Een rode jas

In een stad werken heeft zo zijn voordelen. Dan kan je onder de middag snel wat boodschappen doen en dan stomweg de jas van je dromen tegen het lijf lopen. Dat overkwam me woensdag toen ik tijdens mijn middagpauze snel wat verzorgingsproducten dacht te kopen en terugkeerde met een schone rode mantel.

Ik was al een paar jaar op zoek naar een deftige mantel. Zonder succes. Telkens opnieuw tijdens het winterseizoen de winkels aflopen op zoek naar een tijdloos stuk. Min of meer neutraal, mooi afgewerkt en liefst nog schappelijk van prijs ook. En dat bleek de voorbije jaren telkens te veel gevraagd. Maar maak je geen zorgen: ik heb nog een knalrode sportieve wintervest, die ik gerust ook boven een rokje of jurkje durf te dragen. Zelfs in hevige kleuren… Ik geloof zelfs dat ze daar de hippe term colorblocking op geplakt hadden ;-). En daarnaast had ik ook nog een zwart manteltje van Esprit, maar dat had echt zijn beste tijd gehad. Dat was echt wel versleten aan de randen, maar aangezien ik geen alternatief vond, heb ik een paar jaar mijn ogen gesloten voor het verval.

Dat was overigens niet de eerste keer. Lang geleden ging ik vlak na mijn afstuderen nog een laatste keer shoppen met mijn moeder. Zij wou toen “een deftige mantel” voor mij kopen. Ik was afgestudeerd en dus meende zij dat ik er niet als een student kon blijven bijlopen. Dat ik in mijn studentenjaren een zwarte (volgens haar “rouw”)mantel van mijn oma prefereerde, kon er bij haar niet in. Dat was gedateerd, dat was oud, dat deed je niet. Achteraf gezien deed ik toen al van “vintage”, maar daar was mijn moeder het toen absoluut niet mee eens. “Geen stijl, niet deftig, en zo kon ik ABSOLUUT niet gaan werken.”

Enfin, het was die dag een vruchteloze strooptocht. Want als ik iets in mijn hoofd heb, dan kan ik daar koppig in zijn. Ook toen al kocht ik liever niks dan iets waar ik niet 100% achterstond (en dat ik dus zo min mogelijk zou dragen). Tiens, van wie zou de oudste dat trekje toch geërfd hebben? Tot mijn toen redelijk wanhopige moeder mij een winkel binnensleurde waar ze zelfs mantels op maat maakten. “Als je het hier niet vindt, dan zal je nergens je smaak vinden.”

Eerlijk, ik vond het van buiten gezien maar een ouderwetse winkel. Voor oude madammen, dacht ik toen en veel goesting om er binnen te gaan, had ik niet. Laat staan dat ik van plan was om er met een mantel terug buiten te stappen. Maar ik vond er wel een winterjas naar mijn zin. Een zwarte A-lijn, lang genoeg, met ingebouwde sjaal. Dol was ik op die mantel. Jarenlang was ik stiekem blij als de winter weer in aantocht was en ik mijn lievelingsjas weer mocht bovenhalen. Ik droeg er ook zorg voor: na elk seizoen bracht ik mijn mantel trouw naar de stomerij om hem zo lang mogelijk mooi te houden.

Het was een ruimvallende mantel. Ruim genoeg om een zwangere buik lekker warm te houden. En dus droeg ik de mantel nog altijd toen ik zwanger was van onze jongste, 10, 12 jaar later. Maar toen had de mantel écht zijn beste tijd gehad. Hij was écht versleten en na die winter heb ik ‘m met spijt in het hart in de kledingcontainer gedropt. Jammer genoeg bleek “de oude madammenwinkel van toen” intussen gestopt. Ik had toen liefst gewoon terug dezelfde mantel gekocht ;-)! De jaren erna was het behelpen. En dan maar iets nemen dat het meest in de buurt kwam van het ideaalbeeld, maar het toch net nooit was.

