Vijf op vrijdag: favoriete zomergerechtjes

In de zomer eten wij anders dan in de winter. In de donkere, koude wintermaanden zal ik vaak trek hebben in hartige, zwaardere stoofpotjes of ovenschotels met veel puree en gebakken patatjes, terwijl ik in de zomer liefst licht en luchtig eet. Wat niet altijd “gezond” betekent, maar de kans daarop is in de zomer over het algemeen wel groter dan tijdens de wintermaanden.

Ook het snoepgoed verandert. Als we tijdens de wintermaanden regelmatig cake, brownies of koekjes bakken of af en toe eens vanillepudding koken, dan zullen we in de zomer de ijsmachine al eens vaker uit de kast halen (of de crèmerie in het dorp met een bezoekje vereren). Bakken gebeurt nog wel, maar we gaan de oven niet opwarmen als het sowieso al 35 graden is.

Aangezien we de eerste zonnige dagen achter de rug hebben, en we deze week opvallend meer zomergerechten introduceerden, zullen we onze favorieten eens opsommen in onze Vijf op Vrijdag/Zaterdag (met dank aan Boston, baby! voor de inspiratie).

  1. Mozzarella met tomaten, olijfolie, zout en peper. Uiteraard kan je dit tijdens de wintermaanden ook eten als aperitiefhapje, maar het smaakt nooit beter dan tijdens de zomermaanden, als we verse tomaten mogen meebrengen uit Opa’s tuin. Met buffelmozzarella en smaakvolle olijfolie. Of je moet het in Italië zelf eten natuurlijk, waar de tomaten wel pas in de supermarkt komen als ze al volledig gerijpt zijn (en dus smaak hebben). Wij zijn verwend/verknoeid voor het leven omdat we al heel vroeg het verschil leerden tussen verse smaakbommen uit onze tuin en de slappe, waterige winkelvariant.
  2. Barbecue. Voor mij het excuus bij uitstek om me te buiten te gaan aan verse groentjes. Sla, tomaten, komkommer, bloemkool, boontjes, worteltjes, radijsjes, augurkjes en ajuintjes. Doe er dan nog een koud eitje, een aardappelslaatje of tabouleh bij en ik ben al ruim tevreden. Naar ’t schijnt moet je daar ook nog vlees bij eten. Als het dan toch echt moet, dan geef ik de voorkeur aan een witte pens. Grappig eigenlijk want de rest van het jaar eet ik nooit witte pensen. Ik vind dat eigenlijk alleen lekker met véél groentjes en gegrild op de barbecue.
  3. Koude schotel. Opnieuw een schotel vol groentjes, maar ditmaal aangevuld met het overheerlijke garnaalslaatje van de echtgenoot, gerookte forel en gerookte zalm. Meestal hebben we genoeg voor twee dagen en dan krijg ik de overschot een dag later mee naar het werk. (Anders “offert” de echtgenoot zich meestal op voor onze restjes.) Onze koude schotels zien er ook altijd fantastisch uit: de echtgenoot is een pro in het schikken. En aangezien ik vooral “eet met de ogen”, werkt dat trucje elke keer.
  4. Pizza. Uiteraard eten we ook in de winter pizza, maar toch is het vooral een zomers gerecht. Het was jarenlang de vaste keuze van de oudste op haar verjaardagsfeestjes. Die steevast buiten doorgingen, héél vaak onder een stralend zonnetje. Waarbij de kinderen zich eerst hadden uitgeleefd in het zwembad, of met de waterballonnen. Intussen bakte ik een paar schotels pizza, die we dan buiten, onder de parasol, aan lange tafels verorberden, in fijn gezelschap. Ook onze favoriete keuze in Italië, waar ik de simpele pizza’s leerde verkiezen. Er is niets zo heerlijk als een pizza met olijfolie, ajuin, peper en zout. Of olijfolie, courgette, peper en zout. Of enkel olijfolie en peper en zout. Ja, ik vind een pizza bianca alle verdure (met groentjes) vaak minstens even lekker als de tomatensaus-variant.
  5. Een club-ciabatta. Voor mij hoeft er in de zomer niet per sé gekookt worden. Ik geniet minstens even hard van een vers broodje recht uit de oven. Nog een beetje lauw en knapperig, vol groentjes: sla, tomaten, komkommer, wortelen, een eitje, augurken en ajuintjes. Saus hoeft er niet bij, beleg ook niet per sé, maar een sneetje Hollandse kaas, Italiaanse Parmaham, onze “meesterlijke” hesp of een sneetje gerookte zalm mag gerust. En als we nog boontjes of bloemkool over hebben, prop ik er dat ook tussen. Met de nodige commentaar van de echtgenoot en de kinderen tot gevolg: “het steekt nauw zeker” of “die ene augurk ligt toch écht wel een beetje scheef, daar kan je best nog iets aan doen”.

