Lost and found – deel 2

Nadat vorige zaterdag mijn update van Windows 7 naar Windows 10 nogal rampzalig verlopen was, deden we dinsdag onze computer binnen bij de computerwinkel. Vrijdag mochten we normaal gezien de laptop terug gaan oppikken, maar toen bleek hij jammer genoeg nog niet klaar. Wel kregen we een beetje hoop, want ze hadden zo’n 3700 bestanden teruggevonden.

Toen we zaterdag de computer oppikten, bleek dat echter ijdele hoop. De bestanden die ze hadden teruggevonden, hadden ze allicht ergens uit een cloud of iets dergelijks gerecupereerd, want die bestanden hadden nooit op mijn laptop gestaan. Het waren nog oudere beeldbestanden, die op onze vaste computer (uit het stenen tijdperk) staan/stonden en waarvan we wél een back-up hadden.

Much ado about nothing dus, de computerwinkel. Maar dankzij wat Facebook-commentaar bij de vorige blogpost én een klein beetje opzoekwerk op het worldwideweb, kreeg ik ineens een ideetje. Als ik het herstelprogramma nu eens losliet op de memory card van ons fototoestel? Sinds het prille begin hebben wij immers hetzelfde kaartje gebruikt, waarvan ik regelmatig de bestanden wis, om er dan weer nieuwe op te zetten. En die ingeving had wel effect. Na veel gedoe, het ontdubbelen van een aantal bestanden, bleek ik op die manier toch de foto’s sinds vorige zomer terug te vinden. Niet alle bestanden waren herstelbaar, maar het overgrote deel (meer dan 1000 foto’s) vond ik toch terug.

_MG_4944De communiefoto’s van de jongste, de foto’s van de 70ste verjaardag van Opa, van de 12de verjaardag van de jongste, Nieuwjaar, Kerst, Sinterklaas en een gedeelte van de zomerfoto’s konden we recupereren. Dat was voor mij een immense opluchting. Van onze reizen (die qua aantal foto’s allicht de helft van het totale aantal innemen) hebben we immers meestal wel albums gemaakt. Daar hebben we nog tastbare herinneringen van.

Bovendien kon ik nog héél wat meer foto’s terughalen, maar die willen niet openen. Die zijn blijkbaar niet te herstellen. Enfin, we zullen nog één keertje gespecialiseerde hulp inroepen en hopen op het beste. Maar ik vrees er een beetje voor. Het doet nog altijd pijn om te beseffen wat we verloren hebben, maar tegelijkertijd ben ik toch ook opgelucht om hetgeen we al teruggevonden hebben. Het weekend heb ik dan ook grotendeels achter de computer doorgebracht. Alle bestanden die we gevonden hebben, zijn geordend, gesaved op de laptop, in een cloud en op een stick. Bovendien heb ik ook alle albums die ik op Facebook had, gedownload, geordend en driedubbel beveiligd. Kwestie van de verloren jaren toch enigszins terug op te vullen…

Toen ik vanmiddag met de dochters naar mijn ouders trok, nam ik het fototoestel mee. Het was mooi weer, onze dames hebben buiten gespeeld met het jongste neefje, terwijl ik foto’s nam. Om nieuwe, tastbare herinneringen te maken. Die we ditmaal wél driedubbel zullen beveiligen en waarvan we zo snel mogelijk albums zullen maken. Laat ons hopen dat deze ezel zich geen tweemaal aan dezelfde steen stoot. Want dit lesje heeft serieus zeer gedaan :-(.

Stommiteiten #part 1

Met de regelmaat van een klok overkomen mij “ongelukjes”. Die ik meestal wel zelf uitgelokt heb. Dingen waarvan ik achteraf écht niet kan verklaren hoe dat in godsnaam weer is kunnen gebeuren. Dat ik soms/vaak verstrooid ben, in gedachten verzonken of gewoon van de wereld, helpt niet echt. Maar in combinatie met een aangeboren onhandigheid is het gewoonweg dodelijk. Dat gaat van kleine dingen zoals me telkens opnieuw verbranden bij het strijken of weer eens een geweldig grote blauwe plek ontdekken op mijn bil, arm, rug, achterste, noem maar op, zonder dat ik kan verklaren hoe ik eraan gekomen ben. Of de trein voor je neus zien wegrijden, omdat jij per sé nog op je dooie gemak naar de voorste wagon wou wandelen. Struikelen over die éne losliggende kei in het hele voetpad…