De laatste 3 jaar heb ik veel rondgekeken en gezocht, maar nooit gevonden. En dus lieten we het maar zo. Ik had nog een mantel en na alweer een vruchteloze zoektocht vond ik dat die uiteindelijk nog nét door de beugel kon. Tot woensdag dus. Snel even langs de Inno om wat verzorgingsspulletjes te halen. Toch even op de vrouwenafdeling passeren: ik heb ook nog minstens één dikke winterpull nodig, maar ook daar weet ik perfect wat ik wil. Alleen jammer dat die modeontwerpers daar nooit rekening mee houden ;-).

rode jasOp weg naar beneden vanuit je ooghoek één rood manteltje spotten. Toch maar even gaan kijken en het toevallig in jouw maat vinden. En eigenlijk onmiddellijk voelen dat dit het is. Het passen en gewoon weten dat het perfect is. Geen moment twijfelen en het mee naar huis nemen. Thuis keifier je aanwinst showen. De dochters en de echtgenoot die (gelukkig) ook enthousiast reageren. Of het wel warm is? En of het wel praktisch is? Bwah, is dat echt belangrijk ;-)?

De jas daarna voorzichtig weghangen, want we sparen ze nog voor de feesten… want zeg nu zelf, als dat zwarte manteltje vandaag nog door de beugel kan, dan lukt dat ook nog wel tot Kerstmis zeker? Want nu we eindelijk de ideale mantel gevonden hebben, wil ik daar minstens 10 jaar van kunnen genieten ;-)!

Advertentie

Imelda Marcos

Een nieuw seizoen, een nieuw paar schoenen. Toen we op het einde van de vakantie voor de dochters op schoenenjacht gingen, nam de mama de gelegenheid te baat om zelf ook eens rond te kijken. En toen viel mijn oog op een prachtig paar zwarte enkellaarsjes. Hoog gehakt uiteraard. Ik ben intussen al zo ver geëvolueerd dat het af en toe toch wel handig kan zijn om een paar All Stars in huis te hebben (alhoewel, ze spannen…). En op mijn paar platte sandalen uit Firenze ben ik nog altijd dol.

Maar we moeten eerlijk zijn: als ik op zoek ga naar een nieuw paar schoenen, dan zoek ik hakken. Pas nadat ik al wekenlang door weer en wind gestapt, gelopen en gestrompeld heb, wil ik een andere, lagere, optie overwegen. Daar zijn we voorlopig nog niet. Het heeft hier nog niet gesneeuwd en een beetje regen/wind brengt me nog niet uit mijn evenwicht (letterlijk dan).

Ik had de laarzen echter niet gekocht. De oudste vond ze nogal “punk” en dat bracht me aan het twijfelen. Echt goedkoop waren ze ook niet en dus besloot ik te wachten op de solden. Als ze er dan nog waren, waren ze voor mij bestemd. Als ze er niet meer zouden zijn, zou ik er toch een klein beetje spijt van hebben. Maar met mijn maatje 36 kan ik het wel riskeren om een gokje te wagen.

zwarteenkellaarsjes_miniMaar een paar weken geleden, op winkelstrooptocht met de jongste, dook ik toch even terug de schoenwinkel in. Ze waren er nog én ze gaven korting. En aangezien ik nog een bonnetje had, ging er toch een serieus bedrag af. En toen twijfelde ik niet meer. De reacties thuis waren eigenlijk vrij lauw. “Heb je ze dan toch gekocht, mama?”, zei de oudste. “Toch wel wat gothic, niet?” En ook de echtgenoot, die uiteraard kan buigen op een uitgebreide kennis van de mode der vrouwenschoenen, gebruikte hetzelfde woord. Maar ik vond het net leuk dat ze wat “stoerder” waren. Ik vond het contrast wel leuk tussen mijn vrouwelijke jurkjes en rokjes en dan die “gothic” boots eronder.

Voor jullie nu echt denken dat ik de Imelda Marcos van de Kempen ben: eigenlijk heb ik niet zoveel schoenen. Voor de winter heb ik in totaal 2 paar hoge boots, 2 paar enkellaarsjes en een paar sneeuwlaarzen (lage jawel, heel af en toe durf ik ook écht praktisch denken). Per seizoen koop ik één of maximum 2 paar. En de tijd dat ik dat deed aan volle prijs, ligt intussen toch al jaren achter ons.

