Sneakerlove, tweede poging!

Twee jaar geleden deden we een eerste verdienstelijke poging en kochten we witte All Stars. Het was toen echt mijn bedoeling om – gezien mijn leeftijd 😉 – de hoge hakken toch minstens af en toe eens aan de kant te laten. Bovendien hadden we alweer een vakantie in Toscane in het vooruitzicht en je kan niet blijven steile klimmetjes opklauteren op hakken. Maar de liefde bekoelde al snel. Een dagje Milaan op All Stars leverde me een afgrijselijk grote blaar op de onderkant van mijn voet op en dus bleef ik de Toscaanse heuvels toch maar op hakken beklimmen. Bovendien scoorde ik dat jaar platte sandalen in Firenze en daar loop ik nog steeds mee rond op warme zomerdagen.

De witte sneakers vergaarden intussen stof ergens achter in een kast. Tot de jongste op een blauwe maandag op bosklassen trok en een paar sportieve schoenen nodig had die eventueel ook kapot konden/mochten. De witte sneakers kregen even een tweede leven, maar al snel stak de jongste ons voorbij. Zij leeft nu éénmaal op grotere voet dan haar oudere zus en haar mama. En dus vergaarden de sneakers weer stof ergens diep in onze schoenenkast.

Intussen werden de dochters tieners en deden de échte sneakers hun intrede ten huize Tifosa. “Want All Stars zijn wel geen échte sneakers, hoor mama.” Ik leerde de Stan Smiths en konsoorten (min of meer) kennen en zag eigenlijk nooit veel verschil tussen de éne of de andere sneaker. Zeker niet als ze uit dezelfde familie kwamen. Maar volgens mijn persoonlijke stilistes is Adidas momenteel passé en moet je voor Puma’s of Nikes gaan als je wil meetellen.

Gelukkig hoeft dat op mijn leeftijd niet meer. Maar net als twee jaar geleden zoek ik nog altijd naar een iet of wat mooie én comfortabele schoen. Eentje die je ook kan dragen als het pijpenstelen regent. Eentje die voor wat afwisseling zorgt met mijn platte sandalen, waar ik nog altijd dol op ben. Eentje die goed zit en waar je snel mee kan doorstappen. Eentje waarmee je niet bang moet zijn dat de kasseien op het Ladeuzeplein alweer een onoverkomelijke hindernis vormen op weg naar de Fnac of de Inno.

En dus spendeerde ik mijn middagpauze – samen met de dochter-jobstudente – in de Foot Lockers. En het was liefde op het eerste gezicht. Alhoewel de hele winkelwand van onder tot boven bedekt is met sneakers werd mijn oog onmiddellijk naar dat ene paar toegezogen. Ze bleken er nog in mijn maat te zijn én ze bleken goed te zitten. En dus was de koop in een kwartiertje gesloten. Voor de kenners: het is een Adidas “Campus”. Volgens de dochter zijn ze “out”, maar ach, dat is dan één van de voordelen van mijn 43 lentes: het zal me worst wezen of deze sneakers nog “hip” zijn of niet.

SneakerloveOf deze een langer leven beschoren zullen zijn dan de All Stars van twee jaar terug is nog niet te voorspellen. De echtgenoot keek alvast bedenkelijk toen ik mijn nieuwste aanwinst vol enthousiasme presenteerde. We gaan er uiteraard volledig voor, maar de grote test volgt allicht later dit jaar, echter niet in de Toscaanse heuvels ;-). Al hebben we volgende week wel al een uitstapje op het programma en zullen we de gloednieuwe sneakers dan meteen op de proef stellen.

Als het toch weer niks zou worden met de sneakerliefde heeft de oudste zich al aangeboden om het toekomstige weespaar te adopteren. Zo afgrijselijk “out” zullen ze dan toch nog niet zijn en fijn om te weten dat de mama af en toe zelfs schoenen koopt die ook de goedkeuring van de dochters kunnen wegdragen. Al blijven ze voorlopig wél van mij. Bovendien duim ik de volle 100% dat het ditmaal wel tot een vruchtbare relatie komt. Want het zijn nu eenmaal weer schoontjes, niet? 😉

Dankjewel, juf/meester!