Maar af en toe komen er brokken van. Letterlijk vaak, maar ook figuurlijk. Je wil niet weten hoe vaak hier glazen sneuvelen, omdat ik ze verkeerd geplaatst heb. Of dan wil ik een pot met suiker, bloem of pastalettertjes uit de kast nemen, net te hoog uiteraard, en dan heb ik de pot niet goed vast, kantelt die om en ligt heel de keukenvloer vol suiker, bloem en lettertjes. Nooit met mate. Neen, de hele doos gaat meteen leeg. Een hoop straffe verhalen kleuren zo onze familiegeschiedenis. En achteraf blijken ze vaak heel grappig. Maar op het moment dat je er alweer midden in zit, is gevoel voor humor héél ver te zoeken.

Toen ik vrijdag wou bloggen en de computer opstartte, klikte ik zonder goed te beseffen wat ik deed op de upgrade van Windows 7 naar Windows 10. 5 uur later was de computer nog bezig en had ik allang via onze andere computer een verhaal de wereld ingestuurd. Toen ik de computer de volgende dag opnieuw wou opstarten, liep dat niet van een leien dakje. Bleek dat ik ingelogd was “onder een tijdelijk profiel” en ik kreeg de waarschuwing dat mijn documenten en afbeeldingen zouden verwijderd worden bij het afsluiten van de computer.

Paniek. Want alle foto’s die wij met ons “Canon” trekken, staan op mijn computer. Dat zijn er intussen meer dan 6.000. (Paniek zorgt bij mij voor kortsluiting in de hersenen. Ik denk op dat moment niet meer helder.) Ik moet onmiddellijk een back-up maken, is mijn eerste gedachte. We nemen er een paar usb-sticks bij, maar daar krijgen we geen foto’s op. Veel te weinig geheugen. De echtgenoot biedt aan om er eentje te gaan kopen in de winkel, of de computerwinkel te bellen, maar ik los het op door de foto’s naar een andere map te slepen.

De volgende dag bij het heropstarten blijken de mappen leeg. Alle documenten weg, maar veel erger nog, alle foto’s weg. ALLEMAAL. Alle 6.000. Nog grotere paniek en nergens iets te vinden. Bij de documenten zien we in Word de titels nog staan, maar als je erop klikt, leidt het nergens toe. Een paar zoekacties en pogingen tot herstel of pogingen tot het terugplaatsen van een eerdere versie halen niks uit. (Een fikse ruzie overigens ook niet.) In de prullenbak vind ik nog 27 foto’s terug. Van de 6.000. Waar we dus geen back-up van hebben. (Enfin, er zou ergens een stickje moeten rondslingeren met onze foto’s erop tot twee jaar geleden, maar waar dat ligt, geen idee).

Toen ik erover na begon te denken, kreeg ik het enorm benauwd. Ik heb er ook letterlijk een nacht van wakker gelegen. De foto’s van de communie van de jongste, van het feestje voor de 70ste verjaardag van opa, Nieuwjaar (met de laatste brief van de jongste), Sinterklaas, Kerst,… allemaal weg. Ik houd enorm veel van foto’s. Ik blader regelmatig door onze albums (ja, wij maken er nog, alleen zitten we jammer genoeg meestal een paar jaar achter) en ga ook op de computer regelmatig door de afbeeldingen. Tastbare herinneringen.

Een selectie van de foto’s durf ik wel eens op Facebook plaatsen, maar dat doe ik niet met alle foto’s. Dus rest er een enorme leegte. Dinsdag zijn we meteen met de laptop naar de computerwinkel gereden. “Dat we hem nooit hadden mogen updaten, want dat dat gevaarlijk is voor “oude” computers.” Mijn laptop dateert van een jaar of 5 geleden, ik had er niet bij stilgestaan dat dat in computerlevens passé is. En als de computer dat niet aankan, waarom krijg je dan constant die meldingen? “Dat ik nog geluk had dat de computer niet meteen gecrasht was.” “Maar dat ik mijn mappen niet had mogen verplaatsen.” Als de computer meteen gecrasht was, had ik allicht geen mappen verplaatst, dus of het een geluk was dat hij niet meteen volledig plat ging, weet ik niet. Maar ze gingen proberen om onze bestanden terug te vinden, al konden ze absoluut geen garantie geven.

computerprobleemDat ik alles in een cloud had moeten zetten of de bestanden had moeten kopiëren in plaats van te verplaatsen. Ik weet het. Je blijft jezelf keer op keer verwijten: “had ik maar dit of dat” en achteraf weet je het altijd beter. Maar dan is het te laat. Dan is het al gebeurd. Dan kan je zelf niks meer doen en alleen maar hopen dat één of andere IT-nerd een klein mirakeltje verricht…

Als jullie trouwens ideetjes hebben om toch nog iets te redden???