Daarnaast probeer ik zuinig te zijn op mijn schoenen. Vroeger kreeg ik mijn moeder gek door een nieuw paar 3 maanden aan één stuk door te dragen, tot ik ze helemaal kapotgelopen had. Ik slaagde er nooit in een verzameling op te bouwen, want na één seizoen was de hiel kapot, zat ik door de zijkanten of had ik ermee gevoetbald en was het leer vooraan helemaal versleten. Afwisselen deed ik niet want ze waren nieuw, ze zaten zo goed en mooie schoenen moet je toch showen?

cognacenkellaarsjes_miniToen ik met de echtgenoot ging samenwonen, was zijn verzameling schoenen dan ook groter dan de mijne. Hij had ook de gewoonte van een of twee keer per jaar ineens een aantal paar tegelijk te kopen: geklede schoenen, meer sportieve schoenen, vrijetijdsparen,… Een Aha-Erlebnis kreeg ik toen ik zag dat hij dan ook jarenlang met hetzelfde paar verder kon, door constant af te wisselen. En dus ben ik mijn schoenenverzameling stilaan wel beginnen uitbouwen. Probeer ik liever te investeren in kwaliteit en regelmatig af te wisselen. (Al zit ik momenteel toch terug met 2 paar waarvan ik dringend de hak moet laten herstellen,…)

Toen het vorige week stormde, liet ik mijn nieuwste aanwinsten dan ook braafjes in de kast. Want ik wil nog even de illusie van de perfectie koesteren en gewoon genieten van mijn mooie, nieuwe (gothic, ok) laarsjes ;-)!

Modetips van tienerdochters voor hun hopeloze moeder

Mijn lievelingsbloemenjurkIk zie graag mooie kleren en ik kleed me graag mooi. Het heeft wel een tijdje geduurd voor ik een onderscheid kon maken tussen wat ik mooi vond en wat me stond of flatteerde. De wijsheid kwam in de loop der jaren, na vele mislukte experimenten.

En ik leer nog altijd bij, vooral onder impuls van mijn 2 tienerdochters. Zij zorgen er mee voor dat de mama niet vastroest in een bepaalde kledingstijl, maar dat ze af en toe eens nieuwe dingen probeert, met wisselend succes weliswaar ;-).

  1. Een legging is géén broek. Daar was de oudste héél erg stellig in. Want “dan zie je alles, elk putje, elk kwabbetje”. Tot de mama vertelde dat haar favoriete outfit in haar studentenjaren een zwarte legging met witte bolletjes was, met daarover een oversized pull. Algemene hilariteit, ongeloof in de ogen van de dochters en je zag hen gewoon denken dat er nog veel werk aan de winkel was.
  2. Olifantenpijpen zijn afgrijselijk! Toen we zaterdag gingen shoppen, had ik een bootcut jeans aan. En “straight” kon je ze vanonder niet bepaald noemen. En dus liet de oudste zich langs haar neus weg ontvallen dat het tijd werd dat ik nog eens een skinny jeans kocht, want “degene die je nu aan hebt, is toch écht niet mooi meer hoor, mama, daar kan je echt niet meer mee gaan werken”. En zeggen dat ik ergens in de jaren ’90 nog échte olifantenpijpen droeg. Om van mijn kinderjaren ’70 nog maar te zwijgen.
  3. Streepjes zijn zo hard mode en ik had écht mijn zinnen gezet op een mooi gestreept truitje à la Parisienne. Tot ik het aanhad en de oudste droogjes opmerkte dat het me echt niet flatteerde. Ik denk dat haar exacte woorden waren: “het maakt je dikker, mama”.
  4. Oppassen met prints, vooral geen grote bollen! Het mag gewoon niet te opvallend zijn. Alhoewel ze wel dol zijn op mijn bloemenjurken. Zo erg zelfs dat de oudste op vakantie mijn jurk eruit pikt om naar feestjes te gaan. Ja, we delen voorlopig nog dezelfde maat, maar om één of andere reden ben ik niet degene die daarvan profiteert.
  5. Ook mijn kostuumvestjes zijn erg geliefd. Ik heb een zwart, ecru, geel, rood, hemelsblauw en donkerblauw. Ik draag dat graag: het maakt een nonchalante outfit meteen gekleder. Ik draag het zowel op jurkjes, rokjes als op een gewone jeans. En ook de oudste vindt mijn zwarte jasje het perfecte item om haar outfit af te maken. Tijdens de wintermaanden hangt het dan ook bijna standaard in haar kleerkast. Zo erg dat ik eraan denk om stiekem een tweede zwart te kopen dat ik dan voor mezelf kan bewaren.
  6. Crop tops zijn niks voor mama’s. Mama’s tonen geen blote buiken. Dat is gênant. Gelukkig heb ik al sinds het derde middelbaar absoluut geen ambitie meer in die richting.
  7. Hoe kort mag een rok zijn bij de mama? Tot net boven de knie vinden de dochters. In de winter zijn ze net iets minder streng, dan kan je immers veel verstoppen met dikke panty’s. Het was de jongste die de laatste keer in mama’s lievelingswinkel een jurkje uit de rekken nam met een toch wel opvallende seventiesprint. En wat korter dan normaal. De oudste trok al onmiddellijk een bedenkelijk gezicht (ik trouwens ook), maar toen ik het aanhad, was het absoluut liefde op het eerste gezicht.
  8. De jeansshort: Jani heeft ongelijk. Op vakantie, in een warm zonnig land, geven mijn dochters de voorkeur aan een korte short, zelfs voor hun bijna 42-jarige mama. Shorts met iets bredere pijpen tot net boven de knie zijn gewoon lelijk en de smalle varianten tot net boven of net onder de knie, worden nipt getolereerd. Als het dan toch echt moet. Spannende legging-achtige shortjes zijn een absolute no-go, in alle omstandigheden.