Het einde van het schooljaar is weer in zicht. Hier is het nog even wachten op de rapporten van onze dochters, maar toch wil ik van de gelegenheid gebruik maken om alle leerkrachten, juffen en meesters eens ferm in de bloemetjes te zetten. Ook om wat tegengewicht te bieden tegen alle klaagzangen die er de laatste weken weer over het Vlaamse onderwijs en de leerkrachten werden gehouden. Ook dat is typisch voor deze periode: het einde en het begin van het schooljaar zijn traditioneel de periodes voor een rondje onderwijs-bashen.

Als vrouw van een leerkracht, als dochter van twee leerkrachten en als mama van twee prachtige leerlingen heb ik dagelijks met het onderwijs te maken, in al zijn vormen. Het doet me telkens opnieuw weer pijn als ik de artikels en columns lees over het onderwijs en vooral de reacties eronder. Blijkbaar hebben we allemaal onze mening klaar over hoe het precies moet, over wat beter kan en willen we vooral “de leerkrachten” toch wel eens graag een pak harder zien werken. Trek je dat toch niet aan, zegt de echtgenoot dan telkens weer, maar het raakt me. Ik woon en leef samen met  één van de geviseerde leerkrachten. Ik zie hoe hij zich elke dag opnieuw met hart en ziel inzet voor zijn leerlingen. Ik zie hoe hij nooit uren telt. Ik ben erbij als hij avond na avond doorwerkt of op zondag – telkens opnieuw – verbeterwerk inhaalt of zijn lessen voorbereidt.

Ik heb bij mijn dochters vele dergelijke leerkrachten gezien. Mensen die met passie lesgeven, die leerlingen telkens opnieuw proberen te boeien voor hun vak. Die manieren vinden om hun vak (ook al gaat het om wiskunde, fysica, Frans of godsdienst) aantrekkelijk te maken voor een bende 16- of 13-jarige pubers. Die tijdens hun middagpauze de tijd nemen om leerlingen bijles te geven. Die zich inzetten voor de vele naschoolse activiteiten of buitenlandse reizen. Die de tijd nemen om naar hun leerlingen te luisteren. Die het zich aantrekken als hun leerlingen omwille van een moeilijke thuissituatie, een bittere scheiding of pestgedrag op school, niet aan studeren toekomen. Die opgelucht zijn als een leerling alsnog erin slaagt om dat ene tekort van Kerstmis recht te zetten op het einde van het jaar. Die soms moeilijke beslissingen moeten nemen, maar altijd met aandacht voor de leerling.

Natuurlijk zijn leerkrachten ook maar mensen, die wel eens fouten maken. Natuurlijk zijn er ook leerkrachten die “hun uurtjes komen doen” en in het onderwijs staan voor “het vele verlof”. (Al denk ik dat er makkelijker manieren zijn om je dagen te vullen dan elke dag weer voor een klas pubers te gaan staan, zeker als je niet al te veel tijd wenst te spenderen aan een degelijke voorbereiding – en dat het vele verlof die moeilijke confrontaties niet bepaald compenseert.) Maar dat is in elke job zo. Kijk maar eens goed rond in je bedrijf of in je fabriek: ik denk dat je zo de namen kan opnoemen van de harde werkers en van hen die er met de pet naar gooien. Of van degenen die veel praat hebben, maar er telkens opnieuw onderuit muizen als die praat ook in daden moet omgezet worden… Is dat dan een reden om bijvoorbeeld de advocaten, de bouwvakkers, de arbeiders, de bedienden of anderen als groep publiekelijk te schande te zetten?

Lesgeven vergt veel, maar je haalt er absoluut ook veel voldoening uit. Zien tot wat jouw leerlingen uiteindelijk in staat zijn, hen doorheen de jaren zien evolueren, zien groeien, dat blijft voor veel leerkrachten het mooiste extralegale voordeel van hun job. Dat is de reden waarom ze elk jaar opnieuw vol goede moed aan een nieuw schooljaar beginnen, met nieuwe leerlingen en nieuwe klassen. Om een verschil te maken. Lukt het? Niet altijd, niet elk jaar, niet in elke klas, niet bij elke leerling. Maar toch proberen ze het. In mijn ogen worden ze schromelijk ondergewaardeerd. De grootste rijkdom van ons onderwijs zijn leraars die een verschil willen maken. Als ik zie wat voor fantastische leerkrachten mijn dochters dit jaar begeleidden, dan acht ik mezelf (en vooral onze dochters) ongelooflijk gelukkig. Want in het leven van mijn dochters is er dit jaar (opnieuw) een verschil gemaakt.