Toscaans etenEén constante: lekker, vers en vooral véél groentjes, die net dit seizoen bomvol smaak zitten. Laat de zomer dus maar komen, wij zijn er volledig klaar voor. En als de zomer niet wil komen, kunnen we ‘m al in huis halen met onze gerechtjes. Koude schotel morgen? Pizza op maandag?

Advertentie

Vijf op Vrijdag: de zonnige zomerversie

20170512_184516[1]Ja, we waren deze week rap content. De temperatuur kwam voor het eerst dit jaar in de buurt van de 20 graden, het zonnetje scheen en heel even hadden we een zomers gevoel, inclusief de warmteonweders die uiteraard net huis hielden op het moment dat ik naar het station liep om mijn trein te halen. En een paraplu beschermt uitstekend, behalve blijkbaar de onderste 10 centimeters van mijn broek en mijn voeten. Die waren op een kleine 10 minuten volledig uitgeregend.

Het leverde alvast inspiratie op voor een zonnige Vijf op Vrijdag (met dank aan Boston, baby!). Want wat zijn de eerste dingen die ik doe als de zon (eindelijk) schijnt?

  1. Blote benen. Als de zon schijnt, dan haal ik de jurkjes en de rokjes boven. Dan mogen de blote benen na de lange donkere winterperiode eindelijk ook terug ademen. Dat er een hele voorbereiding aan voorafgaat om je benen summerproof te krijgen, is wel een ferm nadeel van het zomers zonnetje. En dat die benen nog melkwit zien na de lange, koude winter, daar moet je je ook overheen zetten. Maar kijk, als je ze blijft verstoppen in jeansbroeken, gaan ze nooit kleur krijgen.
  2. Nagels lakken. Zon betekent sandalen en dus tenen bloot. En dus moeten/worden de nagels gelakt. In een zonnig kleurtje uiteraard. En dan kan je in één beweging best ook je vingernagels een matching kleurtje geven. Liefst een héél vrolijk kleurtje. Nu moet ik wel eerlijk bekennen dat ik nagels lakken vooral veel gedoe vind en er niet bepaald handig in ben. Het kost me dus veel tijd, het is veel gepruts en binnen de paar dagen begint dat dan ook nog eens terug af te bladeren. De rest van de zomer denken we dan vooral “much ado about nothing” en laten we het meestal zo. Behalve tijdens het verlof. Dan hebben we toch niks beters te doen.
  3. Aardbeien eten. De eerste warme zonnestralen van het jaar zetten me altijd aan tot gezond eten: veel fruit en slaatjes. Bovendien valt die eerste zomerperiode meestal ook samen met de aardbeienoogst. Er is niks smaakvollers dan échte, verse aardbeien uit de tuin van mijn ouders. Als kind maakten we een soepje, met veel suiker. Nu mengen we de aardbeitjes ’s morgens met het normale fruitslaatje (banaan, blauwe besjes, kiwi) en proberen we onszelf tussendoor te bedwingen om niet het hele bakje leeg te eten. Met het einde van het aardbeienseizoen zit de gezonde dwang er vaak ook weer op: de zomer is immers ook de periode van cocktails, witte wijn en ijsjes ;-).
  4. De veranda openzetten. Onze veranda is de meest populaire plek van het huis, om te werken en te eten. In de winterperiode, als het ’s morgens nog donker en koud is, ontbijten we echter vaak in de keuken. Maar de dagen worden stilaan langer en in een lenteweekend durven we de veranda al inpalmen om lang te ontbijten. Of te brunchen. Of het ene naadloos in het andere te laten overgaan. Maar het moment dat het net warm genoeg is om de veranda voor het eerst open te zetten, al is het op een klein kiertje, is het fijnste moment van het jaar. Het gras kunnen ruiken, de warmte kunnen voelen en een klein beetje verkoeling door de wind. Zalig!
  5. Een boek lezen in de ligzetel. We hebben er maar twee, dus het is altijd even vechten. Maar de eerste keer dat het zonnetje warm genoeg is om de ligzetel uit te halen, een boekje erbij te nemen en een paar uurtjes te stelen in de zon, is altijd de fijnste. Vaak ook omdat je voor één keer de boel de boel laat, maar gewoon geniet van het zonnetje, van de warmte op je huid, van het zalige niksen. Zelfs het boek is op dat moment eigenlijk bijkomstig, maar je moet toch doen alsof je nog iets nuttigs aan het doen bent, niet?

Onze eerste keer in 2017 hebben we net achter de rug, maar van een tweede keer kan ik gerust ook nog genieten, hoor. En naar ’t schijnt wordt het de komende dagen ook nog mooi zomerweer. Mijn ligzetel is alvast al gereserveerd ;-).