Het brandt! En toen was er even paniek…

dochters_miniZondagavond. De ladies of the house zitten voor tv, de echtgenoot geniet van zijn bad na zijn (bos)loop. Wij hebben immers geluk. Wij wonen aan de voet van het hoogste punt van de provincie Antwerpen, Beerzelberg. Zalig bos om in te lopen en in te gaan wandelen.

Tegen kwart na tien stuur ik de kinderen naar boven voor hun avondritueel. Na een kwartiertje ga ik ze nog welterusten wensen en komt de echtgenoot naar beneden met het nieuws “dat er iets serieus aan de hand moet zijn in de buurt, want dat hij intussen al 4 brandweerwagens heeft horen passeren”. Uiteraard had ik niks gehoord. Wij zaten met ons drietjes gezellig voor tv. Ik had wel ons hondje buiten tekeer horen gaan, maar ik dacht dat de buurman weer buiten zat. Om god weet welke mysterieuze reden klikt het niet tussen Indie en de buren. Telkens onze buren buiten komen, voelt ons hondje een onweerstaanbare drang om haar terrein te verdedigen, met veel lawaai. Een of ander jeugdtrauma van ons Indie vermoeden wij, maar ik wijk af.

Terwijl de echtgenoot nog aan het vertellen is, horen we opnieuw een brandweerwagen passeren. Wij dus naar buiten. En toen hoorde je het gewoon knetteren. Dus ik zeg tegen de echtgenoot: “Het is Beerzelberg” en ik loop door het huis naar de voorkant. En daar zag je boven de bomen aan het uiteinde van de straat een oranje gloed, witte en zwarte rook. Aanhoudend lichtflitsen ook en met momenten zag je de vuurgensters gewoon door de lucht vliegen.

Nu moet je weten dat wij in vogelvlucht misschien op 500 meter van Beerzelberg wonen. Toen ik het geluid hoorde en het vuur in de verte zag, was het even blinde paniek. Dus ben ik naar boven gelopen, heb de kinderen uit hun bed gehaald en gezegd dat ze hun kleren moesten aantrekken “aangezien het bos in brand stond en we hier weg moesten”. Aan de echtgenoot vroeg/beval ik om de wagen opnieuw uit de garage te halen, mijn computer en de wasmanden in de koffer te zetten. Op mijn computer staan immers de meeste van onze foto’s. (Ik durfde het niet over alle fotoalbums hebben, maar ik heb er wel aan gedacht.) En wat de wasmanden betreft, ik was er nog niet in geslaagd om de strijk van onze reis bij te werken. In de wasmanden zat zowat alles. Dan zouden we toch nog iets van kleren hebben.

Gelukkig hield de echtgenoot het hoofd wel koel. Intussen hadden zowat alle buren zich op straat verzameld en dus zette hij de wagen wel buiten, maar we gingen daarna wel even informeren. En toen bleek dat het intussen “al veel minder was” en dat het allicht niet het bos, maar wel de taverne aan de rand van Beerzelberg was die in brand stond. Vandaar ook de lichtflitsen, dat zouden de gasflessen zijn. Eén van de buren reed ook even tot bij de brandweer (de straat mochten we uiteraard niet in) en daar bleek inderdaad dat het jammer genoeg de taverne was, maar dat alles onder controle was en dat de brandweer sowieso de hele nacht bleef nablussen. Gelukkig raakte er niemand gewond, maar de materiële schade is wel groot.