En daarom wil ik een grote dankjewel zeggen aan alle leerkrachten en aan die van de dochters in het bijzonder. Geniet van jullie welverdiende vakantie, het is jullie van harte gegund!

Eddie Vedder-crush

Toen ik in de hoogdagen van de grunge jong was, was je voor Nirvana of voor Pearl Jam. Beide groepen kwamen uit Seattle en er heerste in die begindagen van “onze” nieuwe muziekstroming toch wel wat onderlinge rivaliteit. Lange tijd bleek Nirvana aan het langste eind te trekken met hun instant succes “Nevermind”, tot frontman Kurt Cobain veel te vroeg overleed.

Maar ik hoorde van in het begin tot het kamp van Pearl Jam. Mijn dochters zouden het nu “team-Eddie” noemen. Hun “Ten” kon zeker naast “Nevermind” staan en was in mijn ogen ook gewoon beter. En dat lag vooral aan de stem van Eddie Vedder: een mix van onvervalste rock en warme soul, ook al kon hij zijn klep zeker ook een serieus stukje open zetten. En laat ons eerlijk zijn: de jonge Vedder was gewoon ook een pak knapper dan zijn Nirvana-evenknie (zelfs al voor de drugs zijn onherroepelijke neerwaartse effect liet optekenen bij die laatste).

Gelukkig bleek de echtgenoot ook in het Pearl Jam-kamp te zitten: dan hadden we dat toch al gemeen qua muzieksmaak. (Tot hij Springsteen introduceerde, me meenam naar een Springsteen-concert en ik verkocht was, maar dat is een ander verhaal.) Op een optreden van Pearl Jam moesten we echter jarenlang wachten. Wij hadden tickets voor Werchter 2000, maar na het gedrum en de doden op Roskilde net tevoren, schrapte Pearl Jam toen de rest van zijn Europese tour. Het zou uiteindelijk nog tot 2006 duren eer we hen eindelijk live aan het werk zagen in het Sportpaleis in Antwerpen. En dat was een memorabel optreden. Zo fantastisch goed dat ik nog jaren op de herinneringen kon teren en het niet eens erg vond dat we niet in België waren om hen alsnog op Werchter aan het werk te zien.

Vanavond speelt Eddie Vedder – solo – in de Lotto Arena. Ik had in eerste instantie geen tickets: het optreden was immers in amper 6 minuten uitverkocht en ik hoorde niet bij de gelukkigen. Vorige week had ik de kans om alsnog aan tickets te raken, maar wegens de examens van onze dochters (en een zware dag voor de oudste) besloten we het uiteindelijk toch maar aan ons voorbij te laten gaan. Ook al is het met pijn in het hart.

Maar omdat de muziek voor zich spreekt, omdat het toch wel een beetje pijn aan mijn (muziek)hart doet, omdat ik er in gedachten toch wel bij ben vanavond, mijn favoriete Pearl Jam/Eddie Vedder-nummers:

Als je mij dan nu wilt excuseren, ik ga de rest van de avond Pearl Jam spelen en mezelf zielig vinden omdat ik er toch niet bij kan zijn ;-).

Stommiteiten – zwoele nachten

Het was al een tijdje geleden dat we nog eens stof voor dit rubriekje hadden. Niet dat er de afgelopen maanden zich geen feiten het noteren waard voordeden, maar soms waren ze enkel grappig als je erbij was. Of écht wel te gênant om op het wereldwijde web los te laten en laten we eerlijk zijn: soms vergat ik ze gewoon te noteren. Of had ik zo geweldig veel inspiratie dat we geen nood hadden aan dit soort luchtige bladvulling. Maar wat ik afgelopen nacht presteerde, was te schoon/lomp om niet te delen *schreef ze met blozende kaken*. Het leverde onze studerende dochters daarnet alvast hilariteit op tijdens het avondeten. Wat een moeder allemaal niet lijden kan om haar dochters toch even stoom af te laten blazen tijdens de examens.

Het is dus heet momenteel. En dat merken wij zeer goed aangezien wij onder het dak slapen. Zeker als het een paar dagen op rij warm geweest is, blijft de hitte binnen hangen en je krijgt het boven niet afgekoeld. Tenzij je het raam helemaal openzet, dan heb je kans dat je toch iets van een verkoelend windje voelt. Nu staat ons raam vanaf de lente meestal wel open, “op kip”. Maar als het echt zwoel is, dan zetten we het raam volledig open en laten we de rol op spleetjes staan.