Het is intussen al zover gekomen dat als we samen gaan winkelen (met wat vriendinnen erbij, voor hen én voor mij) en we even opsplitsen, de oudste mij al verwittigt: “en niks kopen zonder dat ik het gezien heb hé mama, bel maar als je iets vindt, dan kom ik wel even kijken”. Zij is gelukkig wel begiftigd met feeling voor mode, voor kledij én voor accessoires en dus luister ik (meestal) wel naar haar goede moderaad. En dan heb ik voorlopig nog geluk dat de jongste nog net niet into shopping is…

Missie platte sandalen…

Het zonnetje schijnt, de oudste heeft vrij na examens, de mama een dagje recup en in het Kempische Heist-op-den-Berg begint de braderij. Het ideale moment voor de zomerkoopjes 😉 En dus trokken wij al deze voormiddag met een lijstje vol “must haves” naar de Bergstraat.

boeken_miniOp mijn lijstje stonden boeken én platte sandalen. Het belooft volgende week immers een stralende week te worden: tijd dus om de ligzetels weer boven te halen én me met een boek in de tuin te installeren… Tja, en als we eenmaal beginnen lezen dan gaat het hier vooruit. Mijn lijstje is een combinatie van een paar aangeprezen toppers (La Superba, Augustus) en vooral de typische luchtige zomerromannetjes à la Santa Montefiore… Ik kan niet wachten om eraan te beginnen 😉

En dan de missie “platte sandalen”. Na de succesvolle test met de All Stars had ik vrij snel besloten om ook een paar platte sandalen aan mijn schoenencollectie toe te voegen. Kwestie van de stadsbezoeken op reis toch net iets aangenamer te laten verlopen. Om ook in de late namiddag nog deftig te kunnen stappen… En dus was ik vorige week al even op exploratie geweest. En ik had ze gevonden: het ideale paar platte sandalen. Alleen peinsde ik er uiteraard niet over om de sandalen meteen te kopen, één week voor de braderij, de start van de Heistse solden. Ik was niet van plan om nog de volle pot de betalen.

En dus begon ons bezoekje aan de braderij met een bezoekje aan de winkel van mijn sandalen. Die echter niet meer in het uitstalraam stonden en ook in de winkel zelf nergens meer te vinden waren. Er waren nog wel platte sandalen, maar als ik ergens mijn zinnen op gezet heb, dan neem ik geen genoegen met een troostprijs. Geen platte sandalen dus.