Waar ik rustig van word…

Vijf op vrijdag, naar een ideetje van Boston, baby! Eerder hadden we het al over de (nutteloze) dingen waar ik goed in ben, mijn kleinere gebreken en mijn favoriete steden. Na een drukke werkweek ben ik toe aan een beetje rust. Laat ons het eens hebben over de dingen waar ik rustig van word. (De echtgenoot maakt hierbij de kanttekening dat ik er “rustigER” van word. Die zentoestand uit het boeddhisme is volgens mij immers een even grote mythe als Sinterklaas of de paashaas. Als je jong bent, geloof je er even in, maar al snel weet je dat ze je gewoon blaaskes hebben wijsgemaakt. Want hoe hard je ook je best doet, je komt zelfs nooit in de buurt van dat zen-ding.)

  1. Voetbal op tv. Ik kan wekenlang veel te weinig slapen tot ik er op den duur zelf ambetant van word, maar zet voetbal op en ik ben binnen de tien minuten vertrokken. Diep. Toen ik lang geleden een boontje had voor Lierse, was het zelfs zo erg dat ik hun wedstrijdverslag nooit haalde. Lierse, één van de kleintjes, werd meestal pas in de tweede helft van Stadion, na de reclame, geprogrammeerd. Ik wou die match dan écht zien, deed alle moeite van de wereld, zag vaak de sportjournalist na het reclameblok terug in beeld verschijnen… en viel dan prompt in slaap. Tot mijn frustratie. Gelukkig werd het programma toen nog op zondagmiddag herhaald. Enige uitzondering: de Rode Duivels. Dan leef ik te hard mee en ben ik zo zenuwachtig dat ik niet aan slapen toekom.
  2. Boeken lezen. Ik lees graag en veel en kan echt opgaan in een boek. Zo erg zelfs “dat er een bom naast jou mag ontploffen en je zou het nog niet horen” (dixit mijn moeder). Maar als ik ’s avonds laat in de zetel ga liggen met een boek en een dekentje, dan haal ik het einde van de bladzijde vaak niet. Dan lees ik drie zinnen, realiseer me dat ik niet begrepen heb wat er staat, probeer het nog eens en geef het dan maar op.
  3. De ochtendstond/voormiddag. Ik ben écht héél erg rustig in de voormiddag. Ik zeg dan niet geweldig veel en ik heb wat tijd nodig om wakker te worden. OK, we moeten eerlijk zijn: “wat tijd” duurt meestal tot ’s middags en dat ik rustig ben ’s morgens is gewoon een manier om mijn ochtendhumeur te verstoppen. Wat meestal niet erg goed lukt, maar na een kopje koffie en een krant ben ik in 90% van de gevallen opnieuw aanspreekbaar.
  4. In bed kruipen. Ik kan er zo van genieten om in ons bed te gaan liggen. Vooral als ik een paar uur eerder de lakens heb gewisseld. Het allereerste moment dat je in je bed kruipt, de lakens tot over je oren trekt en je even wroet om je goed te leggen, er is niks beter dan dat. Even uitrekken, een beetje draaien en keren tot je het juiste plekje en de juiste houding gevonden hebt en een zucht van gelukzaligheid slaken. Of na je vakantie voor het eerst terug in je eigen bed mogen slapen. Zalig!
  5. Dansen. Een goede fuif met af en toe een slowke en vooral veel rock en grunge uit de jaren ’90, maakt in mijn lijf endorfines vrij. Als je danst, voelt je lichaam zo ongelooflijk ontspannen aan. Dat je dan ook weer een heleboel lichaamsdelen en spieren ontdekt die je blijkbaar op andere momenten nooit gebruikt, neem je er dan maar bij ;-). Het geeft je een levendig en tegelijkertijd een aangenaam uitgeteld gevoel. Alleen jammer dat onze uitgaansdagen toch al een tijdje achter ons liggen. Bovendien rollen de kinderen nogal met hun ogen als wij het aandurven om hier thuis eens uit de bol te gaan. “Mamaaa, gênant! Noemden jullie DAT in jullie tijd dansen? Toch wel raar, zè.” Laat ons fietsen dan maar een goed alternatief noemen. Ook dat pept je op en telt je uit. Zonder commentaar van onze dochters…

Ik denk niet dat ik het nog lang volhoud: een drukke week zorgt ook voor een uitgetelde, trage vrijdagavond. Net als het blogonderwerp… Al was dat buiten de oudste gerekend: zij gaat uit. Kan er iemand die tieners eens laten weten dat hun ritme niet altijd compatibel is met dat van hun ouders? En dus hebben we op vrijdagavond dan maar de wekker gezet. Want mijn licht gaat gegarandeerd binnen het uur uit.

sleep

(www.someecards.com)

Mijn 5 favoriete steden

Vijf op vrijdag, naar een ideetje van Boston, baby! Zij deelde vorige week al haar 5 favoriete steden en bij deze doen ook wij een poging om onze top 5 samen te stellen.

