeker wel andere vriendinnetjes zou vinden en dat we er sowieso een fijne vakantie van zouden maken met ons viertjes. Groot was onze verbazing toen we arriveerden en vrijwel onmiddellijk de Noorse familie weer tegen het lijf liepen. En alweer werden het gezellige weken.

Een jaar later spraken we af en brachten we opnieuw een week samen door. Het werd zo stilaan een traditie. Eentje waar we eigenlijk al naar uitkeken. Stilaan maakten we ook plannen om zelf eens naar Noorwegen te trekken én hen daar een bezoekje te brengen. Vorig jaar trokken wij terug naar Italië, maar wisten we op voorhand dat onze Noorse vrienden er niet zouden zijn. Het was een beetje vreemd, het voelde toch anders. En dus maakten we vorig jaar in Italië plannen om dit jaar eens naar het Hoge Noorden te trekken: Kopenhagen en dan verder naar Noorwegen.

Onze verbouwplannen gooiden echter roet in het eten. Dit jaar investeren we in ons huis en dus besloten we na familieoverleg om nog een allerlaatste keer terug te keren naar het vertrouwde adresje. De echtgenoot stuurde een berichtje naar de Noren en liet hen weten dit jaar jammer genoeg niet in Noorwegen te raken, maar onze zomer opnieuw in Toscane door te brengen. Groot was onze verbazing toen we deze week, laat op de avond, een berichtje kregen uit het hoge Noorden. Dat ze ons maar al te graag opnieuw ontmoeten “onder de Toscaanse zon”.

De jongste sliep al. Even dachten we het stil te houden en hen te verrassen in Italië, maar zo lang zou ik écht niet kunnen zwijgen. En dus mocht ik ons kleintje de volgende morgen wakker maken met de woorden “Weet je van wie we gisteravond een berichtje kregen via Facebook?” Ze raadde eigenlijk van de eerste keer juist. “Komen ze terug? Echt waar?” Haar gezicht sprak boekdelen. Wat een fijne manier om de dag te beginnen! En met de lente in het land, het zonnetje dat (eindelijk) een klein beetje zomergevoel bracht, en het onverwachte Noorse nieuws, zaten wij deze week allemaal toch een beetje met ons hoofd in Italië. Laat het aftellen beginnen ;-).

toscane