Op de terugweg naar huis stopten we nog even in de tweede schoenwinkel. En daar werd ik wel op slag verliefd op een paar schitterende schoenen. Mooie kleur (die nog niet in mijn kast stond) én gemakkelijk aan de voet. Met stevige korting. En dus voegden we nog een zakje toe aan onze buit. Klein detail: het zijn geen platte sandalen. Maar ach, dan doen we de stadsbezoekjes toch gewoon op onze All Stars?

pumps_miniGeef nu toe: zo’n mooie pumps, die kon ik toch niet laten staan 😉

Een dagje op sneakers

baskets_miniDonderdag ging ik voor het eerst in mijn professionele leven een hele dag op sneakers werken. En om de spanning maar meteen weg te nemen: het was voor herhaling vatbaar 😉 Al waren er toch een paar lessen te trekken.

Toen ik ’s middags naar het werk vertrok, raadde de echtgenoot me aan om een paar reserveschoenen mee te nemen “voor als ik veel zou moeten rondlopen en het echt niet zou gaan”. Ja, wij hadden die conversatie écht op een dag dat ik platte schoenen zou aantrekken om te gaan werken. Een normale vrouw neemt een reservepaar platte schoenen mee als ze hakken aandoet op een feest of zo. Ik neem een reservepaar hakken mee als ik voor het eerst op platte schoenen ga rondlopen 😉 Ik heb mijn reservesandalen overigens niet nodig gehad.

Het was toch even schrikken toen ik de mensen met wie ik dagelijks werk zonder hakken ontmoette. Tja, “Nele op ware grootte” scheelt toch minstens 10 cm tegenover de versie op hakken. Dat verschil merk je, meteen. Grappig!

Je loopt ook gewoon anders op sneakers dan op hakken. Waar ik met hakken vooral op mijn tippen loop, loop ik met sneakers op mijn hele voet én voel ik vooral de hak van mijn voet. Het is net of je je voet anders afrolt: vooraan versus achteraan. En dat voelde ik vrijdagmorgen ook. Mijn kuitspieren waren een klein beetje stijf, net of ik ze een beetje overstrekt had.

Een sneaker voelt ook heel anders aan je voet dan een sandaaltje of een pump. Ik had het gevoel dat mijn voeten wel heel strak ingesnoerd waren. OK, ik had de sneakers in het begin vol enthousiasme net iets te strak aangetrokken, maar ook nadat ik wat gelost had, voelde ik mijn schoenen een hele dag zitten. Dat ben ik niet gewend. Ik kan ook niet zeggen dat het een onaangenaam gevoel was, maar het voelde anders dan normaal. En eerlijk, ik voel me op hakken eleganter én vrouwelijker.

Een ervaring rijker ben ik vrijdag toch opnieuw op hakken gaan werken. Het regende immers en ik wou mijn mooie witte sneakers nog even wit houden 😉

Love at first sight: schoenen ;-)

CINDERELLA_largeIk ben dol op schoenen. Hoge schoenen. Hoe hoger, hoe liever. Ik denk dat ik sinds mijn achttiende geen lage schoenen meer gedragen heb. Tenzij om te trainen. Het zou redelijk belachelijk zijn om dat op je hakken te proberen 😉

Alhoewel. Ik heb wel meer dingen op hakken gedaan waar een normale mens zich niet aan zou wagen. 4 dagen citytrip Londen. Enkel hakken mee, waaronder een nieuw paar schoenen, nooit eerder gedragen. Het wordt pijnlijk (letterlijk én figuurlijk) als je de laatste dag de All Stars van je oudste moet lenen omdat je écht niet meer op je nieuwe schoenen kan lopen. Oorzaak: een grote blaar op de onderkant van je voet… Misschien voor de verandering toch maar eens een eigen paar All Stars kopen voor we op vakantie trekken dit jaar?

schoenen1_miniEn laat ons eerlijk zijn: ik ben ook niet meteen het elegante slentertype. Ik stap door, tegen een stevig tempo. Je hoort me letterlijk aankomen. Vroeger had ons moe het over een bende olifanten die de trap op denderden (ja, dat ben ik, in mijn eentje), nu hoort men op het werk mijn aanwezigheid voor men mij te zien krijgt…

