Het boekwalhalla in Antwerpen

Ze is weer geopend, de boekenbeurs in Antwerpen. Eén van de weinige keren in een jaar dat ik me nog écht als een kind in een speelgoedwinkel voel. Zoveel zalen, zoveel standen, zoveel stapels, zoveel boeken. Het is een zalig gevoel om te mogen grasduinen in de nieuwigheden, om mooie boeken in je handen te voelen, om de geur van het papier en “nieuw” te kunnen opsnuiven.

Een boek belooft avonturen, een ontsnapping uit de werkelijkheid, een duik in een andere wereld voor een paar uur. Je gaat de confrontatie aan met ons historische verleden, geromantiseerd of niet. Je maakt een sprong naar een betere of net keiharde toekomst of duikt een science fiction-fantasy-wereld in. Je droomt weg bij een prachtig liefdesverhaal, meestal gesitueerd in een romantisch Engels kasteel (het mag er gerust spoken) of op het Italiaanse platteland. Onder een stralende zon uiteraard, of in een grijze, druilerige setting.

Jane Austen

(www.someecards.com)

Je leest zinnen die je aangrijpen omwille van de mooie formuleringen. Je leest boeken die je wekenlang achtervolgen, omdat ze de bittere realiteit, dat pijnlijke verdriet of die pure armoede zo treffend wisten neer te zetten. Je laat je ontroeren, je wordt kwaad, je huilt tranen met tuiten, je lacht en geniet van de magische wereld die een taalvirtuoos voor jou weet te scheppen. Soms zit een boek zo dicht op je huid dat je er ongemakkelijk van wordt. Soms staat een boek mijlenver van je af, maar laat het je desondanks niet los en blijf je maar herkauwen en overpeinzen.

Of je vindt een prachtig kookboek en neemt je opnieuw voor om het ditmaal ook écht vaak te gebruiken, om die (gezondere) levenswijze je nu ook daadwerkelijk eigen te maken. Je leest met volle moed, je probeert één receptje uit dat meestal toch niet helemaal in de smaak valt bij je huisgenoten en bergt het boek dan toch maar op in de boekenkast, waar het nog jaren stof staat te vangen. (Tenzij het een boek over chocolade is. Niet dat je daar per sé meer recepten uit kookt, maar dat boek wordt regelmatig uit de kast gehaald om te watertanden bij alle fantastische recepten 😉.)

Ik was al een boekenwurm als kind. Naar de bibliotheek gaan, 5 boeken mogen kiezen uit die vele boekenrekken, terug thuis komen, je in de zetel installeren en de komende uren compleet van de wereld zijn. Soms tot grote frustratie van mijn omgeving, want ik hoorde of zag een paar uur niks van hetgeen er speelde: “Er had een bom naast je mogen ontploffen, je zou het nog niet gehoord hebben”. Voor zolang ik me kan herinneren, las ik. Er lag/ligt altijd wel ergens een boek waarin ik bezig was/ben. Een goed boek moest ook uit: ik moest en zou weten hoe het zou eindigen. En dus las ik wel eens tot een kot in de nacht, tot ik de laatste bladzijde kon omdraaien en met een gerust hart verder kon gaan dromen van de leeswereld waar ik even in meegespeeld had.

Dat alles beleef ik elke keer opnieuw als ik op de boekenbeurs sta: de belofte van avonturen, van prachtige verhalen, van “even van de wereld zijn”. Al die mooie, nieuwe boeken, klaar om gelezen te worden. Alleen al het boek vast mogen nemen en er even aan ruiken… Het enige probleem: je kan ze niet allemaal meenemen, je moet keuzes maken. Zucht.

(Of je kan de overige boeken natuurlijk ook fotograferen en op je kerst- en verjaardagslijstje zetten, dat is in deze periode ook een mogelijkheid natuurlijk 😉.)