Maar ik ben een nachtbraker. Ik word ’s nachts wel minstens één keer wakker om naar het toilet te gaan. Enfin, over “wakker” kan gediscussieerd worden. De echtgenoot heeft het altijd over mijn “fifty shades of consciousness” die zich vooral ’s nachts manifesteren. Sommige mensen slapen of zijn wakker. Maar bij mij zijn daar nog wel een aantal toestanden tussen: min of meer wakker, min of meer slaapwandelend,… Laat ons zeggen dat “helder” mijn toestand ’s nachts eigenlijk nooit definieert ;-). Wat ik mij deze nacht alweer realiseerde toen ik ergens midden in de nacht keihard met mijn gezicht tegen het open raam aan knalde. Weg was meteen ook de kans om discreet de kamer uit te sluipen: mijn pijnkreet en bijhorend gevloek kregen de echtgenoot uiteraard ook wakker. Niet dat ik er echt ongelooflijk veel pijn van had. Ik voelde het wel wat aan mijn wang (en mijn ego had ook alweer een knauw gekregen), maar ik viel al snel terug in slaap.

Deze morgen, toen de wekker ging, sprong ik onmiddellijk uit bed om het bad al te gaan opzetten. (We zitten momenteel zonder douche, dus neemt het ochtendritueel al wat meer tijd in beslag.)  En knalde ik – opnieuw – keihard tegen het nog altijd openstaande raam aan. Ditmaal gelukkig met de arm waardoor dat deel de zwaarste slag opving en mijn gezicht ditmaal wel (min of meer) gespaard bleef. De rest van de dag had ik een streepje op mijn pols en een gezwollen bubbeltje om me aan mijn nachtelijke stommiteiten te herinneren.

Ons moe zei vroeger al: “een ezel stoot zich geen tweemaal aan dezelfde steen”. Mijn standaard antwoord was dan meestal: “maar ik ben een steenezel”. Tja, some things never change, zeker…

clumsy

(www.someecards.com)

Ode aan de vaders in mijn leven

Vaderdag. Tijd voor een ode aan de twee belangrijkste mannen in mijn leven: mijn vader en de vader van mijn kinderen.

Ik ben een papa’s meisje. Altijd geweest. Hij was de stille, wijze man op de achtergrond. Ik trad in zijn voetsporen toen ik in Leuven Romaanse ging studeren. Hij moedigde me aan, gaf me vertrouwen en zette me op mijn nummer zoals hij alleen dat kon. Hoewel het met ons moe fel kon botsen en we soms hevige strijd leverden, ben ik nooit dieper geraakt dan toen hij me liet weten “teleurgesteld in mij” te zijn. Pas als je zelf kinderen hebt, begrijp je ten volle de diepe liefde waarmee je gekoesterd bent en de noodzaak van een strenge, leidende hand. Onze va was zeker niet altijd de strengste, maar als hij een grens trok, wisten we dat we maar beter konden luisteren. Maar bovenal was en is er liefde. Veel en grote liefde.

En toen kwam de echtgenoot op mijn weg. En werd mijn vader de op één na belangrijkste man in mijn leven. Ik kreeg een nieuw ankerpunt, al keerde ik graag en vaak terug naar mijn oude nest. Maar de verhoudingen veranderden. Mijn vader zette een stap opzij. Het zal hem moeite gekost hebben, maar hij gaf ons vertrouwen en gaf ons de ruimte.

Verliefd worden, een relatie krijgen verandert iemand. Je wordt een twee-eenheid. Er zijn gelijkenissen, maar ook veel verschilpunten. Toch wist ik al vrij snel dat de echtgenoot een blijvertje was. Dat we samen aan een groot avontuur begonnen. Daar hoorden voor mij – op het juiste moment – ook kinderen bij. Ik heb hem nooit liever gezien dan toen hij – uiterst voorzichtig – dat piepkleine baby’tje in zijn armen nam en tegen zich aan legde.

Twee dochters kwamen op zijn weg. Het was een stap in het onbekende. Geen zijlijn van een voetbalveld, het werd een tennisplein en een danszaal. Geen ridders en kastelen, geen soldaten en kampen, geen piraten en schepen, maar ook het prinsessenkasteel van Playmobil en alle poppen- en andere huisjes stak hij met veel plezier ineen voor zijn dames. De meisjesjurkjes en alle meisjesfrullen waar onze dames zo dol op waren (de bijpassende kousjes, jasjes, diademen en haarspulletjes) vormden een uitdaging en al droegen ze niet altijd de correcte outfit, hij deed zijn best om hen op tijd gekleed en op school te krijgen.