En zetten wij een stapje in de wereld, dan mag ik van geluk spreken dat we meestal hand in hand lopen. Want wees gerust: dat éne putje in het voetpad of die ene voeg die verdwenen is, ik vind die én ik verstap mij. Gelukkig heb ik flexibele enkels én een fantastische bewaarengel.

schoenen2_miniIk heb geen ideale voeten. Kleine voeten: maatje 36. Dat heeft één groot voordeel: ik kan gerust wachten tot de koopjesperiode om mijn goesting nog te vinden. Mijn kleine voeten zijn helaas niet bepaald fijn. Niet elke type schoen zit goed of past. En dus ga ik elk seizoen op zoek naar een nieuwe variatie op hetzelfde thema. Stevige schoenen, maar toch Italiaans sierlijk. Met bandje om ze aan mijn voet te houden én met een stevige hak (zowel in de hoogte als in de breedte).

Naaldhakjes, ik heb ze geprobeerd. De echtgenoot heeft er nog nachtmerries van. Ik ook trouwens. Probeer maar eens gracieus te blijven, op naaldhakken, op de kasseien in Leuven, tijdens het prille begin van je relatie (als je nog indruk wil maken). Ik kan je garanderen: het mislukt grandioos als je om de 5 stappen kwakkelt of ternauwernood op je gezicht gaat. Langs de andere kant: hij wist meteen wat voor vlees hij in de kuip had 😉

schoenen3_miniMaar af en toe gebeurt het dan: liefde op het eerste gezicht. Dat éne paar schoenen dat je moet hebben. Ze waren duur. Maar ik heb gegokt. De solden afgewacht en ze uiteindelijk een jaar later in de outlet op de kop getikt voor een kwart van de oorspronkelijke prijs. Dan kan je het nooit een miskoop noemen.

Zelfs niet als je er eigenlijk niet op kan stappen (aangezien ze van mijn voeten glijden (gebrek aan bandjes weet je wel) en ze toch wel heel hoog zijn als je ze verliest. Maar ze staan zo mooi. En ik sta er zo mooi op. Letterlijk dan, want staan is het enige wat ik ermee kan doen. Eén voordeel: ik zal er nog lang op staan, want ze zullen niet snel verslijten 😉

Wat heeft jullie voorkeur: een mooie of een praktische schoen? Laten jullie je wel eens verleiden door dat ene paar waar je eigenlijk niks mee kan doen maar waar je graag naar kijkt?

Allemaal rokjes

Lente. De zon schijnt soms al prachtig (ook al wil de temperatuur momenteel nog niet echt mee) en dus is het blote benen-tijd! Ik kan daar echt van genieten. Na een hele winter (dikke) laagjes, broeken, nylonkousen, mag alles eindelijk weer ademen. OK, de benen zijn nog bleek en hebben nog wat zon nodig, maar als we ze blijven verstoppen zal dat ook niet lukken hé 😉

En dus halen we de rokjes en de jurken boven. Zalig! Als ik écht zou moeten kiezen, dan gaat mijn voorkeur uit naar de kleedjes. Simpel: één stuk aantrekken en je bent gekleed. Bij rokjes moet je toch altijd nog wat combineren en dat vind ik niet altijd even simpel. Al heb ik in de loop der jaren veel gespiekt, veel foto’s en paspoppen bekeken én veel geleerd. Ik laat me intussen ook adviseren. Door de verkoopsters bijvoorbeeld. Zij weten immers het best wat er bij een bepaald rokje hoort of wat je er het best mee combineert.

Bovendien heb ik een persoonlijke stiliste. Twee zelfs intussen. De dochters gaan sinds een paar jaar mee shoppen. De oudste al uit vrije wil, de jongste soms nog onder lichte dwang 😉 Maar zij zijn héél kritisch. “Neen, mama, dat is veel te oud.” Soms is het genoeg de gezichten te zien als je het pashokje uitkomt. Dan zitten ze daar met twee “neen” te schudden en dan hoef ik eigenlijk al niet meer in de spiegel te kijken.