Advertentie

Wil ik beroemd worden?

famous

(www.someecards.com)

Eén van de inspiratievraagjes voor “40 Dagen Bloggen” was “Wil ik bekend worden?”. Als tussendoortje vond ik dat wel een interessante stelling. Ik heb er als kind nooit van gedroomd om in de spotlights te staan en gelukkig heb ik geen zang-, dans- of ander talent dat me instant roem zou kunnen opleveren. Ik wil zelf kunnen kiezen wanneer ik wat aan wie vertel, ik wil niet dat één of andere journalist dat voor mij beslist omdat ik nu eenmaal een bekend persoon ben en op die manier “clicks” oplever.

Maar ik droom er wel van om een roman te schrijven en uiteraard wil ik dat mijn boek gelezen wordt. Als je dat wil bereiken, dan weet je gewoon dat je voor een stuk het “mediaspel” zal moeten meespelen. Je zal je dus voor een stukje moeten blootgeven om je boek te promoten. Je zal vanuit de schaduwen de spotlights moeten instappen. Wat op zich wel een beetje  vreemd is, aangezien je bij het schrijven van een boek nu éénmaal alles vertelt wat je kwijt wil. Alles staat in het boek, meer heb ik daar niet aan toe te voegen. Maar blijkbaar hoort het erbij.

Zou ik bereid zijn om mee te spelen? Tot op zekere hoogte. Het is wel iets waarin je groeit. Twee keer al had ik er professioneel mee te maken. Zo kon ik na mijn afstuderen aan de slag in de mediawereld. 15 jaar lang heb ik sportartikels geschreven voor teletekst. Tot de dienst geschrapt werd. Het gaf me de kans om als bevoorrecht getuige de mediawereld te beleven. Veel verschil met andere werelden is er niet, alleen wordt alles uitvergroot en verandert alles heel snel. Van de ene op de andere dag kan je een ster worden, van de ene op de andere dag is je gloriemoment ook weer gepasseerd. In de spotlights hangt iedereen aan je lippen en wil iedereen wat van je. Van zodra je faam tanende is, laat men je als een baksteen vallen. Tot voor kort was je God, ineens ben en kan je niets meer. Je moet al een sterk karakter hebben om daarmee om te kunnen, om jezelf te blijven.

Interessant was wel de kans om even achter de schermen te kijken. Om te zien hoe er de ene keer iets gegeven wordt en de volgende keer iets gekregen wordt. Hoe er het ene moment besloten wordt om iets stil te houden om dan de volgende keer een “exclusief gesprek” te kunnen houden. Hoe de primeurs de ene keer aan die speler en de volgende keer aan een andere speler gegund worden.

Het was een leerrijke ervaring die me van pas kwam toen ik communicatieverantwoordelijke werd en soms ook als woordvoerster moest optreden. Ook toen was het een spel van geven en nemen: de ene keer ben jij vragende partij om jouw evenement in de kijker te plaatsen, de volgende keer wil je liefst zoveel mogelijk de boot afhouden als blijkt dat je iets moet gaan uitleggen of verantwoorden. Het was met momenten soms pijnlijk grappig omdat ik ooit aan de andere kant gestaan had en duidelijk de mechanismen herkende. Zelfs tijdens interviews blijf je geconcentreerd op het overbrengen van jouw gewenste boodschap en het ontwijken van de dingen die je niet kwijt wil.

Deed ik dat graag? Niet echt, ooit ging ik er prat op dat ik “liever niet met mijn kop op tv kwam”, maar het moest. Was ik er zenuwachtig voor? Elke keer opnieuw was het een klein beetje sterven. Na elk interview ging ik na wat niet goed was, wat ik beter had kunnen doen en wat ik eigenlijk beter niet had gezegd. Het is en blijft een leerproces en ik was nog volop lerende toen ik een andere job vond en dat gedeelte achter me kon laten.

Zou ik nu bekend willen zijn? Liever niet, maar als ik dat boek ooit geschreven krijg en ik wil het gelezen hebben, dan zal het er in deze tijden bij horen, vrees ik. Tot op zekere hoogte toch. Misschien dat ik dan nog eens opnieuw mediatraining zou gaan volgen, om te leren ontwijken. Want praten kan ik. De kunst is om op een beleefde en vriendelijke manier zoveel mogelijk te zwijgen. Op dat vlak kan ik zeker nog progressie boeken!