De leraar-echtgenoot was er altijd voor onze dames: hij pikte hen op op school, overleefde samen met hen de moeilijke uren dat hij tegelijkertijd probeerde eten te maken, hen aan hun huiswerk te krijgen en overleefde hun vermoeide huil- en ruziebuien na school. Om dan ’s avonds als de mama arriveerde, terug achter zijn schoolboeken te kruipen. Hij combineerde vele jobs en blonk uit als papa.

Hij staat er elke dag voor zijn meisjes, ook nu ze tieners geworden zijn. Vaak slaakt hij zuchten om al dat vrouwelijk geweld om zich heen en al die vrouwelijke hormonen draaien hem af en toe ook wel eens dol. Hij weet intussen perfect wanneer hij zich best terugtrekt en wanneer hij de dames de (shop)ruimte moet gunnen. Ook hij houdt zich vaak wat meer op de achtergrond, maar als hij tussenkomt, luisteren al zijn vrouwen. En af en toe, als het eens ontploft tussen de dames, is hij de enige die het hoofd koel houdt en slaagt hij er telkens opnieuw in de boel te kalmeren en te verzoenen.

Hij is mijn lief, mijn beste vriend, mijn maatje, maar de schoonste rol in zijn leven vervult hij als papa. En ik zie hem er des te liever om.

Gelukkige vaderdag!

Een stap terug/vooruit?

Ongeveer een jaar geleden besloot ik terug 4/5de te gaan werken. Omdat het (financieel) kon en omdat het voor ons gezin al eerder een beproefd en goedgekeurd recept was. Intussen zijn we een jaar verder en sta ik nog steeds achter onze beslissing van toen. Al had ik nooit kunnen inschatten dat het toch redelijk wat tijd in beslag zou nemen vooraleer we onze draai vonden in het nieuwe ritme.

Ik ben op woensdag thuis. Omdat woensdag de dansdag is van de dames en we meestal redelijk wat chauffeurtaken te verrichten hebben voor onze danseressen. Maar de voormiddag is voor mij: dan kan ik fietsen, bloggen en wat huishoudelijke klusjes inhalen. Woensdag is ook mijn kookdag: op mijn gemak boodschappen doen en daarna uitgebreid koken (en bakken). Waardoor mijn woensdagen al snel bijzonder gevuld raakten. Een groot deel van het jaar bleef ik – ondanks de vrije woensdag – toch een opgejaagd gevoel houden.

Want het is mijn enige vrije dag. De enige dag dat ik thuis ben vóór de echtgenoot en de kinderen. De enige weekdag dat ik kan (vooruit)koken. De enige dag dat ik “rustig” wat huishoudelijke klusjes kan doen of inhalen. Mijn blog- en fietsdag in de week. Voor ik er erg in had, had ik mijn vrije woensdag helemaal volgepland. Met zaken die in mijn hoofd al snel “moetjes” werden. Ik moest die laatste mand strijk wegwerken, gezond en uitgebreid koken, boodschappen doen, chauffeur spelen voor de kinderen en liefst ook nog een uur fietsen en bloggen. Een uitgebreid en ambitieus programma, maar het lukte. Toch de eerste paar weken.

Maar toen kwamen er hier en daar al eens kinkjes in de kabels. Als het woensdagplan niet lukte, of als de echtgenoot toch moest bijspringen bij het heen- en weer rijden, was ik diep vanbinnen teleurgesteld in mezelf. Ik was er niet in geslaagd mijn lijstje “perfect” af te werken. Ik bleef mezelf “opjagen” om toch maar mijn zelf bedachte moetjes te halen. Maar beetje bij beetje leerde ik toch loslaten. Leerde ik net iets minder ambitieuze to do-lijstjes maken. De echtgenoot sprong regelmatig – met plezier – bij. We verdeelden de ritjes en we gingen al eens een maaltijd afhalen. Er bleef al eens een mand strijk staan tot het volgende weekend en er werd al eens een fietsritje of een blog geschrapt. Stilaan verdween het opgejaagde gevoel, stilaan werd mijn vrije woensdag routine. Stilaan kreeg ik een haalbaar programma te pakken. En leerde ik mild zijn voor mezelf als het lijstje uit mijn hoofd toch niet volledig afgevinkt raakte.