Ik heb intussen ook mijn vaste merken en mijn vaste winkels. En ik kies voor kleur. Mijn puberteit was – tot wanhoop van ons moe – al zwart genoeg 😉

Rokjes Nele_mini

En genieten jullie ook zo van de eerste zonnestralen? Komen bij jullie dan ook meteen alle rokjes en jurkjes uit de kast?

Blij om geen 14 meer te zijn

Outfit1_miniNog eentje in het kader van #projectblogboek: “Post foto’s van je outfit van de dag”. Beetje een vreemde opgave voor mij want ik ben geen fashionista. Nooit geweest.

In mijn tienerjaren ergens halverwege de jaren ’80 was ik een halve jongen en moest een outfit vooral makkelijk zijn, zodat je nog kon sporten. Wij speelden toen netbal én volleybal op de speelplaats. Dat lukt niet zo goed met minirokjes.

De standaardoutfit toen was een jeans met een (zwart) t-shirt of sweater. Dé uitgangsoutfit later aan de unief. Er werd toen nog gerookt op fuiven en in de cafés, dus je beste spullen deed je toen niet aan om uit te gaan. Ik denk trouwens niet dat ik in die tijd veel rokjes, laat staan jurkjes, had. Het waren dan ook de grunge-jaren ’90.

Outfit2_miniEr is dus wel een en ander veranderd in de loop der jaren. De rokken en jurken hebben hun intrede gedaan. De halve jongen is een meisje geworden. Het heeft geholpen dat ik ergens onderweg mijn tienerrolletjes kwijt geraakt ben.

Het zwarte uit de puberteit is ook verdwenen. Kleur is in de plaats gekomen. Veel kleur. Felle kleuren. Ik hou van rood, blauw, oker, roze en het mag gerust vlammen.

Het grote voordeel van ouder worden, is dat je jezelf leert aanvaarden, met je sterke en je zwakke punten. Na veel experimenten weet je wat je moet dragen om je sterke punten te benadrukken en je zwakkere punten te maskeren. Je hoeft niet meer slaafs de trends achterna te hollen. Blij dat ik geen 14-jarige puber meer ben 😉

Outfit3_miniJe verkiest ook hoe langer hoe meer kwaliteit boven kwantiteit. Ik heb een aantal degelijke basisstukken, die ik dan aanvul met (goedkopere) pulletjes. Bovendien heb ik leren combineren. Eenzelfde jurk kan er heel anders uitzien met een rood of blauw truitje. Of het wordt meteen een heel stuk professioneler als je in plaats van een pulletje een vestje op je rokje draagt.

Leuke merken vind ik Lucy has a secret, Avalanche en Billi Bloom. Wel niet goedkoop, dus ben ik een meester geworden in solden, mid-season sales, stockverkopen en het inruilen van bonnetjes. Die merken combineer ik dan meestal met Esprit en Mexx. Zij hebben goede basisstukken.

Outfit4_miniShoppen doe ik eigenlijk niet graag. Ik heb een aantal winkels in de buurt waar ik vaak mijn gading vind. Ik neem meestal de dochters mee. Als zij menen dat een bepaalde outfit “te oud” is, zal de mama het niet kopen.

Maar een paar keer per jaar gaan shoppen met een vriendin is wel altijd leuk. Niet voor de buit, maar wel voor de vele babbels, het passen, het gezellig lunchen. ’t Is trouwens al een tijdje geleden…

Deze winter is het wel wat moeilijker om mijn ding te vinden. “Lucy” kon me dit seizoen niet zo bekoren. Ik vond het nogal “oud”. Bovendien vond ik de hele wintermode nogal zwart en grijs. En die zwarte grunge-periode ligt met mijn puberteit nu toch al een tijdje achter mij 😉

Outfit5_miniMijn zwakke punt zijn wel de accessoires. Hoe je die dingen op elkaar moet afstemmen, daar heb ik geen gevoel voor. Ik heb geen sjaaltjes, ik heb maar één (cognackleurige) handtas (die ik dus altijd bijheb). De oudste heeft daar wel gevoel voor, ik probeer van haar te leren.

Als jullie dus tips hebben om deze winter wel kleur in mijn outfits te brengen, stuur ze gerust door. Wat zijn jullie favoriete merken? Waar gaan jullie shoppen?