Turijn 2016Dat er een Italiaanse stad tussen zit, zal mijn trouwe lezers zeker niet verwonderen. De keuze is zwaar: ik zag in Italië toch al redelijk wat steden en ze hebben allemaal hun charmes. Ik had voor San Gimignano kunnen kiezen, het leukste stadje in “ons” Toscane, maar ook Volterra, Firenze, Siena, Pisa, Rome en Assisi hebben vele troeven. En toch ga ik voor Turijn, Torino. Een stad die we pas deze zomer ontdekten. Een stad die ik altijd zwaar heb onderschat: in mijn hoofd was het een grijze, grauwe industriestad (Fiat) met een krakkemikkig voetbalstadion en een ploeg (Juventus) die typisch Italiaans catenaccio (klotevoetbal dus) speelt. Maar wat hebben we ons vergist! Turijn is absoluut de moeite van een bezoekje waard. Wij verloren er deze zomer ons hart en zullen er vast en zeker nog (vaak?) terugkeren…

Leuven is de Belgische stad die mijn leven op alle vlak veranderd heeft. Het was de stad waarvoor ik mijn dorpje voor het eerst verliet. Het was de stad waar ik eindelijk talen ging studeren, waar ik volwassen werd, waar ik mijn lief leerde kennen. Bovendien keerden we er sindsdien graag en veel terug. Leuven is een flashback naar een schone tijd (behalve in de examenperiode ;-)) en het is ook gewoon een gezellige en leuke stad. Je kan er lekker eten, we pikken er graag eens een filmpje mee en ook als winkelstad heeft Leuven vele troeven.

Tower BridgeDe echtgenoot begeleidde al jaren Londen-reizen, maar ik was er nog nooit geraakt. Tot hij me meenam en “zijn” Londen toonde. Het was liefde op het eerste gezicht, en dat voor een Romaniste in hart en nieren. Londen is gezellig en werelds. Ik heb er nooit het gevoel gehad dat ik in een miljoenenstad rondliep. Zolang je de winkelstraten maar vermijdt en je de Tower zo vroeg mogelijk ’s morgens bezoekt… Intussen keerden we er ook al eens terug met de dochters en ook zij genoten met volle teugen. Londen is en blijft de stad van Peter Pan, van Lady Di en van William Shakespeare.

Parijs. Evidemment! Een plek die geschiedenis ademt. Voor mij vooral de stad van Musée d’Orsay, het prachtige treinstation-museum waar je de fine fleur van het impressionisme vindt. Ik heb wel al eens de trein genomen om een dagje te gaan shoppen in Parijs. Ik heb de Eiffeltoren al verschillende keren gezien, ben naar de Notre Dame en de Sacré Coeur geweest en heb er alle toeristische must-sees afgevinkt. Parijs was ook het decor van een memorabele nacht op onze Frankrijkreis. Er was een overboeking geweest van ons geplande hotel en dus werd onze groep gesplitst. Wij kwamen in de wijk rond de Moulin Rouge terecht, in een op zijn zachtst gezegd dubieus hotelletje. Omdat de meisjes het niet vertrouwden, hebben we die nacht met een tiental op de jongenskamer geslapen. Daar kon de deur ten minste op slot en zat er geen gedroogd bloed op de matras… Maar voor de rest alleen maar veel liefde voor Parijs ;-).

CarcassoneTot slot wou ik ook nog een “oude” stad in mijn lijstje. Een stad uit mijn boeken. En dus kwam ik bijna spontaan uit bij Carcassonne. De stad van de Katharen. Daar heb ik heel veel over gelezen. Blijkbaar spreken die ketters ook nu nog steeds heel erg tot de verbeelding. Onder andere de boeken van Kate Mosse vertellen prachtige verhalen die vaak in deze streek hun wortels hebben. Het is altijd fijn om een plek te bezoeken waarover je zoveel gelezen hebt. Om de beelden in je hoofd aan de werkelijkheid af te toetsen. Carcassonne is prachtig. De stad op de heuvel. Van zodra je de stad in de verte ziet liggen, was ik al onder de indruk. Hier keer ik ooit nog terug.

Het lijstje is nog niet af. Natuurlijk niet. Er is nog zoveel te zien, er zijn nog zoveel steden die ik graag wil bezoeken. Misschien moeten we hier maar een jaarlijks terugkerend rubriekje van maken ;-)?