Eerlijk, ik heb die nacht niet goed geslapen. Licht, omdat ik de brandweer wou horen als ze toch zouden komen evacueren. En het was toch wel even schrikken. Tot die avond had ik er nog nooit bij stilgestaan dat er ook een keerzijde is aan zo dicht bij het bos wonen. Dat het wel heel akelig is om dat geknetter te horen en die oranje gloed te zien, of de vuurgensters. Dat we geluk hadden dat het net een paar dagen goed geregend had, zodat het bos niet kurkdroog was. Toen het de dagen erna dan ook typisch Belgisch zomerweer was, heb ik dan ook niet geklaagd 😉

En wat hebben we geleerd? Dat er gelukkig toch iemand van ons kalm blijft, en dat ik op zo’n moment aan foto’s en kleren denk. En dat er binnenkort toch nog een paar rookmelders extra komen in ons huisje…

Wat red je uit een brand ?

Onlangs zag ik ergens op een blog (ik weet niet meer juist waar, eis dus zeker je credits op, dan kan ik linken 😉 ) deze vraag passeren: “Stel, het brandt in je huis. Je geliefden zijn allemaal al gered, wat zou je daarna als eerste uit je huis halen?”

Ik heb niet zo heel lang geleden nog voor het Provinciaal Veiligheidsinstituut in Antwerpen gewerkt (waar ik op mijn eentje een brandoefening verknoeide door te denken dat “Suds & Soda” toch wel héél lang duurde). Daar liep toen een campagne rond rookmelders. Die dingen redden dus wel je leven: ze zorgen ervoor dat je gealarmeerd wordt als het brandt en dat kan een verschil maken tussen overleven of stikken. Hang die dingen dus op. Voor zover ik me nog goed herinner, mag dat in alle kamers (behalve de keuken, de badkamer én de technische ruimte, waar je ketel staat)…

Ten tweede, als het brandt én er hangt rook in je huis, mag je van de brandweer onder geen beding weer naar binnen. Je overleeft rook niet. Punt. Tenzij het niet meer is dan het pluimpje van een sigaret. Maar als je dus met zijn allen buitenstaat, ga je dus NOOIT terug dat brandend huis in.

albums_miniMaar als er nu één dingetje is dat ik toch graag mee naar buiten zou krijgen, dan zijn het onze fotoalbums. Het zijn er veel, maar een aantal ervan dateren ook nog van voor het digitale tijdperk. Ons trouwalbum, de geboortealbums van onze dochters, de evolutie doorheen de jaren, de Sinterklaas-, kerst- en verjaardagsfoto’s, de vakantiealbums waar de echtgenoot met zoveel liefde aan gewerkt heeft… Daarvan zou ik ongelooflijk veel spijt hebben.

Al de rest van de spullen is vervangbaar. Ja, er hangen herinneringen vast aan dat ene kleedje of dat ene paar schoenen, maar uiteindelijk zijn het maar dingen. Mijn foto’s zou ik wel missen. Af en toe worden de albums nog eens bovengehaald, dan gaan de dochters naast elkaar in de zetel zitten met een album op schoot. Dan wordt er gelachen, worden er vragen gesteld, wordt er commentaar gegeven. Maar ze zijn er makkelijk een paar uurtjes mee zoet.

Toen ik onlangs aan oma gevraagd had om een paar van onze oude albums mee te brengen, zodat ik eens wat jeugdfoto’s kon inscannen, heeft dat hier voor algemene hilariteit gezorgd. “Mama, dat kapsel!” “Mama, wat droeg jij toen? Dat was toch écht niet mooi hoor!” Oma, jij zag er toen nog zo jong uit…” “Wat een rare broek, Opa.” (Olifantenpijpen vonden ze compleet niet kunnen, wacht tot dat weer mode wordt binnen een paar jaar, eens zien hoe standvastig de modejury dan wel is 😉 )

Als ik zie hoe hard de dochters ervan genieten om samen met Oma en Opa in fotoalbums te duiken, dan is dat het enige dat ik echt naar buiten zou slepen. Het zou ontzettend veel pijn doen om onze verzameling boeken, cd’s, kleren, speelgoed,… verloren te zien gaan, maar je kan nieuwe verzamelingen starten. Sommige fotoalbums kunnen nooit opnieuw samengesteld worden. Ooit, op een dag, hoop ik ook samen met mijn kleinkinderen in een zetel te zitten en hun commentaar te horen op onze kapsels, onze kleren. Ik hoop samen met hen de babyfoto’s van de mama’s te bekijken en herinneringen op te halen.

Maar als we met zijn allen veilig buiten staan, kan al de rest me eerlijk gezegd gestolen worden.