Dus kan ik na een jaar zeggen dat we blij zijn met mijn 4/5de. Dat we het niet meer anders zouden willen. Het is een extra dag die ons allemaal ruimte geeft. Die me zelfs professioneel ook marge geeft: ik kan ervoor kiezen om – als dat nodig is – toch een tandje bij te steken en ook op woensdag te werken. In de wetenschap dat de week erna (of de maand erna) toch weer rustiger wordt. Dat er toch weer een woensdag komt waarop ik wat klusjes kan inhalen. Of net niet. En dan komt er zelfs een moment dat je het gevoel hebt dat je het voor mekaar hebt: het huis gekuist, gefietst, geblogd, lekker gekookt en zelfs nog wat tijd en ruimte voor elkaar. Dat het is zoals het moet zijn.

img_7145Toch blijft het een beetje wrang dat dit kan omdat we met twee zijn en omdat ons gezin dit financieel kan dragen. Het voelt ergens egoïstisch ten opzichte van al die andere (alleenstaande) mama’s en gezinnen die dit ook graag zouden willen, maar om verschillende redenen niet kunnen. Die nochtans ook snakken naar een momentje van rust in het midden van een drukke werkweek. Die ook graag een extra dagje zouden hebben om wat bij te werken (of net niet). Die ook graag tijd en ruimte zouden willen maken voor zichzelf en voor elkaar.

Waar blijft die 30 uren-week voor iedereen, die Femma zo graag wil realiseren?

Londen. Angst en veerkracht.

Zondagmorgen, late ochtend. Net zalig uitgeslapen. Ik kom de woonkamer binnen en de tv staat op. Dat gebeurt wel meer in het weekend, de dochters mogen (nog altijd) ’s ochtends tv kijken. Maar ditmaal zit de echtgenoot mee in de zetel en CNN staat op. “Wat is er gebeurd?” “Een aanslag, in Londen.”

Alweer. De zoveelste in de rij. Het blijft elke keer opnieuw hard, pijnlijk en schokkend. En toch. Ook de oudste had het later die namiddag over “gewenning”. Het begint blijkbaar al deel uit te maken van ons leven. De aanslag in Manchester was nog maar net gebeurd, de avond tevoren hadden ze Rock am Ring nog geëvacueerd voor een terroristische dreiging. En toch gebeurt het opnieuw. In Londen. En alweer tellen we doden en gewonden. Alweer was het niet tegen te houden. Alweer krijgen we beelden van blinde paniek. En alweer krijgen we biografieën van mensen die veel te vroeg uit het leven verdwenen zijn.

Het went en ook weer niet. Het maakt deel uit van onze dagelijkse realiteit en toch ook weer niet. Angst sluipt toch een beetje ons hoofd binnen. Want ja, ook ik heb tieners die uitgaan, die naar concerten gaan, die binnenkort zelfs een eerste festival zullen doen. We gaan samen shoppen in Wijnegem shoppingcenter en schrikken van de zwaarbewapende militairen die ineens de roltrap afkomen. We nemen de trein naar Antwerpen-Centraal en botsen meteen op hun collega’s met geweren in de aanslag. We gaan naar een optreden van Mumford & Sons en zien halverwege het concert in het Sportpaleis ineens een paar soldaten binnenkomen en mee van het optreden genieten. Je raakt er aan gewoon en toch ook weer niet. Soldaten in onze straten?

Je beredeneert. Je sluit je soms af van het nieuws, je wil het allemaal niet meer weten. Rationeel kan je alles plaatsen, maar emotioneel ben je ook gewoon een mama van twee dochters en wil je een goede, veilige wereld. En soms wordt het jou ook wel eens te veel: al die woede, al die haat, al die miserie, al dat verdriet, al die angst. Soms wil je je ook gewoon eens afsluiten, wegduiken in een boek en je eens twee uur begraven in een betere (droom)wereld.

Zondagavond. One Love Manchester. Al die artiesten, sommigen duidelijk overmand door hun emoties. 50.000 mensen die besloten hebben om verder te gaan. Om zich niet te laten gijzelen door hun angst, maar net hun veerkracht te tonen. Om te genieten van muziek, samenzijn, solidariteit. Je blijft veel te lang voor tv hangen en leeft mee. Soms met een krop in de keel, soms recht je je rug. En stilaan dring je je irrationele angst weer opzij. Om te leven. Om te genieten. ❤